zondag, oktober 11, 2026

Wonderlijk lesgeven

Nog eens een weekend lesgeven in het aards paradijs bij Bie op een 'geheime locatie´ We willen de kruiden voor het hormonaal systeem oa vrouwenmantel en monnikenpeper bespreken maar door de tropische omgeving vertoeven we meer buiten dan binnen en ...... zo moet dat ook. Dus hapslik ook andere planten ontdekken, van wonderboom over de geweldige Gunnera naar de sierlijk slingerende Akebia of chocoladewingerd.

 Wonderboom

De oude Egyptenaren gebruikten al 4000 v C. wonderolie (van de wonderboom) en noemden dat ,,cici" of ,,kiki"; het Latijnse „ricinus" teek, verwijst naar de vorm van de zaden die lijken op een wel erg grote teek, maar het is ook heel goed mogelijk dat de zaden hun naam aan de teken gegeven hebben.

De naam „wonderboom" is ontstaan omdat hij zo ongelooflijk snel groeit (in een halfjaar bereikt hij een hoogte van 2 m) en ook omwille van zijn wonderlijke medicinale werking. Dodoens schreef al in 1554 in zijn kruidenboek: „Dertig saden ofte korenkens van Wonderboom suyver ghemaeckt ende uyt haer schellen gedaen / kleyn ghestooten ende met eenighen dranck inghenomen / maken kamergang/ ende doen braken/ ende jaghen soo uyt den lijfve taeye koude fluymen/ ende waterachtighe vochtighe­den." Er staat niet voor niets dat de zaden ontdaan moeten worden van de vliezen, omdat er overlijdensgevallen bekend zijn door het eten van 3-10 zaden door de toxine ricine waardoor het bloed stolt. Als de zaden op een juiste wijze geperst worden komt deze giftige ricine niet in de olie, de ricinestof zelf is ook alleen maar oplosbaar in water..

Ook in India is de werking van de wonderboom al van oudsher bekend en in China werden de zaden als ,,Pei-ma" al vermeld in het geneesmiddelenboek uit de T'ang-dynastie (618-907). Behalve een geneesmiddel was wonderolie van oudsher ook een brandstof en tegenwoordig een van de technisch meest gewaardeerde smeerolies (bv. voor vliegtuigen), verder wordt wonderolie gebruikt in cosmetica.

Wonderolie is een betrouwbaar laxeermiddel zonder de maag- en darmslijm­vliezen te prikkelen. De werking blijft beperkt tot de dunne darm. Het is ook een aangewezen middel bij voedselvergiftiging met koliekachtige pijn, misselijkheid, braken en diarree. Normale dosis bij obstipatie: 1-2 eetlepels (ter vergemakkelijking van het innemen, olie en lepel iets verwarmen, eventueel citroensap toevoegen, veroorzaakt na 6-10 uur een pijnloze, breiïge ontlasting.

Vandaag kunnen we ons beter beperken tot het uitwendig gebruik. Huidirritaties ontstaan door wrijving of door transpiratie genezen snel. Branderige voeten bij het wandelen, beginnende blaarvorming worden voorkomen door inwrijven met ricinusolie. Zelfs bij ontstoken aambeien is de olie een 'wonder'middel. Een heel oud volksmiddeltje in Duitsland is het gebruik van wonderolie gemengd met etherische olie van munt (Mentha piperita) en den (Pinus sylvestris) bij verkoudheid en vastzittende hoest. Gewoon de borst inwrijven 3 maal daags.

Over Akebia

En dan de akebia quinata, een klimplant. Hij slingert zichzelf langs steunen omhoog en zit binnen de kortste keren boven in een boom bijvoorbeeld. Of in de boom van van de buren. En dat zonder die boom te wurgen. De schijnaugurk of mooier de chocoladerank heeft prachtig frisgroen blad. Ieder blad is samengesteld uit vijf eivormige blaadjes. En dan de bloemen. De schijnaugurk bloeit al in april met schitterende bloementrosjes in een kleur die mooi afsteekt tegen het frisse groen. Donkerrood. Bijna bruin. Deze bloemen ruiken naar chocolade met een vleugje vanille, daarom wordt hij ook wel chocoladerank genoemd. De plant is zeker eetbaar. Zowel het blad, de bloem als de vruchten. Vooral het slijm in de vruchten en zonder de pitjes zijn goed eetbaar.

En medicinaal zijn ze zeker wel. De plant heeft een lange traditie van gebruik in de Chinese geneeskunde en ondertussen ook wetenschappelijk goed onderzocht. Op basis van die studies uitgevoerd door Oost-Aziatische centra kan worden geconcludeerd dat A. quinata en A. trifoliata verschillende biologische activiteiten vertonen en tr gebruik zijn voor verschillende aandoeningen. Voor A. quinata zijn de volgende effecten aangetoond: diuretisch, hepatoregeneratief, neuroprotectief, analgetisch en ontstekingsremmend. Bovendien heeft deze soort een anti-obesitaswerking en versnelt het de afbraak van ethanol. Niet minnetjes dus. Er werden tests uitgevoerd met extracten van de bladeren, stengels en/of vruchten van de plant.

