zondag, januari 26, 2020

Over robertskruid

Nog lang geen lente. Zeker niet. Toch zien we al veel jong groen, zeker hier in Bretagne, waar de winters toch wat zachter zijn. Ook veel eetbaar groen, ook in onze bostuin, voedselbos mag ik dat volgens de hedendaagse modieuze normen noemen. Vooruit dan maar....speenkruid, weegbree, vogelmuur, veldkers en ook robertskruid vinden we volop.

Over Robertskruid, Geranium robertianum
Het groeit graag op schaduwrijke plekken al kan het ook wel op zonnige plekken overleven, maar het blijft dan klein, roder van kleur en bleker van groen. Allemaal noodmaatregelen om de felle belichting aan te kunnen. Robertskruid is een Geranium, maar een andere dan die van bloembak en vensterbank; dat is een Pelargonium.
Robertskruid ruikt opvallend, volgens sommigen prettig volgens anderen vies. Is het een zachte
april, dan bloeit het al als de nachtegaal gaat zingen, als er tenminste nog nachtegalen zijn. Is denazomer zonnig, dan bloeit het door tot voorbij het vertrek der zwaluwen. Het is volgens de dichter Wordsworth 'summer's brightest scarletflower'. Als alle ooievaarsbekken draagt het lange, gesnavelde
vruchten. Het robertskruid moet zich elk jaar weer uitzaaien. Vijf lang-gesnavelde vruchtjes schieten in vijf richtingen vijf gladde zaadjes uit een open muiltje weg, onder een hoek van ongeveer 45 booggraden. Dat is volgens de leer der kogelbanen, luchtweerstand niet meegerekend, de beste hoek
om zo ver mogelijk te schieten.

Het is geen gereputeerd geneeskruid, weinig wetenschappelijk onderzocht maar toch ook al weer van oudsher in gebruik. Of het, zoals Mellie Uyldert beweert, de radioactiviteit kan neutraliseren, lijkt mij nog al hoog gegrepen en moest dat zo zijn, dan zou robertskruid wel eens de plant van de eeuw kunnen worden.
Wat nuchterder bekeken. Een bloedstelpende werking heeft het zeker wel, dat is ook eigen aan de hele familie van de ooievaarbekachtigen. Zo draagt de Amerikaanse soort, Geranium maculatum L. die in Europa als sierplant gebruikt wordt, de naam Aluinwortel. Ook Dodonaeus vermelde al desamentrekkende en wondgenezende werking: 'Trobrechts cruyt stelpt dat bloeyen van den verschen wonden/ ghestooten ende daer op gheleyt/ als Dioscorides schrijft. Tselve cruyt/ ghelijck nu ter tijt bevonden es/ es seer goet voor die sweeringhen van den borsten ende scamelijcke leden/ sonderlinghe vander manlijcheyt/ ghestooten ende daer op gheleyt oft het sap daer inne ghedaen.
Dwater daer Robrechts cruyt in ghesoden es/ gheneest die vuyle sweerende en stinckende monden/ als zy daer mede ghespoelt worden'.

Aan de bisschop Robert de Molesme of Ruprecht., de stichter van de Cistercienser orde in de elfde eeuw (1098) zouden we de naam robertskruid te danken hebben. Dit omdat hij de bloedstelpende werking van de plant ontdekt zou hebben.

In 'Remèdes populaires en Dauphiné', geschreven in 1943 als thesis voor het behalen van het apothekersdiploma en opnieuw uitgegeven in 1984 lezen we 'En Dauphiné, l'Herbe au petit Robert est une panacée. On en fait des tisanes bonnes à guérir les bémorrhagies, les diarrhées. Elle passe pour guérir les dartres, les croûtes, les éruptions. On fait des décoctions qu'on emploie en compresses dans toutes les inflammations. On préconise aussi sa tisane dans le diabète. Quelle que soit son efficacité, de nombreuses familles, en Dauphiné, font chaque année une copieuse provision d'Herbe au petit Robert qu'elles emploient indifférem ment pour les malaises les plus divers.

Referentie: Acta Biochim Pol. 2010;57(4):399-402. Epub 2010 Nov 1. "MitoTea": Geranium robertianum L. decoctions decrease blood glucose levels and improve liver mitochondrial oxidative phosphorylation in diabetic Goto-Kakizaki rats.

donderdag, januari 23, 2020

Kekerpasta of Hummus

Deze hummus of kikkererwtenpasta is lekker om groente in te dippen of met Turks brood. Varieer ook eens met dit recept door er andere kruiden of specerijen aan toe te voegen.

