dinsdag, oktober 06, 2026

Grillige wortels

Even bijkomen in de tuin. Niks bijzonder gebeurd, toch voel ik mij vreemd verdrietig. Herfst? Het klimmen van de jaren? Melancholisch noemde men het vroeger. Ergens wel mooi. Een vreemd verlangen naar verdriet. Even bijkomen dus in de herfstige tuin. Woelen naar wortels. 

Oogsten van de smeuïge smeerwortel, de vreemd geurende valeriaan, de rode meekrap, de tropische kalmoes. de kleine kaardenbol. de eetbare teunisbloem en niet vergeten de grillige en rood kleurende gele lis. Wortels oogsten om nieuwe planten te winnen en om een wortelmonument te maken. Den herborist die kunstenaar wil worden.

Over de grillige, gele lis en andere irissen dan maar. Lissoorten hebben wellicht wegens hun zwaardvomige bladeren de aloude reputatie over afwerende eigenschappen te beschikken. Tijdens een heksenproces in het Duitse Rottenburg in 1650, bekent een beklaagde dat hij liswortel fijn stampte in een mortier en dat poeder in paardenvoer mengde. Door dat "krachtvoer" werden paarden glanzend mooi en ze trokken alle lasten die men laden kon. Omdat aan alruinmannetjes ook afwerende krachten werden toegeschreven, werden ze vaak nagemaakt, onder meer met wortels van de lis. In Duitsland en Frankrijk (Normandië) werden irissen op oude muren en rieten daken aangeplant. Volgens Germaans volksgeloof beschermde irissen tegen hekserij. 

Zwaardvormige bladeren van de iris werden ook gebruikt als een middel tegen stekende pijn. Zo wordt de wortel (1936) van de gele lis op St-Jans dag (24 juni) opgegraven en tegen tandpijn aangewend. Wegens zijn kleur wordt de gele lis ook tegen geelzucht aangewend. Plinius de Oude (77 n.C.) schrijft dat de iriswortel als amulet aan baby's werd gehangen tegen doorkomende tandjes. 

Nog volgens Plinius de Oude werden iriswortels ook gegeven aan baby's tegen lintwormen. Iris reinigt hoofdwonden, vooral langdurige abcessen. In water en azijn genomen is iris een tegengif bij beten van slangen en spinnen, in brood of water een tegengif bij schorpioensteken en in olie is ze goed tegen  honden beten. Opgesnoven veroorzaakt de wortelpoeder niesbuien en reinigt aldus het hoofd (niespoeder op basis van iriswortelpoeder werd nog bereid in de apotheek tot de jaren 70 van de 20ste eeuw) Iris is ook goed bij een kater of doet dienst als braakmiddel in hogere doses . In de recentere kruidengeneeskunde wordt iris gebruikt als purgerend (vers), urineafdrijvend (gedroogd), braakwekkend (gedroogd). 

Iris species: lis - lisachtigen. Synoniemen: LAT.: iris pallida, florentina, gennanica; FR.: iris; DUI.: Veilchenwurzel; ENG. : Orris; IT.: iride Volksnamen: violenwortel, tandwortel, drankwortel, violettenpoeder, grachtlis. Gebruikte delen: de wortelstok (nog beschreven in BP V ) Bestanddelen: iris bevat vluchtige oliën, een heteroside (iridoside) en veel zetmeel. Eigenschappen: verse wortelstok wordt gebruikt als expectorans, braakmiddel, bij bronchitis en kinkhoest; hij is ook diuretisch. Bij drogen neemt de wortelstok een viooltjesgeur aan en zijn poeder wordt in cosmetische en tandproducten verwerkt 



maandag, oktober 05, 2026

Wolfspoot, de schildklier en anti-conceptie

De plantennamen blijven mij verwonderen. Gelukkig dat ik mij nog over onnozele dingen kan verwonderen. Wolfspoot of Lycopus europaeus dus! Het is een plant die wel tot de geurige en zonminnende familie der lipbloemigen behoort, maar zelf geen geur heeft en zich ook meer thuis voelt in onze kille kikkerlandje. Met zijn dikke wortelstokken verovert hij de drassige oevers van onze beken. Zijn kleine witte bloemen zijn wel echte lip-bloemen. Een schoonheid is het niet, zijn kwaliteiten zijn eerder verborgen.

Naam Wolfspoot en Zigeunerkruid

In de vorm van het blad zag men vroeger een poot van een wolf, waarschijnlijk in de tijd dat er hier nog wolven rond dwaalden. Ook de Latijnse naam betekent Lycos, wolf en pous poot. Er lijkt verder nogal Europese consensus te zijn wat die naam betreft, want in Frankrijk noemt deze plant ‘Patte du loup’ en in Duitsland ‘Wolfstrapp’ of Wolfsfuss’. Alleen Engeland heeft een afwijkende mening, dat komt wel meer voor zeker, daar heet de plant ‘Gipsy wort’, zigeunerkruid, een intrigerende naam die we min of meer al bij Dodonaeus terugvinden namelijk ‘Heydenscruyt’ en ‘Egyptenaerscruyt’.

Waarom deze vreemde namen? Zigeuners of heidenen, die witte baby’s roofden, gebruikten een zwarte kleurstof uit deze plant, om de kinderen onherkenbaar, heidens of donker te maken. De plant is in elk geval wel bekend geweest als kleurstof. In de Flora Batava wordt vermeld dat de plant gedroogd, en met ijzer en vitriool gekookt, eene bestendige zwarte verf of kleur geeft.

Ook Dodonaeus vermeldt de plant als kleurstof, maar vindt verder dat 'water Andoren en wordt in der medecijnen niet ghebruyckt'. Hij beschouwde de Wolfspoot als een soort Andoorn, 'in Latijn ghenaempt Marrubium palustre. In Hoochduytsch wasser Andorn/ weiher Andorn. Hier te lande water Andoren/ en van sommighen Heydens cruyt oft Egiptenaers cruyt/ om dat die lantloopers die huer voor egiptenaers uutgheven met desen cruyde huer swert maken.

Lycopus medicinaal: schildklier

Medicinaal is hij nooit veel gebruikt geweest, recenter wel gekend geraakt, vooral door de beroemde A.Vogel, die de Virginische soort in zijn kruidenproducten verwerkte en gebruikte bij hyperfunctie van de schildklier. Veel wetenschappelijk onderzoek bevestigt de toch wel opvallende werkingen van Wolfspoot. Hij heeft een remmende werking op TSH, het schildklierstimulerend hormoon, door binding van o.a. chlorogeenzuur en rozemarijnzuur aan het TSH-molecule. (Winterhoff e.a.: Horm. metabol. Res. 15/503-507 – 1983).

Intrigerend is ook zijn anticonceptiewerking, Lycopus virginicus was reeds bij de Amerikaanse Indianen voor zijn vruchtbaarheidsremmende werking bekend. In theorie zou deze plant dus als een soort anti-conceptiepil gebruikt kunnen worden. Wat ik hier natuurlijk niet gaat adviseren. Zo'n ingrijpende werking vraagt op zijn minst een deskundige begeleiding.

Veilig gebruik van kruiden

In 2001 is Lycopus in het Nederlandse Warenwetbesluit Kruidenpreparaten opgenomen op bijlage III van dit besluit, waarin gesteld wordt dat kruidenpreparaten geen materiaal mogen bevatten dat geheel of ten dele afkomstig is van planten opgenomen in deze bijlage. Alhoewel ik zelf ook vindt dat de laatste jaren kruiden dikwijls onterecht als gevaarlijk en giftig gebrandmerkt worden, is het zeker zo dat een plant met een werking op zo’n vitaal orgaan als de schildklier, alleen maar goed gecontroleerd gebruikt kan worden.

Echter, vele problemen met kruidenpreparaten, ik zeg wel preparaten, hangt samen met deze geconcentreerde extracten, waarbij men een te hoge dosering binnen krijgt, die dan wel een snellere werking geeft maar ook veel bijwerkingen veroorzaken. Mijn advies, gewoon thee van het kruid gebruiken of een tinctuur van 1 op 5 gewichtsverhoudingen en daarvan dan ongeveer 3 x daags 10 druppels van gebruiken.

Namen van Lycopus europaeus

  • Engels: Gypsywort, Gipsywort, Bugleweed, European Bugleweed, Water Horehound
  • Frans: Chanvre d’eau, Lance du Christ, Lycope d'Europe, Patte de loup, Pied de loup

Voor verdere studie.