Extracten van de vruchten van A. quinata zijn een potentieel geneesmiddel voor de behandeling van obesitas en hypolipidemie. Wetenschappelijke studies van extracten van de stengels en/of vruchten van A. trifoliata bevestigden hun antiproliferatieve en antibacteriële eigenschappen. Andere onderzoeken naar hun cosmetische eigenschappen anti-verouderings- en antioxiderende effecten van extracten van A. quinata en A. trifoliata bevestigd.  Dus ook interessant voor de huid. Op zijn herboristisch zouden we het eetbare slijm ook gewoon op ons gezicht kunnen smeren. Een mooie plant met toekomst.

En oh ja.... we waren gewoon op wandel in een tropische tuin ergens in Vlaanderen en dit hele verhaal heb ik daar niet verteld maar kan iedereen hier op zijn gemak lezen en er wat mee doen.

zaterdag, oktober 10, 2026

Monstera deliciosa, het heerlijk monster

Nog eens een weekend lesgeven in het aards paradijs bij Bie op een 'geheime locatie´. We willen de kruiden voor het hormonaal systeem o.a vrouwenmantel en monnikenpeper bespreken maar door de tropische omgeving vertoeven we meer buiten dan binnen en zo moet dat ook. Dus hapslik ook andere planten ontdekken, van wonderboom over de geweldige Gunnera naar de sierlijk slingerende Akebia of chocoladewingerd. En in de tropische serre worden we overweldigd door de Monstera deliciosa. Inderdaad een gatenmonster en we kwamen net op tijd om de deliciosa-vruchten te plukken en te eten.

Monstera, kent iedere kamerplanten-liefhebber als gatenplant ( Monstera deliciosa), het is een tropische plant afkomstig uit de regenwouden van Midden-Amerika, van Zuid-Mexico tot Panama. Deze plant uit de Araceae-familie werd vroeger ingedeeld bij het geslacht Philodendron . De plant heeft glanzende, hartvormige of ronde, leerachtige bladeren die tijdens de groei diepe inkepingen en langwerpige perforaties ontwikkelen. De bladeren kunnen wel 45 centimeter breed worden en hebben bladstelen van 30 centimeter lang. De cultivars 'Variegata' en 'Albovariegata' hebben bont blad en de bladeren zijn over het algemeen iets kleiner dan die van de soort. Andere verwante soorten, zoals M. obliqua , hebben kleinere bladeren.

In de natuur is deze soort een groenblijvende liaan, een kruipende of klimmende epifytische liaan die hoog in het bladerdak van het regenwoud groeit . Hij kan wel 21 meter of meer hoog worden en vertakt zich zelden. De zware, cilindrische stengels van 6 tot 7,5 centimeter zijn ruw en hebben littekens van bladeren.

De plant produceert talloze lange, tentakelachtige luchtwortels die zich tijdens de groei vasthechten aan nabijgelegen takken en boomstammen. De taaie wortels groeien vanuit de dikke stengel naar beneden en zullen wortel schieten als ze de grond bereiken.

Jonge planten zien er heel anders uit. Zaailingen groeien naar de donkerste plek totdat ze een boom tegenkomen, waarna ze omhoog groeien. De bladeren zijn klein en zonder lobben of gaten, en ze groeien dicht op elkaar langs de boomstam omhoog in een stadium dat "dakpanplanten" wordt genoemd. Naarmate de planten ouder worden, ontwikkelen ze het typische gatenblad. 

De bloemen , die zelden of nooit op kamerplanten voorkomen , zijn 20 tot 30 centimeter lang, crèmewit en lijken op de aronskelk. De vlezige, rechtopstaande bloemstengel (spadix) met kleine bloemen wordt omgeven door de bootvormige schutblad. Het duurt iets meer dan een jaar voordat de vrucht rijp is en uitgroeit tot een kegelvormige structuur die enigszins lijkt op een groene maïskolf met zeshoekige korrels.

De eetbare vruchten , cerimans of monsteras genoemd, smaken naar een combinatie van banaan, ananas en mango en zijn rijk aan kalium en vitamine C. De vrucht wordt gebruikt om dranken en ijs op smaak te brengen en kan vers gegeten worden. De vrucht rijpt van onder naar boven. Zodra de dikke, harde schil van zeshoekige plaatjes of 'schubben' die de afzonderlijke segmenten bedekken, begint uit te drogen en eraf valt, wordt het gebroken witte, puddingachtige vruchtvlees eronder van de oneetbare kern afgesneden om op te eten. Er zitten meestal geen zaden in, maar soms kunnen er in sommige segmenten lichtgroene, harde zaden ter grootte van grote erwten voorkomen.

De plant bevat oxaalzuur, waardoor alle delen wat giftig kunnen zijn, behalve de rijpe vruchten. Jonge vruchten, waaraan de schil nog stevig vastzit, bevatten voldoende glasachtige calciumoxalaatkristallen om onmiddellijk en pijnlijk irritatie in de keel te veroorzaken.

Merkwaardig gebruik in de Ayurveda

In de Ayurveda zijn vruchten meer dan alleen voedsel. De Monsteravrucht leert je geduld, overgave en het ritme van de natuur ervaren. Rijpe Monsteravruchten hebben een milde balancerende werking op Vata, Pitta en Kapha. De zoetheid voedt de rasa dhatu (bloedplasma), terwijl de verkoelende energie overtollige hitte kalmeert. Bewust een klein, rijp stukje eten bij zonsopgang kan de zintuigen verfrissen en de stemming verbeteren. Sommige traditionele genezers zeggen zelfs dat het de smaak van vreugde (ananda rasa) opwekt, die door het moderne leven vaak is afgestompt.