Ingrediënten:
  • 1 theelepel tahin (sesampasta)
  • 1 blik (400 g) kikkererwten
  • 2 tenen knoflook
  • 3 eetlepels olijfolie
  • 1 citroen
  • 1/2 theelepel komijn
  • 1/2 theelepel milde paprikapoeder
  • Peper en zout
  • verse platte peterselie
Doe de kikkererwten in een vergiet en spoel ze goed af onder de kraan. Pers de citroen uit, hak de peterselie en haal de teentjes knoflook door de knoflookpers. Rooster de komijn en vijzel het.
Doe vervolgens alle ingrediënten behalve het zout, de peper en de peterselie in de keukenmachine. Laat de keukenmachine draaien tot het een gladde puree is. Als de consistentie te dik is, kun je een scheutje water toevoegen. Om het mengsel iets gladder te maken kun je ook nog wat extra olijfolie toevoegen. Breng op smaak met peper en zout. Meng nog een keer goed en doe het in een kommetje. Besprenkel met een vleugje paprikapoeder en giet er een dun laagje olijfolie overheen, dan droogt het niet snel uit. Tot slot de peterselie erover, eventueel met een paar overgebleven kikkererwten voor de sier.

Over de kikkererwt
De kikkererwt is een veelzijdige peulvrucht. Je eet hem als groente, koolhydratenbron én vleesvervanger of je tovert de erwtjes om tot een gezonde snack.

Kikkererwtjes groeien met zijn tweeën of drieën in een peul aan een struik. Het zijn dus peulvruchten, net als doperwten en bonen. In de winkel zie je ze alleen zonder hun omhulsel, gedroogd of in een pot of blik.

Rauwe kikkererwten bevatten van nature een giftige stof, lectine. Lectine kan de darmen ontregelen en de nieren beschadigen. Verhitting maakt lectine onschadelijk. De pot- en blikvariant zijn al gekookt, dus die kun je direct verwerken. Eet de erwten zo, of warm ze even op.Voor de gedroogde variant moet je iets meer moeite doen. Week ze eerst een nacht in ruim koud water. Kook ze daarna volgens de aanwijzingen op de verpakking. Hoe ouder, hoe langer ze nodig hebben om zacht te worden. Reken op zeker een uur. Te lang koken is geen ramp, kikkererwten vallen niet snel uit elkaar.

De gele bolletjes zitten vol koolhydraten en vezels. Bovendien zitten er veel eiwitten, ijzer en B-vitamines in. Dankzij deze samenstelling zijn ze een volwaardige vleesvervanger. Maar je kunt ze ook als groente of als bron van koolhydraten op het menu zetten. Een ander pluspunt van de kikkererwt is zijn hoge gehalte aan tryptofaan. Tryptofaan is een essentieel aminozuur dat je lichaam niet zelf aanmaakt, je kunt het alleen uit voeding halen. Je hebt tryptofaan nodig voor de aanmaak van serotonine. Er zijn aanwijzingen dat serotonine je stemming verbetert en ervoor zorgt dat je beter slaapt.

  • Humus en falafel zijn misschien wel de bekendste gerechten waarin je kikkererwten tegenkomt. Humus ook wel geschreven als hoemoes, hoummous, hummus en humous - is een puree op basis van deze peulvrucht waar vaak sesampasta (tahin), knoflook, citroensap, olijfolie en kruiden aan worden toegevoegd. Probeer ook eens wilde planten zoals vogelmuur of veldkers er doorheen te mengen. Lekker op een broodje of om groenten in te dippen.
  • Falafel is een snack gemaakt van gefrituurde kikkererwtenballetjes, vaak geserveerd in een pitabroodje met salade en sausjes.
  • Van kikkererwten kun je ook gezonde 'borrelnootjes' maken. Gebruik hiervoor kikkererwten uit een blik of pot die je goed afgespoeld en afgedroogd heb. Of week en kook eerst gedroogde kikkererwten.