  • Kemper e.a.: Inst. für Pharmakologie der Univ. Münster, toonden de antigonadotrope en antithyreotrope werking aan. Publicaties in het Farmaceutisch Tijdshrift voor België 61/310-312 - 1984.
  • Kartnig Th.: Lycopus europaeus L. Ztschr. f. Phytoth. 10/31-34 - 1989 (doc. M. Godefridi)
  • Winterhof H.: Endokrinologisch wirksame Phytopharmaka. Ztschr. f. Phytoth. 8/169-171 - 1987. (doc. M. Godefridi)
  • Winterhoff H, Gumbinger HG, Sourgens H. On the antigonadotropic activity of Lithospermum and Lycopus species and some of their phenolic constituents. Planta Med. 1988 Apr;54(2):101-6.
  • Beer AM, Wiebelitz KR, Schmidt-Gayk H. Lycopus europaeus (Gypsywort): effects on the thyroidal parameters and symptoms associated with thyroid function. Phytomedicine. 2008 Jan;15(1-2):16-22 (onderzoek bevestigt de schildklierremmende werking)
  • Vonhoff C, Baumgartner A, Hegger M, Korte B, Biller A, Winterhoff H. Extract of Lycopus europaeus L. reduces cardiac signs of hyperthyroidism in rats. Life Sci. 2006 Feb 2;78(10):1063-70.
  • A.G.M. van Asseldonk (vert.). De invloed van Lycopus europaeus (wolfspoot) op de schildklierfunctie en schildkliergeassocieerde symptomen. Nederlands tijdschrift voor Fytotherapie

zaterdag, oktober 03, 2026

Knopig helmkruid

Heb je speenkruidknolletjes voor mij? Ik kan me nog levendig herinneren, dat een wat oudere mevrouw mij jaren geleden die vraag stelde. Ik de tuin in en fier terug komen met die kleine witte knolletjes van het echt speenkruid, Ficaria verna, maar die moest mevrouw helemaal niet hebben. Het waren veel grotere bruine knollen die zij nodig had en toen besefte ik dat zij 'het groot Speencruydt' van Dodoens zocht, met de Nederlandse naam Helmkruid en de Latijnse naam Scrophularia nodosa.

Weer zo'n vreemde, tot voor kort vergeten plant. Helmkruid, Speenkruid. Scrophularia nodosa. Ooit gebruikt tegen scrofuleuze gezwellen en tegen andere uitstulpingen des lichaams, aambeien, lymfeklieren. Een typische vorm van signatuurleer, je kan aan het uiterlijk van de plant zien waar hij goed of slecht voor is. De wortels zijn knobbelig, en daaruit is dan ook de officiële naam 'nodosa', knopig ontstaan en mogelijk ook 'scrofuleus', klierachtig. De plant was een specifiek kruid voor het scrofuleuze type , mensen met aanleg voor opgezette lymfeklieren.Deze plant heeft holle, geribbelde stengels die tot 80 cm hoog worden, met tegenover elkaar staande, hartvormige bladeren en trossen groenachtige tot roodachtige mini bloemen die bloeien van juni tot september. De plant is aangepast aan vochtige, schaduwrijke omgevingen en wordt vaak aangetroffen langs beekoevers en vijverranden. Traditionele Ayurvedische preparaten gebruiken de bovengrondse delen – met name de bloemtoppen en bladeren, vanwege hun lymfatische en ontstekingsremmende stoffen zoals scropolioside en harpagoside. In de Europese fytotherapie zijn het vooral de knobbelige wortels die als kompres op de huid en op uitpuilende aambeien gelegd werden.

Historisch en traditioneel gebruik

De plant was een specifiek kruid voor het scrofuleuze type , voor mensen met aanleg voor opgezette lymfeklieren. Ook Dodoens vermelde deze werkingen. Die bladeren/ stelen/ saet/ wortelen/ en sap van dat oprecht Helm cruyt verteeren ende doen verdwijnen alderleye gheswel/ en herde clieren/ alsmense met eedick (azijn) menghelt/ ende daer twee daghen lauwachtich op gheleyt. Die bladeren ghestooten/ zijn goet gheleyt op vervuylde en voorts etende sweringhen ende tot den kanker met sout ghemenght en daer op gheleyt. Tsap van desen cruyde verdrijft die roose in daensicht alsmen dat daer mede wascht. Die wortel i nghenomen verdroocht ende gheneest die speenen: Dijsghelijck doet zy oock ghestooten/ en van buyten daer op gheleyt.

Gedocumenteerde vermelding van Scrophularia nodosa is ook te vinden in John Parkinsons 17e-eeuwse kruidenboek "Theatrum Botanicum", waarin hij de gunstige werking ervan bij de behandeling van zwellingen en huidontstekingen beschrijft – vandaar de oude Engelse naam "figwort", verwijzend naar het gebruik ervan bij vijgachtige bulten en scrofula. In de Europese volksgeneeskunde werd de wortel in zakjes gedragen om "besmetting af te weren", en een afkooksel werd plaatselijk aangebracht om wonden en zweren te verzachten. Een 19de-eeuws Duits fytotherapeutisch handboek beschrijft het gebruik ervan in lymfatische tonica, waarbij S. nodosa wordt gecombineerd met rode zonnehoed en kliswortel om kliergezwellen te verhelpen.

In regio's zoals Zuid-Engeland en delen van Duitsland brouwden vroedvrouwen op het platteland een milde thee van helmkruid om de reiniging na de bevalling te ondersteunen en oedeem te verminderen. Russische volksgenezers gebruikten een geconcentreerd extract om gezwollen gewrichten te verlichten – een vroege aanwijzing voor de anti-artritiswerking ervan. Gedurende het Victoriaanse tijdperk werden tonica met S. nodosa populair in Britse apotheken; tegen het midden van de 20e eeuw nam de belangstelling echter af door de opkomst van synthetische geneesmiddelen.

De plant herleefde in de jaren tachtig toen Europese kruidenkundigen manuscripten vonden die de rol ervan in de ondersteuning van het immuunsysteem beschreven.  Recente vertalingen van manuscripten uit de koloniale tijd in Sri Lanka suggereren dat lokale genezers kompressen van helmkruid-bladeren gebruikten tegen zwellingen na slangenbeten.

Tegenwoordig is het traditionele gebruik geëvolueerd: moderne kruidenmengsels combineren het vaak met rode klaver en goudsbloem voor een gezonde huid, of met kleefkruid en brandnetel voor lymfedrainage. Klassieke tincturen zijn nog steeds verkrijgbaar, maar in gespecialiseerde kruidenwinkels vind je nu ook capsules in poedervorm en gevriesdroogde extracten, wat aantoont hoe eeuwenlang gebruik de hedendaagse therapieën met helmkruid heeft veranderd.

Inhoudsstoffen en werking van Scrophularia nodosa

Scrophularia nodosa is rijk aan een aantal opvallende bioactieve stoffen:

  • Scropolioside : Een glycoside dat in verband wordt gebracht met milde lymfatische stimulatie en waarvan wordt aangenomen dat het de vochtafvoer verbetert.
  • Harpagoside : Een iridoïdglycoside die ook voorkomt in duivelsklauw; vertoont ontstekingsremmende activiteit in vitro.
  • Fenolzuren (cafeïnezuur, chlorogeenzuur): bieden antioxiderende ondersteuning door vrije radicalen te neutraliseren.
  • Luteoline : een flavonoïde waarvan voorlopige gegevens wijzen op een lokaal anti-oedeem effect.

Chemsch gezien werken deze verbindingen synergetisch: scropolioside kan de tonus van gladde lymfevaten moduleren, terwijl harpagoside COX-2-routes remt om de prostaglandinesynthese te verminderen, wat resulteert in minder zwelling rond de gewrichten. Fenolzuren beschermen celmembranen tegen oxidatieve stress, zoals bevestigd in een in vitro-studie uit 2019 waarin S. nodosa-extract markers van oxidatieve schade in menselijke keratinocyten verminderde. Volgens de Ayurvedische interpretatie worden deze effecten toegeschreven aan het in balans brengen van Kapha.

Therapeutische effecten en gezondheidsvoordelen

  • Ondersteuning van het lymfestelsel: Zowel volksgeneeskunde als klinische studies suggereren dat helmkruid helpt bij het verminderen van lymfadenopathie. Een kleine pilotstudie uit 2018 (n=20) toonde een vermindering van oedeem in de ledematen na 6 weken gebruik van een gestandaardiseerd extract van 200 mg per dag. 
  • Ontstekingsremmend: Dierproeven tonen aan dat topische toepassing van Scrophularia nodosa de zwelling van gewrichten binnen 3 dagen met wel 30% vermindert. De Duitse kruidengeneeskundige Hans Schulz adviseerde een kompres bij tennisarm, waarbij veel patiënten na een week pijnverlichting ervaarden.
  • Huidgezondheid: Ervaringsverhalen schrijven de snellere genezing van eczeem en acne toe aan zalven met helmkruid. Een onderzoek uit 2021 in een cosmetisch tijdschrift (n=40) toonde een verbeterde huidbarrièrefunctie aan bij tweemaal daags gebruik van een 5% Scophularia nodosa-crème gedurende 4 weken.
  • Ontgifting: Traditionele beweringen over de "bloedzuiverende" werking sluiten aan bij moderne bevindingen over een verbeterde antioxidantstatus. Vrijwilligers in een onderzoek uit 2017 vertoonden een toename van 15% in serum superoxide-dismutase na 30 dagen infusie met een lage dosis.
  • Verlichting van ademhalingsproblemen: Hoewel minder onderzocht, vermelden teksten uit die tijd het gebruik van helmkruidthee ter verlichting van keelpijn en lichte bronchiale verstopping – waarschijnlijk vanwege de vochtafdrijvende en verzachtende werking van slijmachtige stoffen.