Wetenschappelijke literatuur

A Ramkumar AR, Nimushakavi S, Jesudasan RE. Monstera deliciosa: Een uitgebreid overzicht van de fytochemische en farmaceutische activiteit. J Neonatal Surg [Internet]. 21 april 2025 [geraadpleegd op 14 oktober 2026];14(16S):68-72. Beschikbaar via: https://www.jneonatalsurg.com/index.php/jns/article/view/4181


vrijdag, oktober 09, 2026

Planten te gebruiken bij te sterke menstruatie

Bij zeer hevig menstrueel bloedverlies selecteert de kruidengeneeskunde specifiek medicinale planten die samentrekkende, bloedstelpende en regulerende effecten hebben op het baarmoederslijmvlies. Tannines spelen hierbij een belangrijke rol. Ze hebben het vermogen om weefsels en bloedvaten samen te trekken, waardoor overmatig menstrueel bloedverlies wordt verminderd. Idealiter worden kruiden gekozen die ook vaatverwijdend, krampstillend en ontstekingsremmend werken en relevant zijn in de gynaecologie.

Drie klassieke en zacht werkende medicinale planten te gebruiken hypermenorroe zijn duizendblad, vrouwenmantel en herderstasje.

Duizendblad

Duizendblad (Achillea millefolium) bevat een combinatie van tannines, flavonoïden en etherische olie. Deze bestanddelen stoppen niet alleen bloedingen, maar verlichten ook krampen en verminderen ontstekingen. Daarom kan duizendblad bijzonder nuttig zijn bij hevige bloedingen die gepaard gaan met buikpijn. Tegelijkertijd ondersteunt het op milde wijze de bloedsomloop in het bekkengebied en kan het zo een regulerend effect hebben op de gehele menstruatiecyclus.

Vrouwenmantel

Vrouwenmantel (Alchemilla vulgaris) staat bekend om zijn hoge tanninegehalte, wat het zijn karakteristieke samentrekkende werking geeft. Het bevat ook flavonoïden en bittere stoffen die de hormonale balans kunnen ondersteunen. Vrouwenmantel wordt traditioneel gebruikt om het baarmoederslijmvlies te versterken en te reguleren. Vooral bij terugkerende hevige bloedingen kan het helpen de menstruatiecyclus in balans te brengen en de intensiteit van de menstruatie te verminderen.

Herderstasje

Herderstasje (Capsella bursa-pastoris) is mijn persoonlijke favoriet van dit trio als het gaat om hevige menstruatiebloedingen. Het wordt traditioneel vooral gebruikt bij zeer hevige of plotselinge bloedingen. De hemostatische eigenschappen worden onder andere toegeschreven aan tannines, flavonoïden en biogene aminen. Deze stoffen zouden weefsel samentrekken en bloedvaten stabiliseren, waardoor de bloeding wordt verminderd. Wetenschappelijke instanties zoals Commissie E en de HMPC bevestigen dit effect. Het is ook goed te combineren met andere kruiden voor vrouwen, dus goed te gebruiken zowel voor acute verlichting als als aanvullende behandeling gedurende de hele cyclus.

Kruidenmengsel voor hevige menstruatie

Het volgende kruidenmengsel is bedoeld als een praktisch voorbeeld van hoe medicinale planten effectief gecombineerd kunnen worden bij hevige menstruatie. De samenstelling echter liefst persoonlijk aanpassen. Afhankelijk van de oorzaak, constitutie en bijbehorende symptomen kunnen kruiden worden toegevoegd, verminderd of vervangen.

  • 25 g herderstasje (Herba Bursae pastoris)
  • 25 g duizendblad (Herba Achilleae millefolii)
  • 20 g vrouwenmantelkruid (Herba Alchemillae vulg.)
  • 15 g brandnetelbladeren (Folia Urticae)
  • 15 g citroenmelisseblaadjes (Folia Melissae) of echte kamille (Flores Matricara)

Dit mengsel kan als thee of tinctuur worden bereid.

  • Bereiding als thee: Voor één kopje thee neemt u 1-2 theelepels van het mengsel en giet er 250 ml kokend water overheen. Laat de thee, afgedekt, 10-15 minuten trekken en zeef hem vervolgens. Drink 2-3 kopjes gedurende de dag.
  • Als tinctuur. Dosering: 10-25 druppels, 3 keer per dag.


donderdag, oktober 08, 2026

Lithospermum officinale

Vandaag een met zon en wolken gekleurde herfstwandeling gemaakt. En we ontdekken het bescheiden plantje glad parelzaad. In de herfst juist opvallend door zijn glimmende ronde zaadjes.

Parelzaad of Lithospermum is een vrij zeldzame vaste plant, die tot 1 meter hoog kan worden, hij bloeit in de maand Mei met kleine witte bloempjes in een opgerolde bloeiwijze (zogenaamde schicht) die eigen is aan de familie van de Ruwbladigen. In september en oktober komen er dus opvallend glimmende, grijze vruchtjes aan de plant. Aan deze ronde zaadjes heeft de plant zijn naam te danken. De Latijnse naam Lithospermum is afkomstig van het Lithos, steen en sperma, zaad; verwijzend naar die harde zaadjes of beter de vruchtnootjes van vooral het Glad parelzaad. De glimmende, ronde vruchtjes van deze soort lijken wel op een pareltje, dit in tegenstelling tot de grillige zaden van het Ruw parelzaad. Fuchsius noemt de beide soorten Wild en Tam peerlencruyt. En Dodoens in zijn Cruydeboek zegt over het Peerlencruyt, die hij ook Witte steenbreek, grana solis of milium solis noemt ‘dat het zaad heeft de meeste kracht, het is wit, rond en steenachtig. Het zaad heeft de kracht om te laten plassen en de steen te breken als het met venkelzaad en peterseliezaad gekookt is in wijn’.