Gezondheidswaarde
  • Kikkererwten zijn extra rijk aan het mineraal molybdeen. Dit mineraal speelt een belangrijke rol als onderdeel van enzymen. die betrokken zijn bij de eiwit-stofwisseling.
  • Kikkererwten zijn rijk aan vele andere belangrijke mineralen, zoals mangaan, foliumzuur, zink, koper en ijzer.
  • Kikkererwten zijn bijzonder rijk aan vezels. Een portie kikkererwten ( 100 gram) kan al de helft van de ADH vezels leveren. Vezels zijn gunstig voor het spijsverteringskanaal en helpt mee om tumoren te voorkomen. Darmbacteriën kunnen uit deze vezels boterzuur maken dat kan bijdragen aan het behoud van een stevige darmwand.
  • Kikkererwten zijn zeer rijk aan polyfenolen. Ze zijn o.a rijk aan ferulazuur, chlorogeenzuur, koffiezuur, en vanillezuur. Daarnaast zitten er anthoccyanidinen delfinidine, cyanidine en petunidine in, dit zijn allemaal antioxidanten. Deze gaan oxidatieprocessen in het lichaam tegen Deze combinatie polyfenolen en antioxidanten is vrij uniek te noemen. Het werkt zeer gunstig voor een goed functionerend bloedvatenstelsel en daarmee het hart.
  • Kikkererwten zijn gezonde erwtjes voor diabetespatiënten. ze werken zeer gunstig op het stabiel houden van de bloedsuikerspiegel. Doordat er veel vezels in zitten zal de spijsvertering zeer geleidelijk en in een natuurlijk tempo verlopen waardoor er minder hoge pieken en dalen in de bloedsuikerwaarden worden gemeten.
  • Kikkererwten bevatten fyto-oestrogenen. Dit zijn bio-identieke hormonen die zwakker werken dan de lichaamseigen oestrogenen. Vrouwen na de menopauze maken minder oestrogenen aan waardoor het innemen van fyto-oestrogenen gunstig kan zijn om broze botten te voorkomen.\
  • Wetenschappelijke onderzoeken geven aan dat kikkererwten kunnen bijdragen aan een cholesterol-verlaging. Een uitgebreide wetenschappelijke review maakt melding van een lagere kans op diabetes type 2, kanker, spijsverteringsstoornissen, en cardiovasculaire ziekten.

Enkele wetenschappelijke referenties

Br J Nutr. 2012 Aug;108. Nutritional quality and health benefits of chickpea (Cicer arietinum L.): a review. Jukanti AK1, Gaur PM, Gowda CL, Chibbar RN.Chickpea (Cicer arietinum L.) is an important pulse crop grown and consumed all over the world, especially in the Afro-Asian countries. It is a good source of carbohydrates and protein, and protein quality is considered to be better than other pulses. Chickpea has significant amounts of all the essential amino acids except sulphur-containing amino acids, which can be complemented by adding cereals to the daily diet. Starch is the major storage carbohydrate followed by dietary fibre, oligosaccharides and simple sugars such as glucose and sucrose. Although lipids are present in low amounts, chickpea is rich in nutritionally important unsaturated fatty acids such as linoleic and oleic acids. β-Sitosterol, campesterol and stigmasterol are important sterols present in chickpea oil. Ca, Mg, P and, especially, K are also present in chickpea seeds. Chickpea is a good source of important vitamins such as riboflavin, niacin, thiamin, folate and the vitamin A precursor β-carotene. As with other pulses, chickpea seeds also contain anti-nutritional factors which can be reduced or eliminated by different cooking techniques. Chickpea has several potential health benefits, and, in combination with other pulses and cereals, it could have beneficial effects on some of the important human diseases such as CVD, type 2 diabetes, digestive diseases and some cancers. Overall, chickpea is an important pulse crop with a diverse array of potential nutritional and health benefits.

Analgesic, Anti-Inflammatory and Diuretic Activities of Cicer Arietinum L. Darakhshan Masroor 1, Sadia Ghousia Baig 2, Salman Ahmed 1, Syed Muzzammil Ahmad 1, Muhammad Mohtasheemul Hasan 1Analgesic, anti-inflammatory and diuretic activities of the methanol extract of two varieties of Cicer arietinum viz black or Desi and white or Kabuli were tested in the doses of 200 and 400 mg/kg. For analgesic effect of the extracts, acetic acid induced writhing, tail immersion and hot plate tests were employed in mice. The anti-inflammatory activity was carried out by carrageenan induced inflammation in rats, whereas the diuretic action was determined using metabolic cages for rats. Animals were divided into six groups (n=7): (1) Control (2) Standard (3) MECAB 200 (4) MECAB 400 (5) MECAW 200 (6) MECAW 400. All extracts and standard drugs were administered orally. Acute oral toxicity of the extracts was also checked in mice up to 2000mg/kg dose, which showed a favorable safety. Significant analgesic and anti-inflammatory effects were observed. The results of diuretic activity were significant at 12th and 24th hrs. Therefore, it is concluded that the methanol extracts of the seeds of Cicer arietinum have analgesic, anti-inflammatory and diuretic potential.