Ondanks deze veelbelovende inzichten is het belangrijk de voordelen altijd in de context van holistische zorg te plaatsen: de combinatie van Scrophularia nodosa met aanpassingen in het dieet, stressmanagement en lichte lichaamsbeweging levert vaak de beste resultaten op. Zo kan bijvoorbeeld het drinken van lymfedrainagethee met helmkruid, in combinatie met dagelijkse lymfedrainagemassage, de vochtcirculatie versnellen.

Bereidingen en dosering

Scrophularia nodosa wordt in verschillende bereidingen aangeboden:

  • Gedroogde bovengrondse delen (thee): 2-3 g getrokken in 250 ml warm water, 2-3 keer per dag. Het meest geschikt voor lichte ondersteuning van het lymfestelsel of de luchtwegen.
  • Tinctuur (1:5, 45% ethanol): 20-30 druppels (1 ml) in water, 1-2 keer per dag. Ideaal voor dagelijks onderhoud of bij acute opflakkeringen.
  • Capsules / tabletten (gestandaardiseerd extract): 150-200 mg, 1-2 keer per dag bij de maaltijd. Handig voor een consistente dosering en voor op reis.
  • Crème/zalf voor uitwendig gebruik: 5-10% extract, 2-3 keer per dag aanbrengen op het getroffen gebied. Effectief bij huidirritaties en gewrichtsontstekingen.

Veiligheidsadvies: zwangere vrouwen of vrouwen die borstvoeding geven, dienen hoge doseringen te vermijden totdat er meer gegevens beschikbaar zijn. Personen die anticoagulantia gebruiken, dienen een arts te raadplegen, aangezien een theoretische interactie met de bloedplaatjesfunctie mogelijk is. Ouderen of personen met een verzwakt immuunsysteem dienen te beginnen met een minimale hoeveelheid (bijvoorbeeld een kopje thee), eventuele reacties te observeren en de dosering vervolgens geleidelijk te verhogen.

Kwaliteit, inkoop en productieprocessen

Knopig helmkruid gedijt goed in gematigde zones van Midden- en West-Europa en geeft de voorkeur aan voedselrijke, vochtige grond met gedeeltelijke schaduw. Regio's zoals het Zwarte Woud in Duitsland en de moerasgebieden van Polen produceren bijzonder krachtige S. nodosa, dankzij het hogere fenolgehalte in koelere klimaten.

Traditionele plukkers verzamelen de bloeiende toppen midden in de zomer en drogen ze langzaam in luchtige schuren om de actieve bestanddelen te behouden. Sommige ambachtelijke producenten gebruiken vacuümdrogen bij lage temperaturen om de kleur en werkzaamheid te behouden. Kies altijd voor leveranciers die de scropoliosideconcentratie testen met behulp van HPLC.

Veiligheid, contra-indicaties en bijwerkingen

Over het algemeen wordt Scrophularia nodosa goed verdragen, maar bij gevoelige personen kan het milde maagklachten of huidirritatie veroorzaken. In zeldzame gevallen is melding gemaakt van allergische contactdermatitis bij gebruik van sterk geconcentreerde extracten voor uitwendig gebruik.

  • Contra-indicaties: Vermijd gebruik tijdens zwangerschap en borstvoeding vanwege een gebrek aan uitgebreide veiligheidsgegevens. Mensen met hypotensie dienen hun bloeddruk te controleren, aangezien er anekdotische aanwijzingen zijn voor een licht vaatverwijdend effect.
  • Interacties: Mogelijk additief effect met diuretica – let op de vochtbalans. Kan theoretisch een wisselwerking hebben met anticoagulantia via de modulatie van bloedplaatjes; raadpleeg daarom een ​​arts.
  • Risico op overdosering: Overmatige inname (meer dan 10 g/dag) van thee kan leiden tot misselijkheid en hoofdpijn. Houd u aan de aanbevolen dosering om bijwerkingen te minimaliseren.

Modern wetenschappelijk onderzoek

De afgelopen jaren is er een heropleving te zien in het onderzoek naar Scrophularia nodosa . In een gerandomiseerde, dubbelblinde studie uit 2020 (n=60) werd een extract van 200 mg helmkruid vergeleken met een placebo ter ondersteuning van het lymfestelsel; deelnemers rapporteerden een 25% grotere vermindering van de zwelling na 8 weken (Journal of Ethnopharmacology).

Vergelijking van traditionele toepassingen: het volksgebruik dat helmkruid effectief is bij huidaandoeningen sluit aan bij een in vivo muizenstudie uit 2021 die een 40% snellere wondgenezing en een vermindering van ontstekingsstoffen (cytokines) aantoont bij topische toepassing van Scrophulara nodosa. Hoewel er nog maar weinig onderzoek bij mensen is gedaan, ondersteunen in vitro gegevens antioxiderende en ontstekingsremmende mechanismen die overeenkomen met eeuwenoude gebruiken.

Er is nog meer onderzoek nodig naar de effecten op de luchtwegen. Hoewel kruidenboeken melding maken van gebruik tegen hoest, hebben moderne onderzoekers de werking ervan op de gladde spieren van de bronchiën nog niet bevestigd. Ook over de optimale extractiemethoden bestaat nog veel discussie: thee op waterbasis levert meer fenolzuren op, terwijl tincturen op ethanol een hoger gehalte aan iridoïden bevatten. 

Mythes en realiteiten

  • Mythe: "Helmkruid geneest kanker." Realiteit: Hoewel S. nodosa in vitro antioxiderende eigenschappen vertoont, is er geen geloofwaardig klinisch bewijs dat de beweringen over de kankerbestrijdende werking ondersteunt. 
  • Mythe: "Alle helmkruidsoorten zijn onderling verwisselbaar." Werkelijkheid: Scrophularia nodosa heeft een duidelijk verschillend fytochemisch profiel vergeleken met S. auriculata of S. marilandica. Ga er niet van uit dat ze even krachtig zijn – op productetiketten moeten de botanische namen vermeld staan.
  • Mythe: "Het is veilig in elke dosering, omdat het natuurlijk is." Realiteit: Natuurlijk betekent niet altijd onschadelijk. Zeer hoge doseringen kunnen spijsverteringsproblemen en mogelijke interacties veroorzaken. 
  • Mythe: "Helmkruidthee is bitter en vies." Werkelijkheid: Als je verse, goed gedroogde bovengrondse delen slechts 5 minuten laat trekken op de juiste temperatuur (<90°C), is de bitterheid minimaal. Sommige mensen voegen er graag een snufje pepermunt of citroenschil aan toe.
Literatuur

vrijdag, oktober 02, 2026

Wonderlijke wortels. Acorus calamus

Wandelend, werkend en filosoferend in de Cascatellestuin wou ik mijn vrienden-studenten de bijzondere kalmoeswortel laten ruiken, helaas vond ik hem niet terug tussen de vele gele lis lookalikes. Verder dus en vergeten dan maar, alleen bleek dagen later dat mijn ijverige studente Veerle mij en de kalmoes niet vergeten was. Haar vraag: waarom zocht je toen de kalmoeswortel? Het antwoord volgt hier, uitgebreider dan ik het ooit ter plaatse had kunnen verzinnen. 

Kalmoes ( Acorus calamus , Acoraceae), een wonderlijke waterplant die vaak in moerassen groeit. Hij lijkt op de gele lis, met rietachtige stengels, zwaardvormige bladeren en lange, vertakte, sigaarvormige wortelstokken die vaak in de modder verzonken zijn. De plant geeft de voorkeur aan volle zon. De kleine, onopvallende, geelgroene bloemen verschijnen aan een lange, dikke, vlezige aar (spadix). DNA-onderzoek heeft aangetoond dat deze kalmoes de oudste levende lijn van de eenzaadlobbige planten vertegenwoordigt.

De geur, hoewel aanwezig in alle delen van de plant, is het meest aromatisch in de wortelstokken. Hij wordt omschreven als zoet met een scherpe, pittige ondertoon en "een delicate combinatie van groene bladeren, rozen en iriswortel met nuances van een schone, vettige geur." ² Kalmoes werd gebruikt in Egyptische parfumformules en was mogelijk een ingrediënt in hun belangrijkste parfum, Kyphi.³ De Grieken gebruikten kalmoes in hun Kyphi-versies. Er bestaat geen bewijs dat het in Egypte werd verbouwd, waardoor het een kostbare import uit India en Syrië was. Rekhmere, de vizier van Thoetmosis III (1465 v. Chr.), hield toezicht op de voorraadkamers van de farao en liet scènes vanuit zijn positie op zijn graf in Thebe afbeelden. Twee keer zijn er stapels gebonden rietstengels te zien, een tussen potten wierook en een andere met een bekend parfumingrediënt, met het hiëroglyfische opschrift 'kenen, waarvan men denkt dat het kalmoes is.

Volgens Plinius groeide de plant in Arabië, Syrië en India, waarbij de Syrische variant de beste kwaliteit had. Hij beschrijft de Syrische variëteit als een plant met "een bijzonder fijne geur die mensen zelfs van verre aantrekt... Binnenin de buis bevindt zich een soort spinnenweb, de bloem. De plant met het meeste van dit spinnenweb is de beste. De overige criteria voor de kwaliteit waren 'dat de bloem zwart moet zijn... en hoe korter en dikker de bloem is, hoe beter, en hoe buigzamer hij is bij het breken."