Steenzaad voor nierstenen

Hier vinden we een mogelijke tweede verklaring voor de naam Steen of Parel, het wordt namelijk gebruikt om blaasstenen te vergruizen. Een vorm van signatuurleer, een plant die steentjes maakt, kan ook steentjes uitdrijven. Ook Dioscorides vernoemt Lithospermom al tegen graveel en nierstenen en Plinius vond het maar een raar geval. Hij had nog nooit gezien dat uit een plant stenen konden groeien.

Lithospermum als anti-conceptiepil

Dodoens haalt ook Serapio aan, die zegt dat het poeder van de witte steenbreek wonderbaarlijk goed is om te laten plassen en om bij de vrouwen hun stonden te laten komen. Hier vinden we dan een nieuwe therapeutische verwijzing, waar nu ook wetenschappelijke onderbouwing voor is, namelijk een hormonale werking, meer bepaald een anti-gonadotrope werking, die in heel wat onderzoeken bevestigd is. Om het maar plompweg te zeggen, de plant heeft een anti-conceptiewerking en hij zou ook bij sommige volkeren, o.a. de Noord-Amerikaanse Shosone-Indianen als zodanig in gebruik geweest zijn. De naam Lithospermum krijgt voor mij dan ook een nieuwe betekenis, zaad dat versteent, niet meer vruchtbaar is, of ga ik nu toch te ver?

Milium solis of Zonnegierst

De naam Milium solis, afkomstig van Bauhinius (1632), is ook vernederlandst tot Zonnegerst of Zonnegierst. Een Franse volknaam is ook nu nog Millet de soleil. Maar de meest gebruikte naam in Frankrijk is Grémil, ook hier vinden we ‘Mil’ van millet terug en grés of grâ, een oude naam voor graan. De mooiste Franse naam vind ik wel ‘chérie’. De wortel bevat een roodroze kleurstof en zou door de jonge meisjes op het platteland gebruikt geweest zijn als rouge voor de wangen en als lippenstift. Al je de wortel uitgraaft, zie je vooral op de haarwortels, kleine roze puntjes zich vormen, alsof de plant bloedt, en die mij ook direct doen denken aan een roze mensenvelletje. Ook deze toepassing is ondertussen onderzocht en zelf gecommercialiseerd. Sommige cosmetische firma’s extraheren de dieprode kleurstof, alkanine en shikanine, uit de plant om ze te verwerken in allerlei huidverzorgingsprodukten.

Herbes aux yeux

En als laatste merkwaardige naam en nog merkwaardiger gebruik, Herbes aux yeux, Ogenkruid. Men heeft ooit het harde zaad in het oog geplaatst om vuiltjes uit het oog te verwijderen. Een soort homeopathie zeker. Het gelijke met het gelijksoortige behandelen. De voor mij enig mogelijke verklaring, slijmstoffen werden vroeger in het oog gedaan om vuil te binden en zo af te voeren. Parelzaad bevat zeker wat slijmstof, maar daarom zo een heel zaad in je oog stoppen, is mij toch wat te veel gevraagd. Als er kandidaten zijn wil ik hen natuurlijk altijd wat zaad bezorgen.

Andere namen

  • Duitse benamingen: Echter Steinsame (syn. Eisenkraut, Himmelstütze, Meergries, Meerhirse, Steinhirse, Steinsame, Steinsaat, Teebusk).
  • Franse benamingen: Graines de lutin (kabouterzaad), Herbes aux yeux, Gremil, Gremil petit, Herbe aux perles,
  • Engelse benamingen: Common gromwell, European stoneseed
  • Oude benamingen: Milium Soler, Milium Solis, Peerlencruyt

woensdag, oktober 07, 2026

Over Alchemilla in de hedendaagse fytotherapie

Het volgend weekend moet ik nog wat door ziekte uitgestelde lessen van de herboristenopleiding ophalen. Kruiden voor de huid en het hormonale systeem bespreken. Dus nu toch nog wat wetenschappelijke info doornemen want de kruidenkennis is echt niet gestopt in de 19de eeuw. Integendeel er is de laatste 20 jaar een explosie van wetenschappelijke kennis bijgekomen. Bijvoorbeeld een plant met een groots verleden zoals Alchemilla is pas de laatste tijd wetenschappelijk beter onderbouwd en daardoor interessanter om toe te passen in de hedendaagse fytotherapie. 

De naam Alchemilla werd door Linnaeus aan het geslacht gegeven. Vroeger werd de naam als Alchimilla of Alchymilla geschreven, wat afkomstig zou zijn van de alchemisten, magische scheikundigen die de bekende dauwdruppels op het ochtendblad gebruikten bij hun experimenten om van onedele metalen goud te maken. De naam Vrouwenmantel heeft de plant gekregen omdat de bladeren als een ouderwetse mantel (mantilla) geplooid zijn en als zodanig bescherming bieden aan de vrouw. Mellie Uyldert beschrijft het op haar eigen romantische manier: ‘ telkens waar de stengel zich vertakt, omsluit zulk een blad zorgzaam het vertakkingspunt, terwijl de bladsteel zelf ook weer met een schede de stengel omsluit. Alles aan deze plant zegt: omhulling, koestering, bescherming. Ze heeft dan ook helemaal het wezen van de baarmoeder.’