Zie ook https://sites.google.com/site/kruidwis/planten-van-a-tot-z/cicer-kikkererwten

maandag, januari 20, 2020

Troostende thuja

In Bretagne zoek ik steun en troost bij mijn mammoetboom bij het stadje Huelgoat. In Belgie bij mijn woonplaats Hastiere zoek ik die steun bij een andere indrukwekkende boom in het park van Hastiere par dela, de Thuja plicata.  Deze reuzenlevensboom is zowat 30 meter hoog en heeft donkergroen omhullend loof. 

De reuzenlevensboom wordt in westelijk Amerika tot wel zo’n 50 meter hoog. Het is een van de belangrijkste houtleveranciers in Noord-Amerika en Canada, al heb ik hem liever in levende lijve. Het bekende ‘Western Red Cedar’-hout staat bekend om zijn lange levensduur. Constructies die worden blootgesteld aan weer en wind worden dan ook vaak van dit hout, in onbehandelde vorm, gemaakt. Zo gebruikten de Indianen de boom om kano’s van te maken. Vaak zijn het de lagere rassen, helaas minder indrukwekkend die in ons land in de tuin worden gebruikt.

Het is een snelgroeiende boom met een roodbruine schors. De neerhangende takken beschermen de boom tegen zonnebrand maar omarmen ook de mens die troost en bescherming zoekt. De twijgen van de Reuzenlevensboom zijn minder vertakt dan bij de andere soorten Thuja en de takken en het loof zijn iets grover. De glimmende, groene blaadjes geuren naar fruit wanneer ze aangeraakt worden. De kegeltjes die de boom vormt zijn eerst groen, maar worden uiteindelijk bruin.

Thuja is een conifeer met historie. Thuja is afgeleid van het Griekse woord ‘thuo’, dat offeren betekent. De boom werd gebruikt bij offerrituelen, omdat hij een heel aangename geur verspreidt tijdens de verbranding. Deze geur is zeer specifiek voor de Thuja. Uit verse bladeren, twijgen en schors worden etherische olie gewonnen, die hun toepassing vinden in medicijnen en parfums.

Een Franse ontdekkingsreiziger leerde in de 16de eeuw van de indianen wat voor positieve invloed de Thuja op de behandeling van scheurbuik had. Aan deze werking dankt de levensboom dan ook zijn naam.

dinsdag, januari 07, 2020

Taxus baccata

Als je in Bretagne woont en door het mythische woud van Huelgoat dwaalt, kom je ook af en toe imponerende Taxusbomen tegen. De Taxus heeft in de volksmond de weinig flaterende naam ‘venijnboom’. Deze naam heeft hij waarschijnlijk te danken aan het feit dat al zijn onderdelen giftig zijn met uitzondering van de felrode zaadmantel. Zowel mens als dier gaan er dus beter omzichtig mee om.

Botanisch 
Deze traag groeiende conifeer, die best gedijt in enigszins kalkhoudende grond, behoort samen met de jeneverbes tot de inheemse naaldboomsoorten. Ze worden niet echt bij de familie van de coniferen ingedeeld omdat ze geen kegels dragen maar wel zogenaamde schijnbessen. De taxus is een van de weinige echt wintergroene struiken en bomen van onze streken. Hij verdraagt zelfs strenge vorst, al is een beschutte plaats tegen oostenwind aan te raden.