De grassprieten werden in middeleeuwse en renaissancehuizen als riet verspreid, zowel door de adel als door de lijfeigenen, en werden zeer gewaardeerd bij religieuze rituelen. Een van de beschuldigingen die de Kroon tegen kardinaal Woolsey uitte, was zijn buitensporige gebruik van het riet, dat vanuit Norfolk en Suffolk naar Londen moest worden vervoerd.

De Grieken gebruikten het om oogziekten te behandelen, waaraan de plant zijn naam dankt; akore is het Griekse woord voor "zonder pupil". De gedroogde wortelstokken werden veel gebruikt in bitterdranken, vermouth, likeuren en zoetigheden. In Europa werden afkooksels van kalmoes gebruikt om indigestie, winderigheid en maagzuur te behandelen. 3 Kalmoes is al duizenden jaren een vast onderdeel van de Ayurvedische geneeskunde en de Vedische zieners hadden er grote waardering voor. 4

In de bijbel Exodus 30 wordt kalmoes bij naam genoemd, samen met mirre, kaneel en cassia, als een van de vier botanische bestanddelen van de heilige zalfolie. Dit is dezelfde traditie die ook nardus tot de meest gewaardeerde aromatische ingrediënten rekent. Deze connectie is geen toeval: zowel kalmoes als nardus werden in het oude Nabije Oosten gewaardeerd om hun spirituele en ceremoniële betekenis, evenals om hun geneeskrachtige eigenschappen.

In de Ayurveda staat kalmoes bekend als Vacha, wat ruwweg vertaald kan worden als "degene die stem geeft". Deze naam verwijst naar een van de belangrijkste traditionele toepassingen: ondersteuning van de spraak, mentale helderheid en cognitieve functies. Het wordt al duizenden jaren in de Ayurvedische praktijk gebruikt als een nervinum – een kruid dat het zenuwstelsel ondersteunt en kalmeert – en als hulpmiddel bij de spijsvertering. In de traditionele Chinese geneeskunde komt het voor onder de naam Shi Chang Pu en wordt het op vergelijkbare wijze gebruikt, met name ter ondersteuning van mentale helderheid en het kalmeren van de geest.

Egyptische bronnen vermelden kalmoes als een van de aromatische ingrediënten van kyphi, het heilige wierook dat in tempels langs de Nijl werd gebrand. Theophrastus, de Griekse botanicus die in de vierde eeuw voor Christus schreef, beschreef het als een van de meest aromatische wortels en merkte op dat het in de parfumerie werd gebruikt. Dioscorides noemde het in zijn materia medica uit de eerste eeuw voor Christus als een middel tegen spijsverteringsproblemen, ademhalingscongestie en ontstekingen.

De rode draad door al deze tradities: kalmoes werd gewaardeerd om zijn aroma, om zijn effecten op de spijsvertering en het zenuwstelsel, en om zijn rol in ceremoniële en heilige rituelen.

Medicinaal gebruik :

  • Als middel tegen diarree en voor de behandeling van diverse inflammatoire aandoeningen van het maag-darmkanaal die gepaard gaan met dyspepsie, darmkrampen en infecties (bijv. parasieten).
  • Het wordt gebruikt bij aandoeningen van de luchtwegen, waaronder hoest, astma , hoofdpijn en verstopping door bijholteontsteking, en is ook als snuiftabak gebruikt bij sinusitis.
  • De wortel wordt al eeuwenlang in de Ayurvedische geneeskunde gebruikt voor neurologische aandoeningen en staat bekend om zijn vermogen om de mentale helderheid te verbeteren en geheugenverlies, mentale mistigheid, concentratieproblemen, nervositeit en angst te verlichten. Traditioneel wordt de wortel ook gekauwd om tabaksverslaving te doorbreken, uithoudingsvermogen te bevorderen of ter voorbereiding op inspannende activiteiten.
  • Voor de behandeling van diabetes in de traditionele volksgeneeskunde in Amerika en Indonesië.
  • De wortel wordt uitwendig tot een pasta verwerkt en aangebracht bij artritis, neuralgie, huidinfecties en tandpijn.
  • Samengevat: gedroogde en gemalen kalmoeswortel worden gebruikt in traditionele kruidenpreparaten, met name voor de spijsvertering en de luchtwegen. Deze vormen bevatten aanzienlijk lagere concentraties actieve stoffen dan etherische olie en weerspiegelen de vorm waarin kalmoes gedurende het grootste deel van zijn traditionele geschiedenis is gebruikt.
Bereidingswijze

  • Poeder: 250-500 mg per dag (maximaal 1 gram per dag)
  • Afkooksel in water of melk: 1 theelepel kruiden op 1 kopje water (vaak met toevoeging van honing)
  • Tinctuur: (1:5, 25%) 2-4 ml driemaal daags. Maximaal 80 ml per week.
  • Topisch: als pasta of pleister.
  • Wat knabbelen op een stukje wortel was de geliefde bereiding van een oude, reeds lang overleden vriend Fons. 
  • Kalmoes werkt als een fixatief en dieptenoot in parfummengsels, verlengt de houdbaarheid van lichtere topnoten en voegt een warme, aardse complexiteit toe. Gebruik het spaarzaam, het is aromatisch genoeg, een kleine hoeveelheid geeft al een significant effect.
Toxiciteit:

  • Niet geschikt voor langdurig gebruik.
  • Grote doses kunnen misselijkheid en/of braken en een versnelde hartslag veroorzaken.
  • Vermijd gebruik tijdens de zwangerschap vanwege mogelijke menstruatiebevorderende effecten.
  • Wees voorzichtig bij personen met een verzwakt immuunsysteem.

Referenties
  • 1Lawless J. The Encyclopedia of Essential Oils. San Francisco, CA: Conari Press; 2013.
  • 2Tucker AO, Debaggio T. The Encyclopedia of Herbs – A Comprehensive Reference to Herbs of Flavor and Fragrance. Portland, OR: Timber Press, 2nd edition;2009.
  • 3Maniche L. Sacred Luxuries – Fragrance, Aromatherapy, and Cosmetics in Ancient Egypt. London: Opus Publishing Ltd.; 1999.
  • 4Frawley D, Lad V. The Yoga of Herbs – An Ayurvedic Guide to Herbal Medicine. Twin Lakes, WI: Lotus Press; 1986.

woensdag, september 23, 2026

Rozenwortel, het Europese adaptogeen

In Europa komt Rhodiola rosea, een lid van de Crassulaceae-familie, voornamelijk voor in alpiene gebieden en Scandinavië. Daar is de plant bestand tegen extreme omstandigheden zoals koude, lange winters, arme grond en perioden van droogte. Kruidkundigen uit Scandinavië en Azië ontdekten dat deze veerkracht ook op de mens kon worden overgedragen. De plant wordt al eeuwenlang als tonicum gebruikt en is de laatste tijd vooral populair geworden onder sporters. Studies tonen aan dat Rhodiola rosea een toegestaan, veilig en effectief middel is om de fysieke en mentale veerkracht te vergroten.

Bovendien tonen klinische studies de potentiële voordelen aan van Rhodiola rosea bij depressie, angst, burn-out, stressgerelateerde klachten en uitputtingstoestanden zoals het chronisch vermoeidheidssyndroom. Ook gezonde personen kunnen baat hebben bij de stimulerende en prestatiebevorderende effecten van Rhodiola rosea. Dit geldt ook voor studenten en anderen die ondersteuning zoeken bij hun studie.

Dopamine en serotonine: Hoe Rhodiola rosea je beloont.

De actieve bestanddelen van Rhodiola rosea stimuleren de receptoren van verschillende neurotransmitters in de hersenen, zoals noradrenaline, dopamine, acetylcholine en serotonine. Deze neurotransmitters zijn belangrijk voor de hersenfunctie. Ze zorgen ervoor dat we wakker, alert en geconcentreerd zijn. Recent onderzoek toont aan dat dopamine en serotonine het leerproces bevorderen. Beide neurotransmitters fungeren als motivator voor onze hersencellen. Ze overspoelen de hersenen en geven het volgende signaal: Iedereen wakker! Dit moment is belangrijk! Hierdoor concentreren de hersenen zich met verhoogde aandacht en geheugen op de huidige gebeurtenis, waardoor afleidingen door dwalende gedachten worden onderdrukt. Met behulp van dopamine en serotonine ervaren je hersenen de leerstof als belangrijk. En belangrijke informatie krijgt een speciale behandeling in de hersenen: het wordt sneller in het geheugen opgeslagen. Dankzij dopamine en serotonine is het daardoor gemakkelijker om te onthouden wat je hebt geleerd.

Je kunt voelen of je serotonine- en dopaminehuishouding gestimuleerd wordt. Beide neurotransmitters zorgen ervoor dat je ervaart wat je doet als prettig en lonend. Je kent vast wel het 'aha'-moment tijdens het leren, het moment waarop verbanden duidelijk worden en oplossingen voor problemen zich aandienen. Het 'aha'-moment creëert gevoelens van geluk, die op hun beurt het leerproces verdiepen. Rhodiola rosea bevordert deze positieve dynamiek, die wordt gemedieerd door serotonine en dopamine.

Rhodiola rosea werkt ook tegen stress, angst en vermoeidheid.

