zaterdag, juni 15, 2019

Nog maar eens over Cannabis

Cannabis wordt geteeld als grondstof voor vezels (vezeltype of vezelhennep) of voor wiet (drugtype). Bij het drugtype gaat het om de stof delta-9-tetrahydrocannabinol (THC), een psychoactieve stof die vooral in de vrouwelijke toppen van wietplanten in hoge concentraties aanwezig is en bij gebruik een high gevoel kan veroorzaken. THC is overigens in de plant aanwezig als THCzuur en komt pas vrij na verwarmen.

Vezelhennep is een landbouwgewas dat een substantiële hoeveelheid cannabidiol (CBD) bevat, een stof zonder psychoactieve effecten. De gedroogde bloemknoppen van vezelhennep mogen niet meer dan 0,2% THC bevatten. Uit vezelhennep geëxtraheerde CBD wordt in een lage dosering in Nederland als voedingssupplement onder de naam CBD-olie toegestaan. Daarbij geldt wel de eis dat het THC-gehalte in deze olie niet hoger is dan 0,05%.

Naast THC en CBD bevat cannabis meer dan zestig andere cannabinoïden. Medicijnen op basis van THC kunnen worden voorgeschreven bij multiple sclerose (MS), bij chronische zenuwpijn zoals bij fibromyalgie, bij misselijkheid en onvoldoende eetlust door bijvoorbeeld chemotherapie, bij glaucoom  en bij tics zoals bij het syndroom van Gilles de la Tourette.
De combinatie van THC en CBD wordt eveneens voorgeschreven bij MS en een CBD-olie van farmaceutische kwaliteit wordt ingezet bij het Dravetsyndroom, een zeldzame en ernstige vorm van epilepsie.

Toedieningsvormen voor medicinale toepassingen zijn inhalatie met behulp van een verdamper, orale inname van thee of olie, via een mondspray en als een zalf die uitwendig wordt toegepast. Toediening via een verdamper heeft een snel effect en de dosering is goed te controleren. Bij een thee van cannabis vindt geen volledige omzetting plaats van THC-zuur in THC en vanwege de slechte oplosbaarheid in water moet er een vettige stof zoals koffiemelk aan worden toegevoegd. Zo wordt echter een weinig stabiele oplossing verkregen die daardoor ook maar kort houdbaar is. Bij het gebruik van medicinale cannabis geldt het advies ‘start low, go slow’, wat bijvoorbeeld betekent dat in een periode van twee weken de einddosering moet worden opgebouwd. Het gebruik van medicinale cannabis op basis van THC is echter niet zonder gevaren en moet daarom worden afgeraden aan jongeren, personen met aanleg voor psychoses en verslavingen en bij bepaalde hartklachten.

woensdag, juni 12, 2019

Stress en Passiflora

Chronische stress leidt op termijn onder andere tot een langdurige verhoging van het stresshormoon cortisol. Dit heeft naast lichamelijke effecten, waaronder hypertensie, insulineresistentie en verstoringen in de immuunreactie, ook psychische effecten die kunnen leiden tot angststoornissen, burn-out of depressie. 

De niet-medicamenteuze behandeling bij chronische stress berust op bewustzijnsverbetering en ontspanningstechnieken. Dit kan worden aangevuld met een medicamenteuze behandeling met benzodiazepines of barbituraten. Deze hebben als groot nadeel dat ze tot afhankelijkheid kunnen leiden, een effect dat al bij relatief kortdurend gebruik optreedt.

Passiflora sp.
Er zijn fytotherapeutische alternatieven, en passiebloem (Passiflora edulis Sims., voorheen P. incarnata L.) is veelbelovend. De passiebloem wordt volgens verschillende kruidenmonografieën gebruikt bij zenuwachtige rusteloosheid (Commission E), spanningen en slaapstoornissen (ESCOP), milde stresssymptomen en ter promotie van de slaap (EMA). Passiebloem heeft mogelijk vergelijkbare effecten bij een gegeneraliseerde angststoornis als 30 mg van de benzodiazepine oxazepam. Verder lijkt passiebloemextract pre-operatieve angstklachten te verminderen en heeft het een positief effect op kinderen met ADHD. Verschillende onderzoeken bevestigen de rustgevende en anxiolytische effecten van passiebloem op het centrale zenuwstelsel.