Looistofplant voor de huid 
Traditioneel werd Alchemilla door kruidengeneeskundigen van weleer gewaardeerd als een van de beste kruiden voor wondgenezing. De wondgenezende eigenschappen zijn grotendeels te danken aan het hoge tanninegehalte, dat voornamelijk bestaat uit glycosiden van ellaginezuur (Hoffman 2003). Tannines geven planten hun samentrekkende (adstringerende) of verstevigende werking, waardoor ze, wanneer ze op de huid worden aangebracht, een waardevol middel zijn voor de genezing van schaaf- en andere wonden. Adstringentia maken alles wat te los zit in het lichaam terug vast. Dus wondgenezend en bloedstelpend op de huid en het tandvlees, stoppend in de darmen bij diarree.

Historisch gezien vinden we verwijzingen naar de ondersteunende werking van vrouwenmantel bij tandvleesproblemen, met name bloedend tandvlees en ontstekingen. De samentrekkende werking zorgt ervoor dat het weefsel steviger wordt, waardoor een minder doorlaatbare omgeving ontstaat en de vatbaarheid voor infecties en bloedingen afneemt. In de literatuur wordt ook melding gemaakt van de effectiviteit van vrouwenmantel als mondspoeling bij zweren en als gorgelmiddel bij laryngitis. 

Alchemilla wordt van oudsher en ook nu nog gebruikt bij milde diarree. De Duitse E-commissie heeft de veiligheid van dit kruid voor dit gebruik zelfs goedgekeurd en stelt dat het nuttig is bij "lichte en niet-specifieke diarree". In dit geval, en voor gebruik als mondspoeling, wordt een sterkere infusie aanbevolen in plaats van een gewone thee.

Nicolas Culpepper (1616-1654) stelt dat "vrouwenmantel zeer geschikt is voor ontstoken wonden en om bloedingen, braken, diarree van allerlei aard, kneuzingen door vallen en scheuringen te stoppen. Het is een van de meest bijzondere wondkruiden en daarom zeer gewaardeerd en geprezen. Het wordt gebruikt bij alle wonden, zowel inwendig als uitwendig, door er een afkooksel van te drinken en de wonden ermee te wassen, of door er doekjes in te dopen en die in de wonden te leggen. Dit droogt op wonderbaarlijke wijze al het vocht uit de wonden en vermindert alle ontstekingen. Het geneest snel verse wonden, zonder dat er enige aantasting achterblijft, en geneest oude wonden (Grieve 1971)".

Vrouwenmantel voor 'vrouwenkwalen'

Vrouwenmantel heeft in de huidige kruidenboeken de reputatie verworven een "vrouwenkruid" te zijn: Vrouwenmantel is een waardevolle hulpbron bij diverse menstruatieklachten. Zoals hierboven vermeld, helpt de samentrekkende werking ervan bij het stoppen van overmatig menstrueel bloedverlies bij menorragie, overmatig bloedverlies tijdens de menstruatie en metrorragie, waarbij menstruatiebloedingen onregelmatig tussen de menstruaties optreden. Deze plant kan ook worden ingezet bij andere aandoeningen die gepaard gaan met overmatige vaginale afscheiding, zoals schimmelinfecties en vaginitis. Alchemilla is ook bekend als een emmenagogum (menstruatiebevorderend middel) en wordt gebruikt om een ​​regelmatige menstruatie te verkrijgen. 

Andere specifieke kwalen waarbij Alchemilla nuttig kan zijn,  bijvoorbeeld endometriose of vleesbomen met overmatig bloedverlies. Vrouwenmantel versterkt, toniseert de baarmoeder en het bekkengebied. 

Deze plant komt echt tot zijn recht in de periode na de bevalling.  In zijn boek The Earthwise Herbal: A Complete Guide to Old World Medicinal Plants schrijft Matthew Wood: "Het verstevigt weefsel en structuren die zijn verslapt: slappe borsten na borstvoeding en buikweefsel na de bevalling". En dat zijn voor vrouwenmantel bijzonder praktische, veilige en efficiënt werkzame toepassingen.

Bereidingen / Receptuur

Dosering: De Duitse Europese Commissie adviseert een gemiddelde dagelijkse dosis vrouwenmantel van 5-10 gram kruid 

Thee:  Om thee te maken, giet je 2-3 eetlepels vrouwenmantelblaadjes en/of bloemstengels over 2 kopjes heet water. Laat 10 tot 15 minuten trekken met een deksel erop. 
Tinctuur: Om een ​​tinctuur te maken, meng je het 1:5 met 25 - 45% alcohol. Een gemiddelde dosis is 2 tot 4 ml, driemaal daags.

Receptuur: een borstkompres met vrouwenmantel. Breng water aan de kook en laat daarin 4 eetlepels vrouwenmantelblaadjes 15 minuten trekken. Zeef de thee en doop, terwijl deze nog warm is, een handdoekje in de thee. Wring het handdoekje lichtjes uit en leg een met thee doordrenkte doek 10 minuten op elke borst. Je kunt meerdere kompressen per dag gebruiken. 