Rhodiola rosea wordt beschouwd als een plantaardig adaptogeen. Net als andere adaptogenen verbetert het de prestaties onder stressvolle omstandigheden. Leren is vaak ook stressvol – door tijdsdruk, zorgen of tegenzin. Volgens onderzoek verhogen de actieve bestanddelen van Rhodiola rosea (met name de belangrijkste actieve stoffen uit de rosavingroep en salidroside) de weerstand tegen stress, verminderen ze stresshormonen en gaan ze zo de uitputtende effecten van stress tegen. Dit kan niet alleen nuttig zijn voor het leren, maar kan studenten ook beschermen tegen een burn-out als gevolg van chronische stress.

Bovendien kunnen de actieve bestanddelen van Rhodiola rosea de vermoeidheid van hersencellen vertragen. Hun antioxiderende eigenschappen zouden hersencellen kunnen beschermen tegen vrije radicalen die hun functioneren belemmeren.

Naast stress en vermoeidheid is angst ook een slechte, maar helaas veelvoorkomende metgezel tijdens het leren. Dit wordt onder andere veroorzaakt door de druk van deadlines en de angst om te falen. De angstverminderende effecten van Rhodiola rosea zouden kunnen helpen voorkomen dat angst je leerproces te veel belemmert.

Literatuur

zondag, september 20, 2026

Jiaogulan, een kamerplant als adaptogeen

De eerste keer dat ik de Jiaogulan tegenkwam was in een gewoon tuincentrum en dan nog tussen de ordinaire kamerplanten. Wel de laatste plaats waar ik een stoere adaptogeen verwacht te vinden. Een onverwachte en aangename verrassing was het dus wel.

Jiaogulan (Gynostemma pentaphyllum) is een belangrijke plant in de traditionele Chinese geneeskunde (TCM) die steeds bekender en populairder wordt in Europa. En terecht. Jiaogulan heeft een breed scala aan effecten, onder andere op de cardiovasculaire gezondheid, het immuunsysteem en de suiker- en vetstofwisseling. De plant wordt in Europa echter vooral gebruikt als adaptogeen. Adaptogenen zijn medicinale planten die de fysieke en mentale prestaties kunnen bevorderen, zelfs onder zware stress of uitputting. Adaptogenen helpen het lichaam zich aan te passen aan stress en de interne balans van lichaamsprocessen te behouden onder belasting.

De plant die bekendstaat als het "kruid van de onsterfelijkheid" wordt al eeuwenlang in de traditionele Chinese geneeskunde (TCM) gebruikt om chronische vermoeidheid en uitputting te behandelen. En met goede reden, zoals recent onderzoek heeft aangetoond. De bestanddelen van Jiaogulan hebben diverse effecten die kunnen helpen bij het bestrijden van uitputting. Deze omvatten onder andere de bescherming van mitochondriën en zenuwcellen.

Meer energie dankzij verbeterde mitochondriale functie

Dit kruid ontlast de celstofwisseling dankzij zijn sterke antioxiderende eigenschappen, die voornamelijk te danken zijn aan de flavonoïden. Flavonoïden kunnen vrije radicalen neutraliseren die tijdens stofwisselingsprocessen ontstaan. UV-straling, roken, milieutoxines en ontstekingen kunnen de vorming ervan bevorderen. Vrije radicalen zijn onstabiele atomen of moleculen waaraan een elektron ontbreekt. Ze proberen dit tekort te compenseren door een elektron van andere verbindingen te stelen. In de celstofwisseling kan dit schade veroorzaken als vrije radicalen een elektron van essentiële celmoleculen afnemen. Een onbalans die wordt gekenmerkt door een overmaat aan vrije radicalen staat bekend als oxidatieve stress. Dit kan leiden tot celbeschadiging en wordt in verband gebracht met veroudering, vermoeidheid en diverse hart- en vaatziekten. Antioxidanten zijn moleculen die een elektron aan vrije radicalen kunnen afstaan, waardoor ze onschadelijk worden gemaakt.

Het menselijk lichaam beschikt over eigen antioxidanten, maar – vooral tijdens stressvolle perioden – is het ook afhankelijk van antioxidanten uit voeding. Plantaardige voedingsmiddelen en diverse medicinale planten, zoals Jiaogulan, zijn bijzonder rijk aan antioxidanten. Hun antioxidanten beschermen ook de "energiefabrieken" van de cellen, de mitochondriën. Deze leveren energie aan de cellen via oxidatieprocessen. Dit proces zelf genereert veel vrije radicalen. Als deze niet voldoende worden geneutraliseerd, kunnen ze de energieproductie door de mitochondriën verstoren.

De flavonoïden in Jiaogulan beschermen ook zenuwcellen tegen vrije radicalen, waardoor hun vermoeidheid onder stress kan worden vertraagd. Dit effect wordt ondersteund door de polysacchariden van de plant. Deze hebben niet alleen hun eigen antioxiderende eigenschappen, maar lijken ook de activiteit van endogene antioxidanten zoals superoxide dismutase SOD te versterken.

Tegen ontstekingsprocessen in de hersenen

Wat betreft de vermoeidheidsverminderende eigenschappen van Jiaogulan, zijn de saponinen, de zogenaamde gypenosiden, ook van belang. Deze vertonen antioxiderende eigenschappen. Bovendien verminderen ze ontstekingsprocessen die ook tot vermoeidheid kunnen leiden. Dit omvat ontstekingsprocessen in de hippocampus (een deel van de hersenen), die vermoeidheid en uitputting kunnen veroorzaken. Men vermoedt dat deze neuro-inflammatie (ontsteking van zenuwcellen) een rol speelt bij vermoeidheid die gepaard gaat met neurodegeneratieve ziekten zoals de ziekte van Alzheimer of Parkinson, myalgische encefalomyelitis / chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/CVS) of langdurige COVID-19.

Chronische stress of hersenbeschadigingen kunnen echter ook neuro-inflammatie veroorzaken. Gypenosiden lijken ontstekingsprocessen in de hippocampus te verminderen. Dierstudies suggereren dat gypenosiden ook de cellulaire energieproductie kunnen bevorderen en vermoeidheid kunnen tegengaan. Gypenosiden lijken niet alleen qua werking, maar ook qua structuur op ginsenosiden, de belangrijkste werkzame stoffen in ginseng (Panax ginseng). Het is daarom niet verwonderlijk dat Jiaogulan vaak "zuidelijke ginseng" wordt genoemd.

Klinisch onderzoek

In een dubbelblind, placebo-gecontroleerd, gerandomiseerd onderzoek met 100 gezonde volwassenen van 19 tot 60 jaar werd de vermoeidheidsverminderende werking van Jiaogulan gedurende een periode van 12 weken onderzocht. De resultaten zijn veelbelovend: in tegenstelling tot placebo leidde Jiaogulan tot een significante verbetering van de cognitieve vaardigheden onder stress en vermoeidheid en verbeterde het de fysieke en mentale prestaties.

Gebruik Jiaogulan veilig

Tot op heden bestaan ​​er geen officiële monografieën over jiaogulan van ESCOP, HMPC of Commissie E. Bovendien wordt jiaogulan in de EU geclassificeerd als een "nieuw voedingsmiddel", omdat het vóór 15 mei 1997 niet op grote schaal in de EU werd geconsumeerd. Daarom mag het in EU-landen niet als voedingsmiddel op de markt worden gebracht. De verkoop van het kruid is wel legaal.

Omdat Jiaogulan niet officieel als voedsel of voedingssupplement wordt verkocht, is het niet onderworpen aan voedselveiligheidscontroles met betrekking tot verontreinigingen, pesticiden en hygiënische zuiverheid. Jiaogulan is niet goedgekeurd voor consumptie. Producten die op de markt verkrijgbaar zijn, vermelden ook duidelijk dat ze niet geschikt zijn voor consumptie. Het is zonder beperkingen toegestaan ​​om de verse plant te gebruiken. Jiaogulan kan als plant in een pot of in de tuin worden gekweekt en thuis worden verwerkt.

Literatuur

  • Li X et al. Gymnostemma pentaphyllum: Een overzicht van traditioneel gebruik, fytochemie en farmacologie. Journal of Functional Foods 2025; https://doi.org/10.1016/j.jff.2024.106651
  • Lin‐Na S, Yong‐Xiu S. Effecten van polysacchariden uit Gynostemma pentaphyllum (Thunb.), Makino op fysieke vermoeidheid. African Journal of Traditional, Complementary, and Alternative Medicines 2014; https://athmsi.org/journals/index.php/ajtcam/article/view/1934
  • Li Y Ren Y, Liu R, Xu W et al. Verlichting van perifere en centrale vermoeidheid door gypenosiden via ontstekingsremming, antioxiderende werking en regulatie van neurotransmitters. Food Sci Nutr 2025; https://doi.org/10.1002/fsn3.70436
  • Kim YH, Jung JI, Jeon YE et al. Extract van Gynostemma pentaphyllum en het actieve bestanddeel gypenoside L verbeteren de trainingsprestaties van muizen die op een loopband zijn getraind. Nutr Res Pract 2022; https://doi.org/10.4162/nrp.2022.16.3.298
  • Ahn Y, Lee HS, Lee SH, et al. Effecten van gypenoside L-bevattend Gynostemma pentaphyllum-extract op vermoeidheid en fysieke prestaties: een dubbelblind, placebo-gecontroleerd, gerandomiseerd onderzoek. Phytother Res 2023; https://doi.org/10.1002/ptr.7801


zaterdag, september 19, 2026

Doornappel, geschiedenis van verloren eer

Doornappel laat opnieuw van zich horen. Deze in de vergetelheid geraakte magische plant haalt zelfs het nieuws. 'Giftig, gevaarlijk, uit te roeien' wordt er geroepen en dat voor een plant die, als ik ook wat mag overdrijven, mede de geschiedenis van de mensheid heeft bepaald. Zelf kwam ik de jonge plant vandaag ook tegen tijdens mijn buitenles bij een herboristenopleiding. ik zal niet zeggen waar anders wordt hij ook daar te vuur en te zwaard bestreden.