Vrouwelijke bomen hebben kleine, alleenstaande, groene bloemen. De bloemen zijn moeilijk zichtbaar tot de vlezige zaadrok opzwelt en in de loop van september helder rood wordt. Typisch is dat de top van het zaadje niet omsloten wordt door de zaadrok. De zaadjes zijn blauw-violet. De taxus komt van nature voor in Europa en Noord Afrika. Hij is zeldzaam geworden in het wild en is daarom beschermd. Hij is echter des te meer aanwezig in tuinen en parken als solitaire of als haagplant. Redenen hiervoor zijn het feit dat hij altijd groen blijft, weinig last heeft van ziekten en gemakkelijk te snoeien is. Hij laat stevige snoei toe en zelfs voor vormsnoei leent hij zich heel goed. Over de hoogte en stamomtrek van de taxus worden nogal uiteenlopende cijfers gepubliceerd. De hoogte kan variëren van 1 tot 40 meter en de boomstammen kunnen een doorsnede tot 4 meter bereiken. Hij houdt van schaduw. Zo kan hij het perfect vinden onder een beuk. Taxus kan heel oud worden. Er zijn exemplaren gekend van meer dan 1000 jaar oud. Hoe oud ze precies zijn is moeilijk te zeggen omdat de meeste oude exemplaren holle stammen hebben en een betrouwbare telling van de jaarringen dus niet mogelijk is.

Taxus bij St Rivoal
Etymologie naalden van de taxus
De naam Taxus zou afgeleid zijn van het Griekse ‘taxon’ of ‘toxo’ wat ‘boog’ betekent. Andere bronnen vermelden dat de naam van het Latijnse ‘texo’ afkomstig is. ‘Texo’ betekent weven wat zou verwijzen naar het feit dat taxusbast vroeger gebruikt werd voor weef- en vlechtwerk. Baccata verwijst naar de rode schijnbessen. Het woord ‘toxisch’ zou een afgeleide zijn van taxus.

Volksgebruik 
Het zeer buigzame, taaie hout werd gebruikt voor vlecht- en snijwerk en voor het maken van bogen en schilden. Caesar zou opdracht gegeven hebben om Duitse taxusbossen te kappen omdat hij het hout nodig had om voldoende bogen te maken. Ook de Kelten maakten hun bogen en pijlen van taxushout. Ze doopten daarbij hun pijlen in taxus-as om de vijand dodelijk te treffen. Ze gebruikten de boom ook bij massale zelfdoding bij verlies in de oorlog.
Taxus werd vroeger veel aangeplant bij kerkhoven en bij pastorijen. Hij is het symbool van dood en rouw maar ook voor onvergankelijkheid. Deze schijnbare tegengestelde symboliek zit in het feit dat de boom heel giftig is maar zelf altijd groen en dus ‘levend’ blijft.

Taxine
Alle delen van de boom bevatten taxine, een alkaloïde, behalve de zaadmantel. Dit giftige bestanddeel blijft ook werkzaam na koken, drogen of bewaren van het plantenmateriaal. De naalden hebben het hoogste taxinegehalte en dit neemt toe met het vorderen van de seizoenen. Jonge lente- en zomerscheuten zijn dus minder gevaarlijk. Zaden bevatten ook taxine. Als er op de zaden gekauwd wordt, komt de taxine vrij en kan dit fatale gevolgen hebben voor zowel mens als dier. Bij vogels gaan de zaadjes in hun geheel door het spijsverteringsstelsel en veroorzaken voor hen daardoor geen kwalijke gevolgen.

Werking 
Het alkaloïde taxine werkt in op het hart en het ademhalingsstelsel, eerst stimulerend daarna verlammend met mogelijk de dood als gevolg. Paclitaxel en baccatine worden gebruikt in de chemotherapie onder andere onder de merknaam Taxol als cytostatica. In elke cel bevinden zich microtubuli. Dit zijn kleine, buisvormige structuren die de cel zelf aanmaakt en onmisbaar zijn voor de celdeling. Taxol verstoort de celdeling enerzijds door de aanmaak van microtubuli aan te wakkeren en anderzijds door te verhinderen dat de bestaande microtubuli worden afgebroken. Hierdoor stikt de cel als het ware in de eigen microtubuli en wordt een normale celdeling onmogelijk gemaakt.

Uit Herba 66 geschreven door Hilde.


zaterdag, januari 04, 2020

Over een winterse groente: pastinaak

Het gebeurt niet zelden dat een populaire voedselplant plaats moet ruimen voor een ander, doorgaans gemakkelijker te telen cultuurgewas. De pastinaak is hiervan een schoolvoorbeeld. De Egyptenaren en de Grieken vermelden de pastinaak al in hun geschriften. Tot ver in de middeleeuwen vormde de pastinaak een vast onderdeel van ons dagelijks menu en was hij in elke tuin terug te vinden.