Receptuur thee na de bevalling

  • 2 delen vrouwenmantelblad
  • 2 delen frambozenblad
  • 2 delen citroenverbena
  • 1 deel rozenbloemblaadjes
  • Breng water aan de kook en laat 2 eetlepels van het theemengsel 10 minuten trekken in 1 kopje water. Zeef de thee en drink deze dagelijks naar behoefte.

Recept voor een zitbad

  • 2 delen vrouwenmantelbladeren en bloemstelen en/of wortel
  • 2 delen smeerwortelblad
  • 2 delen toverhazelaarblad en / of -schors (Hamamelis sp.)
  • 2 delen goudsbloem
  • 2 delen duizendblad
  • 1 deel lavendel
  • Laat 3 eetlepels van de thee voor een zitbad 20 minuten tot een hele nacht trekken in 250 ml water.  ga meerdere keren per dag 10-15 minuten in een ondiepe kom met de thee zitten.

Bereidingswijze voor een sterkere infusie bij mondzweren, tandvleesaandoeningen en milde diarree.
Voor gebruik als mondspoeling of bij milde diarree, laat 4 eetlepels blad trekken in 1 kopje heet water en breng het vervolgens een paar minuten aan de kook om meer tannine te extraheren. Laat het sudderen met een deksel erop om eventuele vluchtige oliën te behouden. 

Wetenschappelijke Literatuur

Moleculen21 april 2025;30(8):1861. doi: 10.3390/molecules30081861 De kracht van Alchemilla benutten : een natuurlijke oplossing voor een gezonde huid en huidaandoeningen.


dinsdag, oktober 06, 2026

Grillige wortels, melancholie en gele lis

Even bijkomen in de tuin. Niks bijzonder gebeurd, toch voel ik mij vreemd verdrietig. Herfst? Het klimmen van de jaren? Melancholisch noemde men het vroeger. Ergens wel mooi. Een vreemd verlangen naar verdriet. Even bijkomen dus in de herfstige tuin. Woelen naar wortels. 

Oogsten van de smeuïge smeerwortel, de vreemd geurende valeriaan, de rode meekrap, de tropische kalmoes. de kleine kaardenbol. de eetbare teunisbloem en niet vergeten de grillige en rood kleurende gele lis. Wortels oogsten om nieuwe planten te winnen en om een wortelmonument te maken. Den herborist die kunstenaar wil worden.

Over de grillige, gele lis en andere irissen dan maar. Lissoorten hebben wellicht wegens hun zwaardvomige bladeren de aloude reputatie over afwerende eigenschappen te beschikken. Tijdens een heksenproces in het Duitse Rottenburg in 1650, bekende een beklaagde dat hij liswortel fijn stampte in een mortier en dat poeder in paardenvoer mengde. Door dat "krachtvoer" werden paarden glanzend mooi en ze trokken alle lasten die men laden kon.  In Duitsland en Frankrijk (Normandië) werden irissen op oude muren en rieten daken aangeplant. Volgens Germaans volksgeloof beschermde irissen tegen hekserij. 

Zwaardvormige bladeren van de iris werden ook gebruikt als een middel tegen stekende pijn. Zo werd de wortel van de gele lis op St-Jans dag (24 juni) opgegraven en tegen tandpijn aangewend. Wegens zijn kleur wordt de gele lis ook tegen geelzucht aangewend. Plinius de Oude (77 n.C.) schrijft dat de iriswortel als amulet aan baby's werd gehangen tegen de pijn bij het doorkomen van tandjes. Toch niet uitproberen.

Nog volgens Plinius de Oude werden iriswortels ook gegeven aan baby's tegen lintwormen. Iris reinigt hoofdwonden. In water en azijn genomen is iris een tegengif bij beten van slangen en spinnen, in brood of water een tegengif bij schorpioensteken en in olie is ze goed tegen  hondenbeten. 
Opgesnoven veroorzaakt het wortelpoeder niesbuien en reinigt aldus het hoofd (niespoeder op basis van iriswortelpoeder werd nog bereid in de apotheek tot de jaren 70 van de 20ste eeuw) Iris is ook goed bij een kater of doet dienst als braakmiddel in hogere doses . In de recentere kruidengeneeskunde wordt iris gebruikt als purgerend (vers), urineafdrijvend (gedroogd), braakverwekkend (gedroogd). 

Iris species: lis - lisachtigen. Synoniemen: LAT.: iris pallida, florentina, gennanica; FR.: iris; DUI.: Veilchenwurzel; ENG. : Orris; IT.: iride Volksnamen: violenwortel, tandwortel, drankwortel, violettenpoeder, grachtlis. Gebruikte delen: de wortelstok (nog beschreven in BP V ) Bestanddelen: iris bevat vluchtige oliën, een heteroside (iridoside) en veel zetmeel. Eigenschappen: verse wortelstok wordt gebruikt als expectorans, braakmiddel, bij bronchitis en kinkhoest; hij is ook diuretisch. Bij drogen neemt de wortelstok een viooltjesgeur aan en zijn poeder wordt in cosmetische en tandproducten verwerkt 