Doornappel dus, een eenjarige nachtschade-plant met een groots en geheimzinnig verleden die tot nu een bescheiden leven leidde in de hoofden van enkele herboristen en kruidenheksen. Een plant met meer verhaal dan gebruik. Doornappel samen met bilzekruid en wolfskers waren in het verleden de heksenkruiden bij uitstek. De ingrediënten voor een echte heksenzalf. De geschiedenis en rondzwervingen van doornappel zijn al even geheimzinnig als zijn vroeger gebruik.

Herkomst van doornappel

Wat West-Europa betreft kan men vrijwel zeker aannemen dat doornappel Datura stramonium vanuit Amerika via Spanje tot hier is geraakt. De opvatting dat hij uit Zuidwest-Azië zou stammen, gaat terug op een verwarring met een andere doornappel, de Indiase Datura metel. In 1577 werd de Doornappel vanuit Mexico in Spanje ingevoerd, waarna hij vrij vlug in botanische tuinen in tal van Europese landen verscheen. Van daaruit begon hij in de 17de eeuw te verwilderen. Tegenwoordig is Doornappel een kosmopoliet van de gematigde en warmere streken. In België is hij vrij zeld­zaam, in Nederland is hij plaatselijk algemeen in de Hollandse duinstreek en op de zandgron­den in het midden van het land. Andere bekende Datura soorten die men bij ons wel eens aantreft in botanische tuinen of elders in gekweekte vorm zijn: Datura metel uit Zuid-Azië, Datura fastuosa uit Egypte en Oost-Indië, Datura arborea uit Amerika en Datura sanguinea uit Peru en Colombia.

De ontdekking van zijn medische en hallucinogene eigenschappen gebeurde onafhankelijk van mekaar in zowel de oude als de nieuwe wereld. In grote delen van de Oude wereld werd Datura hoofdzakelijk geprezen voor zijn medische eigenschappen, maar in de Nieuwe wereld werd de plant vooral in ver­band gebracht met magisch religieuze rituelen.

De naam en geneeskracht van Datura

De naam van het geslacht Datura verschijnt reeds in vroege geschriften in het Sanskriet als 'dustu-ra', en Avicenna, de Perzische geneesheer uit de 11de eeuw verwijst naar de medische en hal­lucinogene eigenschappen van 'datora' of 'tatora'.

In Azië werden Datura metel en Datura fastuosa gebruikt voor de behandeling van heel wat kwalen, inclusief koorts, geestelijke verstoring, hart- en longaandoeningen. De plant werd zelfs gecombineerd met Cannabis en wijn om zo een bruikbaar verdovend middel te hebben bij chirurgische operaties. De zaden van Datura werden ook gemengd met Cannabis en gerookt voor het plezier en voor religieuze doeleinden en deze praktijk leeft nog voort in Indo-China en delen van Afrika.

Bock over Datura

Het kruidenboek van Hieronymus Bock (1498 - 1554) maakt melding van Datura, maar men neemt aan dat het bij Bock gaat om Datura metel die als geneesmiddel werd aangewend. Ook Matthiolus (1501 - 1577) noemt de plant en geeft als raad om bij vergiftiging: 'warme boter drinken, handen en voeten in warm water houden en in beweging laten houden tot men moet braken'.

Dodonaeus over doren-appel

Rembert Dodoens (1516 - 1585) heeft het over Van Doren-Appel of Stramonia: 'dezen Doorn-Appel is van aerd ende krachten seer verdovende, 't ghevoelen benemde, ende slaep-maekende, mits dien oock verkoelende tot in den vierden graed, ende de Mandragoria nergens in wijckende'. Door zijn late optreden in de Midden-Europese cultuur kan men aannemen dat de Doornappel in tegenstelling tot sommige beweringen, geen rol heeft gespeeld in het kader van de heksenprocessen.

Ook als volksgeneesmiddel heeft het nooit een belangrijke rol gespeeld. Dit in tegenstelling tot de meer Oostelijk gelegen gebieden waar het ongeacht zijn giftigheid, werd en, nog steeds, wordt aangewend. Zo bestrijdt men in de Wolgastreek, tandpijn door beroking met Stramonium. De bladeren werden op wonden gelegd en op sommige plaatsen werd het plantensap gebruikt bij brandwonden, wond-roos en in baden bij reuma.

Dolappel

Vanwege de giftige en bedwelmende werking zijn namen als Dolappel en Dolkruyt goed te begrijpen, vooral in verband met de verklaring van 'Stramonium' als afkomstig van strychnos (nachtschade) en manikos (waanzin). De naam Duzelappel of Duizelappel is te verklaren door de geur die de plant vooral 's nachts verspreidt waardoor men duizelig kan worden. Het zou zelfs gevaarlijk zijn om in de nabijheid van de plant te slapen. De Franse naam Endormie, slaperig of suffig verwijst er naar. Ook het plukken van de bladeren kan gevolgen hebben voor gevoelige personen. Dit plukken van doornappelblad voor medische doeleinden gebeurde in de eerste helft van de 20ste eeuw nog op grote schaal. Sommige plukkers zouden zelfs gezichtsstoornissen gekregen hebben door het veelvuldig aanraken van de bladeren.

Doornappel, spirituele en geneeskrachtige plant uit het verleden leeft nu alleen nog verder in de herinnering van heksen en herboristen. Een plant nog wel in gebruik bij liefhebbers van alternatieve hallucinogenen, al lijkt mij dat gebruik nogal gevaarlijk. Straffe verhalen over vertellen is zonder meer veel veiliger.

Een persoonlijke herinnering over doornappel

Tegen de avond eindelijk onweer en regen in mijn Frans dorp . Binnen bekijk ik nog eens film uit mijn verre verleden. Persona van Ingmar Bergman. Traag vertellen 2 vrouwen hun doordringend verhaal. Na de film en na de regen, moet ik nog even naar buiten. De donkerte van de tuin tegemoet. Op de tast vind ik de doornappels, de muffe lucht van hun blad vermengt zich met zoete, scherpe geur van de witte bloemen. Even ook kleverige klei onder mijn voeten voelen in plaats van gebarsten grond, dat was lang geleden! De onzichtbare tuin is nu na de regen en in het donkere alleen geur en gevoel. En dan zo dicht bij de magische doornappel en bilzekruid staan! Als er trollen en tovenaars bestaan moeten ze nu wel te voorschijn komen.


vrijdag, september 18, 2026

Meidoornbessen oogsten en gebruiken

Vandaag voor de zoveelste keer in mijn leven weer felrode meidoornbessen geplukt. De kwaliteit lijkt goed dit jaar. Ik gebruik de bessen samen met bloesem en blad voornamelijk om een tinctuur voor de conditie van het hart te maken. Ons veilig versterkend hartmiddel bij uitstek.

Mogelijk de eerste vermelding van de hartversterkende werking van meidoorn is afkomstig van de Zwitserse arts Paracelsus (1493-1541). Ook de Engelse arts Nicholas Culpeper (1616-1654) schreef dat gedroogde, gemalen meidoornbessen, toegevoegd aan wijn, zouden helpen bij nierstenen en oedeem (oedeem van de onderste ledematen veroorzaakt door congestief hartfalen); een aftreksel van de bloem zou diarree of vloeien stoppen; en dat het zaad, geplet en gekookt in wijn, "goed was tegen innerlijke kwellende pijnen". In haar klassieker uit 1931, A Modern Herbal, schrijft Maud Grieve hartversterkende, diuretische, samentrekkende en tonische eigenschappen toe aan Crataegus oxyacantha.

Het gebruik van meidoorn bij hartaandoeningen was al in de 17e eeuw in de Europese klinische praktijk ingeburgerd en werd populair in de late 19e en vroege 20e eeuw. In Noord-Amerika werd meidoorn al in 1896 gebruikt voor hartmedicatie. Tegenwoordig behoren meidoornpreparaten tot de bestverkochte plantaardige geneesmiddelen in Duitsland. Thee gemaakt van de bladeren en bloemen is verkrijgbaar in losse vorm en in theezakjes; er zijn ook droge en vloeibare extracten, tincturen, zachte extracten en injecteerbare vormen beschikbaar. In Frankrijk wordt meidoorn gebruikt tegen angst en slapeloosheid. Het wordt ook gebruikt als een mild kalmerend middel, vaak in combinatie met lavendel ( Lavandula spp., Lamiaceae) of citroenmelisse ( Melissa officinalis , Lamiaceae) in gevallen waarin milde hartaandoeningen gepaard gaan met nervositeit.