Na al die tijd is hij bij ons in onbruik geraakt, maar in veel landen wordt hij nog steeds geapprecieerd in soepen en bij vleesschotels. De zoete wortel mag in ieder geval niet ontbreken in een echte hutspot. Bovendien heeft de pastinaak de eigenschap soepen en sauzen te binden en is hij ook rauw erg lekker.

Wellicht heeft de introductie van de aardappel en later, in de 19de en vooral de 20ste eeuw de opkomst van onze oranje peentjes, het lot van de pastinaak bezegeld. De lange teeltduur van de pastinaak (ten minste 200 dagen) in vergelijking met de wortel (80 tot 150 dagen, afhankelijk van het ras) heeft z'n verdwijning mede in de hand gewerkt. In het wild treft men de pastinaak nog veel aan op braakliggende terreinen, waar hij bloeit met platte, gele schermen, maar in de groentetuin wordt hij steeds zeldzamer. Toch blijft de pastinaak een typische inlandse groente, al hebben de eerste groenten-etende mensen er niet meteen veel aan gehad. Pas eeuwen later verkreeg men door veredeling de dikke en vlezige, witte wortel van nu.

Dodonaeus over pastinaak
Dit gheslacht van wortelen wordt gheheeten in Griecx ende in Latijn Elaphoboscum van sommighen oock als Dioscorides seyt Elaphicon, Nephrion, Ophigenion, Ophioctonon, Herpyoees, Lyme ende Cerviocellus.

Dat ierste wordt hier te lande in onse Apoteken ghenaemt Pastinaca/ ende daer naer in Neerduytsch Pastinaken/ hoe wel dat dese niet en sijn die oprechte Pastinaken/ als in tvoorgaende capittel ghenoch ghebleken es/ ende daer om worden zy beeter ghenaemt in Hoochduytsch Moren/ ende Zam moren. Daer naer die selve oock nu hier te lande Tamme mooren gheheeten worden. In Franchois worden dese wortelen Cheruy ghenaempt.
Dat wildt gheslacht heet in sommighe Apoteken Branca leonina oft Baucia. In Hoochduytsch Wild moren. In Neerduytsch Wilde moren. In Franchois Cheruy saulvage.

Cracht ende werckinghe vlgs Dodoens

  • Die wortelen van Moren in die spijse ghelijck die Peen ghebruyckt/ gheven beeter voetsel/ ende meer dan die Peen/ ende sijn goet der longhene/ den nieren ende der borsten.
  • Die selve wortelen doen oock water maken/ versueten die pijne van der sijden/ verdrijven die winden ende weedom van den buyck/ ende sijn goet den ghenen die verreckt sijn oft van binnen ghequetst oft gheborsten.
  • Tsaet van den Moren es goet tseghen alle fenijn/ ende het gheneest alle beten ende steken van alle cruypende ende fenijnnighe ghedierten met wijn ghedroncken. Ende es zoo sterck daer tseghen datmen ghescreven vindt dat als die herten dit cruyt eten dat huer gheen fenijnnich ghedierte ghehinderen oft gheletten en kan.
Pastinaak tegen onvruchtbaarheid? Een Iraans onderzoek.
Background and Objective: Infertility is a major problem in medical sciences. Despite recent advances in diagnosing and treatment of infertility, it is still one of the most important medical problems. The aim of this study is to review the role of the parsnip (Pastinaca sativa L), a proposed remedy as to a fertile agent in the viewpoint of Iranian traditional medicine (ITM) and review the evidence in the conventional medicine.

Method: In this literature research, we investigated some important Persian medical and pharmaceutical manuscripts in ITM. The search was conducted with the keyword of the fertile agent, and the parsnip was one of the choices mentioned as a fertile agent which is also available. In order to assessment of current findings, a search was done in the PubMed and Google Scholar databases.

Result: In ITM, the parsnip is recognized as a stomach astringent, liver and uterine tonic and stimulates ovulation. It is named as semen or sexual desire increaser and fertile agent. In the viewpoint of ITM, attention to the health of main or vital members of the body (including the heart, brain, and liver) In addition to the health of the urogenital system, may have led to the treatment of infertility.

Conclusion: In some studies, the effects of the parsnip on spermatogenesis, number, and sperm motility are investigated but no studies have been done on women's infertility. This review shows that the parsnip can be as a fertile agent in female infertility. So, further clinical research is recommended.