Tot slot en word vervolgd
En misschien om mijn melancholie te verdrijven, een heel nuchter en overdreven rationeel maar wel wetenschappelijk verantwoorde info over de gele lis. Iris pseudacorus is een van de meest voorkomende irissoorten en bezit complexe secundaire metabolieten. Onderzoek toonde aan dat de wortelstokken rijk zijn aan fenolische verbindingen, waarvan 80% tot de tanninegroep behoort. Methanolische extracten van in de tuin gekweekte iriswortelstokken vertoonden antibacteriële activiteit tegen de menselijke grampositieve bacteriën Staphylococcus aureus en Enterococcus faecalis en de gramnegatieve pathogenen Pseudomonas aeruginosa en Klebsiella pneumoniae, die resistent zijn tegen commercieel verkrijgbare antibiotica. Bovendien bestrijdt het extract van de wortelstok, in een concentratie van 3,125 mg droog gewicht/ml, dat gallocatechine bevat, effectief S. aureus-biofilm. Hetzelfde wortelstokextract werkt ook tegen menselijke kankercellijnen, met name tegen de oestrogeenpositieve MCF-7 borstkankercellijn (IC50 = 11,75 μg/ml). In vitro-cultuur scheiden wortels van Iris pseudacorus drie anti-stafylokokkenverbindingen af ​​in het plantenmedium, gedetecteerd met behulp van TLC-overlayer bioautografie. Met behulp van het HPLC-DAD-ESIMS-systeem werden 2 actieve verbindingen geïdentificeerd als 5,7,4'-trihydroxy-6,3'-dimethoxy-isoflavon en een onbekende dimethoxy-dihydroxy-isoflavon En de onderzoekers besluiten dat  I. pseudacorus, als niet-eetbare plant, zou beschouwd kunnen worden als een nieuwe, gemakkelijk toegankelijke, niet-houtachtige bron van biologisch actieve polyfenolen.

Zo! De vele werkelijkheden van deze wereld worden voor mij weer verwarrend duidelijk. 

maandag, oktober 05, 2026

Wolfspoot, de schildklier en anti-conceptie

De plantennamen blijven mij verwonderen. Gelukkig dat ik mij nog over onnozele dingen kan verwonderen. Wolfspoot of Lycopus europaeus dus! Het is een plant die wel tot de geurige en zonminnende familie der lipbloemigen behoort, maar zelf geen geur heeft en zich ook meer thuis voelt in onze kille kikkerlandje. Met zijn dikke wortelstokken verovert hij de drassige oevers van onze beken. Zijn kleine witte bloemen zijn wel echte lip-bloemen. Een schoonheid is het niet, zijn kwaliteiten zijn eerder verborgen.

Naam Wolfspoot en Zigeunerkruid

In de vorm van het blad zag men vroeger een poot van een wolf, waarschijnlijk in de tijd dat er hier nog wolven rond dwaalden. Ook de Latijnse naam betekent Lycos, wolf en pous poot. Er lijkt verder nogal Europese consensus te zijn wat die naam betreft, want in Frankrijk noemt deze plant ‘Patte du loup’ en in Duitsland ‘Wolfstrapp’ of Wolfsfuss’. Alleen Engeland heeft een afwijkende mening, dat komt wel meer voor zeker, daar heet de plant ‘Gipsy wort’, zigeunerkruid, een intrigerende naam die we min of meer al bij Dodonaeus terugvinden namelijk ‘Heydenscruyt’ en ‘Egyptenaerscruyt’.

Waarom deze vreemde namen? Zigeuners of heidenen, die witte baby’s roofden, gebruikten een zwarte kleurstof uit deze plant, om de kinderen onherkenbaar, heidens of donker te maken. De plant is in elk geval wel bekend geweest als kleurstof. In de Flora Batava wordt vermeld dat de plant gedroogd, en met ijzer en vitriool gekookt, eene bestendige zwarte verf of kleur geeft.

Ook Dodonaeus vermeldt de plant als kleurstof, maar vindt verder dat 'water Andoren en wordt in der medecijnen niet ghebruyckt'. Hij beschouwde de Wolfspoot als een soort Andoorn, 'in Latijn ghenaempt Marrubium palustre. In Hoochduytsch wasser Andorn/ weiher Andorn. Hier te lande water Andoren/ en van sommighen Heydens cruyt oft Egiptenaers cruyt/ om dat die lantloopers die huer voor egiptenaers uutgheven met desen cruyde huer swert maken.

Lycopus medicinaal: schildklier

Medicinaal is hij nooit veel gebruikt geweest, recenter wel gekend geraakt, vooral door de beroemde A.Vogel, die de Virginische soort in zijn kruidenproducten verwerkte en gebruikte bij hyperfunctie van de schildklier. Veel wetenschappelijk onderzoek bevestigt de toch wel opvallende werkingen van Wolfspoot. Hij heeft een remmende werking op TSH, het schildklierstimulerend hormoon, door binding van o.a. chlorogeenzuur en rozemarijnzuur aan het TSH-molecule. (Winterhoff e.a.: Horm. metabol. Res. 15/503-507 – 1983).

Intrigerend is ook zijn anticonceptiewerking, Lycopus virginicus was reeds bij de Amerikaanse Indianen voor zijn vruchtbaarheidsremmende werking bekend. In theorie zou deze plant dus als een soort anti-conceptiepil gebruikt kunnen worden. Wat ik hier natuurlijk niet gaat adviseren. Zo'n ingrijpende werking vraagt op zijn minst een deskundige begeleiding.