Meidoornextracten kunnen een te hoge bloeddruk verlagen.

De bloemen en bladeren van meidoorn bevatten verschillende flavonoïden zoals rutine, quercetine en oligomere procyanidinen, die een effect hebben op het cardiovasculaire systeem. Deze versterken de hartfunctie, verbeteren de bloedstroom en beschermen de bloedvaten tegen oxidatieve stress. Daarom wordt meidoorn al lange tijd gebruikt in de traditionele kruidengeneeskunde en fytotherapie ter ondersteuning van de cardiovasculaire functie. De HMPC, Commissie E en ESCOP vermelden het gebruik ervan bij gevallen van afnemende hartfunctie (hartfalen) en neurologische hartklachten.

In vitro- en in vivo-onderzoeken met meidoornextracten suggereren ook dat de actieve bestanddelen van meidoorn de verhoogde bloeddruk kunnen verlagen. Ten eerste ontspannen ze de perifere bloedvaten. Wanneer de perifere vaatweerstand afneemt, is er minder bloeddruk nodig om de weefsels van bloed te voorzien. Studies hebben een matig ACE-remmend effect aangetoond van de actieve bestanddelen van meidoorn. ACE staat voor angiotensine-converterend enzym. Dit enzym activeert het hormoon angiotensine, dat de bloedvaten vernauwt. Als het enzym wordt geremd, blijven de vaten verwijd en kan de bloeddruk dalen.

Klinische proeven

Verschillende klinische studies hebben inmiddels onderzocht of deze effecten relevant zijn bij mensen met hypertensie. Een analyse uit 2020 evalueerde vier gerandomiseerde, dubbelblinde, placebo-gecontroleerde onderzoeken. De resultaten: meidoorn kan een verhoogde bloeddruk verlagen wanneer het gedurende meerdere weken wordt ingenomen. 

Kan meidoorn gebruikt worden bij de behandeling van hoge bloeddruk?

Meidoornpreparaten worden over het algemeen goed verdragen. Iedereen die overweegt ze te gebruiken tegen hoge bloeddruk, moet dit eerst met zijn of haar arts bespreken, ook om mogelijke interacties met hartmedicatie zoals digitalis uit te sluiten. Meidoorn kan een aanvulling zijn op bestaande bloeddrukverlagende medicatie, maar kan deze niet vervangen.

Meidoornazijn als immuun-modulator

Meidoorn is een economisch belangrijke vrucht in Oosterse landen, de bessen worden op grote schaal geteeld en bevatten belangrijke bioactieve stoffen, zoals fenolen, organische zuren, vitaminen en mineralen. Meidoornazijn, net als de vrucht zelf, heeft diverse belangrijke effecten op de algemene gezondheid, met name als antioxidant en immuun-modulator. Het is ook bekend dat de toepassing van ultrasone technologie bij de azijnproductie een positief effect heeft op de antioxidantwerking, met goede gevolgen voor de gezondheid.

Literatuur

  • Kraft K. Zijn er kruidenalternatieven voor chemisch gedefinieerde antihypertensiva? Journal of Phytotherapy 2025; DOI: 10.1055/a-2534-4691
  • Blaschek W, Ebel S, Hackenthal E et al. Crataegus. Hagers Encyclopedia of Medicinal Products and Drugs. Stuttgart: WVG/Springer; 2014
  • Ontwerpbeoordelingsrapport over Crataegus monogyna Jacq. (Lindm.), C. laevigata (Poir.) DC. of hun hybriden; C. pentagyna Waldst. et Kit. ex Willd.; C. azarolus L. EMA/HMPC/116318/2024
  • Clouda A, Vilcinsa D, McEwen B. Het effect van meidoorn (Crataegus spp.) op de bloeddruk: een systematische review.  Med www.sciencedirect.com/science/article/abs/pii/S2212958817301106
  • Zick SM, Vautaw BM, Gillespie B, Aaronson KD. Gerandomiseerde, geblindeerde studie naar chronisch hartfalen met meidoornextract (HERB CHF). Eur J Heart Fail . 2009;11:990-999.
  • Holubarsch DJF, Colucci WS, Meinertz T, Gaus W, Tendera M. De werkzaamheid en veiligheid van Crataegus-extract WS® 1442 bij patiënten met hartfalen: de SPICE-studie. Eur J. Heart Fail . 2008;10:1255-1263.
  • Pittler MH, Guo R, Ernst E. Meidoornextract voor de behandeling van chronisch hartfalen (review). Cochrane Database of Systematic Reviews. 2008; 1: Art.nr.: CD005312. DOI: 10.1002/14651858. CD005312.pub2.
  • Walker AF, Marakis G, Simpson E, et al. Hypotensieve effecten van meidoorn bij patiënten met diabetes die voorgeschreven medicijnen gebruiken: een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek. Br J Gen Pract . juni 2006;56(527):437-443.
  • Seyidoglu N, Karakçı D, Bakır B, Yıkmış S. Meidoornazijn in gezondheid met een focus op immuunreacties. Voedingsstoffen 2024; 16 (12): 1868

dinsdag, september 08, 2026

Bitterzoet of Solanum dulcamara

Zelfs in herfst en winter kom je de frisrode bessen van de Solanum dulcamara in de natuur nog tegen. Zowel de Nederlandse naam bitterzoet als de Latijnse naam dulcamara verwijzen naar de smaak van de bessen en van de steel.

Mijn standaardverhaal op een kruidenwandeling is, dat de plant eerst bitter, dan zoet smaakt en dat je daarna niets meer proeft omdat je dan dood bent. Ik geef toe, wel wat overdreven maar van deze nachtschade-achtige, familie van de zeer giftige wolfskers, moet je van de bessen toch niet overdadig eten. Tien bessen zijn genoeg om vergiftigingsverschijnselen bij kleine kinderen op te wekken. Meer dan dertig bessen kunnen een hond binnen drie uur doden. Een grote dosis bessen veroorzaakt remmen, diarree, rillingen over het hele lichaam, huiduitslag en spierpijnen.

Medische geschiedenis

Toch is deze klimplant tot voor kort gebruikt geweest als medicijn. Meestal en niet toevallig zijn het vooral de stelen die geneeskrachtig waren, ze zijn minder agressief dan de bessen en hebben vooral een zogenaamd drainerend of bloedzuiverend effect.

Dodoens schreef al over het kruid dat de wortel als een afkooksel in wijn 's ochtends en 's avonds drie uur voor de maaltijd opgenomen 'den buyck heel ledigh maect ende pisse ghemackelijck doet voortkomen'. En 1500 jaar eerder verteld Dioscorides hetzelfde verhaal.

Volgens Broeder Aloysius, een der laatste traditionele kruidenboekschrijvers uit het begin van de 20ste eeuw, moest het kruid worden gebruikt bij 'slijmtering, syphylis, scrophullen, jicht, reuma, astma en vooral bij venerische ziekten'.

En het werd zelfs als een soort kindersnoepje aangeprezen en gebruikt. In een Almanach der Kruidkunde uit 1800 werd het 'hoe-langer-hoe-liever' genoemd. Op het Nederlandse Walcheren werd het 'bitterzoethout' genoemd en ook 'wild zoethout' kwam voor. In Frankrijk draagt ​​de plant dezelfde naam 'réglisse sauvage'. Er werd dus zelfs op geknabbeld zoals op zoethout.

Bitterzoet, een elfenrank

Zonder meer ook een kruid dat tot de verbeelding spreekt, zoals dat met meer sterk werkende planten het geval is. Niet voor niets hoort het kruid bij de familie van de nachtschade, dit woord is mogelijk afkomstig van de Middelnederlandse 'nachtschaduw', gerelateerd aan de Deense 'natskade' (nachtraaf). In de Noorse mythologie had de god Donar altijd twee mythische raven bij zich.

Als toverkruid was het ook bij gewone mensen bekend. Om te voorkomen dat een aantal van de bewoners van een huis betoverd zouden worden, werd er vroeger een bosje bitterzoet in de kamer uitgesloten. In Duitsland hangen boeren de ranken om de nek van de koeien. Zelfs om de nek van de mummie van Toetankhamon zou een ketting van bitterzoet aangetroffen zijn.

Ook andere bijnamen specifiek naar magie, zoals 'alfsrancke' of elfsranke die ook Dodoens de plant al gaf. De magische wezens alfen of elfen zouden deze planten als rustplaats gebruikt hebben. Alfen en elfen zijn twee totaal verschillende wezentjes. Waar het alf kwaadaardig is, is het elfje vaker vriendelijk. Al spreek ik nu helaas niet uit ondervinding.

Nog weinig in gebruik

In de hedendaagse kruidengeneeskunde gebruiken we de stengels niet meer. We zijn veel voorzichtiger geworden, misschien te voorzichtig. Toch wordt het nog wel eens aangeboden. Is dat wel veilig? Misschien moeten we ons beperkten tot het uitwendig gebruik. Vroeger werd het gebruikt als kompres bij huidaandoeningen en bij nagelbedontsteking. Daar komt mogelijk de Engelse naam felonwort vandaan. Culpepper zegt: 'Landmensen nemen er gewoonlijk de bessen van, en nadat ze ze hebben gekneusd, passen ze ze toe bij nagelbedontsteking, en verlossen daardoor al snel hun vingers van zulke lastige gasten'.