De werkzame stoffen uit passiebloem met een effect op het centrale zenuwstelsel omvatten alkaloïden waaronder harman en harmol, flavonoïden waaronder chrysin, apigenin, vitexin en orientin en verschillende andere polyfenolen. Inmiddels is duidelijk geworden dat het werkingsmechanisme tot stand komt door middel van modulatie van het GABA-systeem.

GABA en het centraal zenuwstelsel.
De neurotransmitter gamma-aminoboterzuur (GABA) heeft een remmend effect binnen het centraal zenuwstelsel. Een lage concentratie GABA wordt geassocieerd met zenuwachtige rusteloosheid, angst- en slaapstoornissen. Chronische stress remt het GABA-systeem, waardoor het aantal GABA-specifieke neuronen in de hippocampus afneemt en cognitieve processen worden geremd. Er zijn twee soorten GABA-receptoren in de hersenen, namelijk GABAA- en GABAB-receptoren. De GABA-receptor heeft actieve GABA-bindingsplaatsen en diverse allosterische* bindingsplaatsen die de receptoractiviteit kunnen beïnvloeden.

Barbituraten en benzodiazepines werken op de GABAA-receptor en zijn, net als ethanol, positieve allosterische modulatoren. Verschillende in vitro- en in vivo-bindingsstudies met passiebloemextract laten effecten zien op beide GABA-receptoren [1]. Deze bevindingen zijn de resultaten van studies die uitgevoerd zijn met een passiebloemdroogextract (5-7:1, extractie in 50% ethanol [v/v]).

Passiebloemextract heeft op verschillende manieren invloed op het GABA-systeem in het centrale zenuwstelsel. Passiebloemextract remt de GABA-heropname en bindt aan de GABA-bindingsplaats van de GABAA-receptor. De planteninhoudsstoffen binden niet aan de GABAA-receptorbindingsplaatsen waar benzodiazepines en alcohol binden. Daarnaast heeft passiebloemextract een antagonistisch effect op de GABAB-receptor. Doordat inhoudsstoffen van het plantenextract niet binden aan de allosterische bindingsplaatsen van benzodiazepines en ethanol op de GABAA-receptor, veroorzaakt passiebloemextract geen afhankelijkheid. Passiebloem lijkt daarmee een effectief en veilig alternatief voor barbituraten en benzodiazepines bij milde stresssymptomen die leiden tot zenuwachtige rusteloosheid, angst- en slaapstoornissen.

REFERENTIES | [1] Hoffmann C. et al. Wirkmechanismus der Passionsblume aufgeklärt. Z Phytother. 2014; 35:215- 218. [2] Dhawan K. et al. Passiflora: a review update. J Ethnopharmacol. 2004;94(1):1-23. [3] Appel K. et al. Modulation of the γ-aminobutric acid (GABA) system by Passiflora incarnata L. Phyther Res. 2011;25(6):838-843. [4] Passion flower Monograph: Natural Medicines Comprehensive Database. http://naturaldatabase.therapeuticresearch. com, geraadpleegd op 16.12.2018. [5] Carrasco MC. et al. Interactions of Valeriana officinalis L. and Passiflora incarnata L. in a patient treated with lorazepam. Phyther Res. 2009;23(12):1795-1796

 *Allosterie komt van het Griekse allos (anders) en stereós (plaats) en betekent ‘op een andere plaats’. Een receptor kan meerdere, verschillende bindingsplaatsen hebben. Ten eerste heeft een receptor een actieve bindingsplaats, in dit geval de plek waar GABA bindt, wat leidt tot receptoractivatie. Daarnaast kan een receptor tevens een of meerdere plaatsen bezitten waar een ander molecuul aan kan binden: een allosterische bindingsplaats. Als een molecuul bindt aan een allosterische bindingsplaats dan verandert de ruimtelijke structuur van de receptor zodanig dat de actieve bindingsplaats van vorm verandert, waardoor de werking van de receptor wordt beïnvloed. In dit voorbeeld bindt GABA aan de actieve bindingsplaats van de GABAA -receptor. Barbituraten en benzodiazepines binden op een andere plaats dan de actieve bindingsplaats (dus op een allosterische plaats) en versterken de werking van GABAA . Een agonist is een stof die aan een receptor kan binden en daarmee de receptor activeert. Een antagonist kan aan een receptor binden, maar dat heeft geen activatie van de receptor tot gevolg. Een antagonist kan wel de werking of het effect van een agonist remmen.