Namen van bitterzoet

  • Engels: Bittere Nachtschade, Bitterzoet, Blauwe Nachtschade, Gewone Nachtschade, Dodelijke Nachtschade, Dulcamara, Fellen, Fellonwood, Felonwort, Fever Twig, Kakmachi, Morelle Douce-Amère, Mortal, Rubabarik, Scarlet Berry, Snake Berry, Staff Vine, Violet Bloom, Woody, Woody Nightshade
  • Nederlands: Bitterzoet, Elfrank, Hoe langer hoe liever, Wild zoethout, kwastjeshout, Schothout, Weerhout, Dulle kamare
  • Frans: Douce-amère, Réglisse sauvage, Morele grimpante, Vigne de Judée, Bois de ru
Bitterzoet, Solanum dulcamara een vreemde plant die in onze nuchtere tijd samen met de elfjes veel van zijn magische krachten verloren heeft.

Wetenschappelijk onderzoek

  • Boll PM. Alkaloidglycosiden uit Solanum dulcamara. IV. De samenstelling van bèta- en gamma-solamarine. Acta Chem Scand. 1963;17:1852.
  • Briggs LH, Vining LC. Solanum-alkaloïden. Deel X. De wijze van koppeling in het trisaccharidegedeelte van solanine en solasonine. J Chem Soc. 1953;2809.
  • Briggs LH, Cambie RC, Hyslop DM. Solanum-alkaloïden. Deel XVII. De suikereenheid van solamargine. J Chem Soc. 1975;2455.
  • Marker RE, Wagner RB, Ulshafer PR, Wittbecker EL, Goldsmith DP, Ruof CH. Sterolen. CLVII. Sapogeninen. 69. Isolatie en structuren van dertien nieuwe steroïde sapogeninen. Nieuwe bronnen voor bekende sapogeninen. J Am Chem Soc. 1943;65:1199.
  • Keeler RF, Baker DC, Gaffield W. Studies on Spirosolane-containing Solanum species and induction of congenital craniofacial malformations. Toxicon. 1990;28:873-874.
  • Krayer O, Briggs LH. Studies on solanum alkaloids: II. The anti-accelerator cardiac action of solasodine and some of its derivatives. Br J Pharmacol. 1950;5:517-525.
  • Friedman M, Henika PR, Mackey BE. Effect van het toedienen van solanidine, solasodine en tomatidine aan niet-zwangere en zwangere muizen. Food Chem Toxicol. 2003;41:61-71.
  • Jaggi R, Wurgler U, Grandjean F, Weiser M. Dubbele remming van 5-lipoxygenase/cyclooxygenase door een gereconstitueerd homeopathisch middel; mogelijke verklaring voor klinische werkzaamheid en gunstige gastro-intestinale verdraagbaarheid. Inflamm Res. 2004;53:150-157.
  • Dandekar DS, Lokeshwar VB, Cevallos-Arellano E, Soloway MS, Lokeshwar BL. Een oraal actief extract van een Amazoneplant (BIRM) remt de groei en metastase van prostaatkanker. Cancer Chemother Pharmacol. 2003;52:59-66.


vrijdag, september 04, 2026

Ontmoeting met edelweiss

Ook dit jaar wandelend en kruipend in de Italiaanse Alpen ontmoeten we de zeer zeldzame 'edele witte wollige' of te wel Edelweiss. Niet dat ik van plan ben om deze plantjes te plukken of om er tinctuur van te maken toch is deze plant in het verleden gebruikt geweest en ook nu wordt deze Leontopodium, weliswaar geteeld, als geneeskrachtige en cosmetische plant opnieuw gebruikt.

Leontopodium alpinum Cass.  behoort tot de familie Asteraceae; het geslacht Leontopodium bestaat uit 30-40 soorten, die voornamelijk in Azië voorkomen, met name in het Tibetaanse hoogland. De geslachtsnaam “Leontopodium” komt van het Griekse woord “Leontopodion”, waarbij in het Oudgrieks léon [λέων] leeuw betekent en podós [ποδός] voet of podárion [ποδάριον] en pódion [πγδιον] kleine voet betekent; de geslachtsnaam verwijst naar de viltachtige “bloemblaadjes”, die op leeuwenpoten lijken 

In Engelstalige landen staat edelweiss nog steeds bekend als "lion's foot" en "lion's paw", en in het Frans als "pied-de-lion". De vorm van de bloem heeft ook geleid tot de volksnamen "Étoile de Glacier" en "Étoile d'Argent" in het Frans, en "Stella alpina" in het Italiaans. In Duitstalige landen zijn er ook talrijke volksnamen, waaronder "Bauchwehblüml" (verwijzend naar het gebruik ervan in de volksgeneeskunde!) en "Löwentrapp".

Tijdens de Renaissance stond edelweiss bekend als "Gnaphalium", afgeleid van het Oudgriekse γνάφαλον (gnáphalon), wat "wol" en "vilt" betekent. In de 16e eeuw stond L. alpinum bekend als "wolbloem" en werd ook zo genoemd door de Zürichse natuuronderzoeker Conrad Gessner (1516–1565) in zijn werk 'Historia Plantarum' (1541). De Italiaanse botanicus Pietro Andrea Mattioli ("Matthiolus", 1501–1577) beeldde edelweiss voor het eerst af onder de naam "Leontopodium" in zijn werk 'Compendium de Plantis omnibus'. De naam ‘edelweiss’ werd voor het eerst gedocumenteerd in de Oostenrijkse bergstreek in de 18e eeuw en wordt nu ook in vele talen gebruikt.

Traditionele medicinale toepassingen van edelweiss

Het gebruik van het kruidengeneesmiddel edelweiss, Herba Leontopodii, in de volksgeneeskunde van de Alpenregio is al eeuwenlang bekend. In de 16e eeuw werd de plant afgebeeld in het kruidenboek van Jacobus Theodorus (1522-1590), beter bekend als Tabernaemontanus, hoewel hij opmerkte dat het kruid niet medicinaal werd gebruikt, maar dat het wel, net als de kruiden tegen dysenterie, kon worden ingezet, wat suggereert dat het werd gebruikt bij de behandeling van diarree en dysenterie.

Edelweiss wordt in de volksgeneeskunde in de Alpenregio al sinds de 19e eeuw gebruikt voor de behandeling van buikpijn, angina, bronchitis, diarree en dysenterie bij zowel mensen als dieren (Dalla Torre, 1895). Bij kinderen met aspecifieke buikpijn wordt het gekookt in melk; bij darmkrampen wordt het gebruikt als soep, gemengd met havermoutpap.

Edelweiss voor de huid

Sinds 2000 is deze koningin van de alpenbloemen onderwerp van farmacologisch onderzoek. Cosmetische bedrijven ontwikkelen er nu producten van, waaronder zonnebrandcrèmes, antirimpelcrèmes en bodylotions. De plant wordt gekweekt onder de naam Leontopodium "Helvetia", het heeft antimicrobiële, maar vooral ontstekingsremmende en antioxiderende eigenschappen. De flavonoïden zijn bijzonder effectief als zonbescherming en beschermen de menselijke huid, net als de plant zelf, tegen de brandende bergzon; ze zijn ook geschikt voor huidverzorging na het zonnebaden. Ze binden vrije radicalen, hebben celbeschermende en ontstekingsremmende effecten, versterken de bloedvaten en verminderen de broosheid van de haarvaten. Dankzij het edelweisszuur, de tannines, flavonoïden en chlorogeenzuren voorkomt edelweiss de vorming van schadelijke vrije radicalen die verantwoordelijk zijn voor vroegtijdige huidveroudering, en verzorgt het de huid bij couperose en spataderen, een ontstoken, onzuivere en gevoelige huid en een verminderde elasticiteit.

Effecten op het maag-darmkanaal

In een muizenstudie werd het effect van extracten van het kruid L. alpinum op de peristaltiek van het maag-darmkanaal onderzocht in vergelijking met het geneesmiddel loperamide en een placebo. Hiertoe kregen de muizen vóór aanvang van het experiment een preparaat met actieve kool.  Een verkorting van de transittijd (d.w.z. een afname van de maag- en darmperistaltiek) werd waargenomen voor het dichloormethaanextract van de bovengrondse delen van L. alpinum, vergelijkbaar met wat werd waargenomen voor het geneesmiddel loperamide. Deze resultaten suggereren dat edelweissextracten een antidiarrheale werking kunnen hebben.

Conclusie

Edelweiss is een symbool van de Alpen en heeft mensen door de eeuwen heen gefascineerd vanwege het unieke uiterlijk van de bloemen. Het medicinale gebruik ervan door de lokale bevolking heeft slechts een ondergeschikte rol gespeeld. Farmacologische studies naar edelweissextracten en, in sommige gevallen, naar geïsoleerde bestanddelen, bevestigen het traditionele gebruik ervan op basis van de bewezen ontstekingsremmende, pijnstillende en antimicrobiële werking, evenals het vermogen om de peristaltiek van het maag-darmkanaal te remmen. 

Wetenschappelijk onderzoek

Tauchen J, Kokoska L. De chemie en farmacologie van edelweiss: een overzicht. Phytochem Rev 2017; 16:295-308. doi:10.1007/s11101-016-9474-0