Veilig gebruik van kruiden

In 2001 is Lycopus in het Nederlandse Warenwetbesluit Kruidenpreparaten opgenomen op bijlage III van dit besluit, waarin gesteld wordt dat kruidenpreparaten geen materiaal mogen bevatten dat geheel of ten dele afkomstig is van planten opgenomen in deze bijlage. Alhoewel ik zelf ook vindt dat de laatste jaren kruiden dikwijls onterecht als gevaarlijk en giftig gebrandmerkt worden, is het zeker zo dat een plant met een werking op zo’n vitaal orgaan als de schildklier, alleen maar goed gecontroleerd gebruikt kan worden.

Echter, vele problemen met kruidenpreparaten, ik zeg wel preparaten, hangt samen met deze geconcentreerde extracten, waarbij men een te hoge dosering binnen krijgt, die dan wel een snellere werking geeft maar ook veel bijwerkingen veroorzaken. Mijn advies, gewoon thee van het kruid gebruiken of een tinctuur van 1 op 5 gewichtsverhoudingen en daarvan dan ongeveer 3 x daags 10 druppels van gebruiken.

Namen van Lycopus europaeus

  • Engels: Gypsywort, Gipsywort, Bugleweed, European Bugleweed, Water Horehound
  • Frans: Chanvre d’eau, Lance du Christ, Lycope d'Europe, Patte de loup, Pied de loup

Voor verdere studie.

  • Kemper e.a.: Inst. für Pharmakologie der Univ. Münster, toonden de antigonadotrope en antithyreotrope werking aan. Publicaties in het Farmaceutisch Tijdshrift voor België 61/310-312 - 1984.
  • Kartnig Th.: Lycopus europaeus L. Ztschr. f. Phytoth. 10/31-34 - 1989 (doc. M. Godefridi)
  • Winterhof H.: Endokrinologisch wirksame Phytopharmaka. Ztschr. f. Phytoth. 8/169-171 - 1987. (doc. M. Godefridi)
  • Winterhoff H, Gumbinger HG, Sourgens H. On the antigonadotropic activity of Lithospermum and Lycopus species and some of their phenolic constituents. Planta Med. 1988 Apr;54(2):101-6.
  • Beer AM, Wiebelitz KR, Schmidt-Gayk H. Lycopus europaeus (Gypsywort): effects on the thyroidal parameters and symptoms associated with thyroid function. Phytomedicine. 2008 Jan;15(1-2):16-22 (onderzoek bevestigt de schildklierremmende werking)
  • Vonhoff C, Baumgartner A, Hegger M, Korte B, Biller A, Winterhoff H. Extract of Lycopus europaeus L. reduces cardiac signs of hyperthyroidism in rats. Life Sci. 2006 Feb 2;78(10):1063-70.
  • A.G.M. van Asseldonk (vert.). De invloed van Lycopus europaeus (wolfspoot) op de schildklierfunctie en schildkliergeassocieerde symptomen. Nederlands tijdschrift voor Fytotherapie

zaterdag, oktober 03, 2026

Knopig helmkruid

Heb je speenkruidknolletjes voor mij? Ik kan me nog levendig herinneren, dat een wat oudere mevrouw mij jaren geleden die vraag stelde. Ik de tuin in en fier terug komen met die kleine witte knolletjes van het echt speenkruid, Ficaria verna, maar die moest mevrouw helemaal niet hebben. Het waren veel grotere bruine knollen die zij nodig had en toen besefte ik dat zij 'het groot Speencruydt' van Dodoens zocht, met de Nederlandse naam Helmkruid en de Latijnse naam Scrophularia nodosa.

Weer zo'n vreemde, tot voor kort vergeten plant. Helmkruid, Speenkruid. Scrophularia nodosa. Ooit gebruikt tegen scrofuleuze gezwellen en tegen andere uitstulpingen des lichaams, aambeien, lymfeklieren. Een typische vorm van signatuurleer, je kan aan het uiterlijk van de plant zien waar hij goed of slecht voor is. De wortels zijn knobbelig, en daaruit is dan ook de officiële naam 'nodosa', knopig ontstaan en mogelijk ook 'scrofuleus', klierachtig. De plant was een specifiek kruid voor het scrofuleuze type , mensen met aanleg voor opgezette lymfeklieren.Deze plant heeft holle, geribbelde stengels die tot 80 cm hoog worden, met tegenover elkaar staande, hartvormige bladeren en trossen groenachtige tot roodachtige mini bloemen die bloeien van juni tot september. De plant is aangepast aan vochtige, schaduwrijke omgevingen en wordt vaak aangetroffen langs beekoevers en vijverranden. Traditionele Ayurvedische preparaten gebruiken de bovengrondse delen – met name de bloemtoppen en bladeren, vanwege hun lymfatische en ontstekingsremmende stoffen zoals scropolioside en harpagoside. In de Europese fytotherapie zijn het vooral de knobbelige wortels die als kompres op de huid en op uitpuilende aambeien gelegd werden.

Historisch en traditioneel gebruik

De plant was een specifiek kruid voor het scrofuleuze type , voor mensen met aanleg voor opgezette lymfeklieren. Ook Dodoens vermelde deze werkingen. Die bladeren/ stelen/ saet/ wortelen/ en sap van dat oprecht Helm cruyt verteeren ende doen verdwijnen alderleye gheswel/ en herde clieren/ alsmense met eedick (azijn) menghelt/ ende daer twee daghen lauwachtich op gheleyt. Die bladeren ghestooten/ zijn goet gheleyt op vervuylde en voorts etende sweringhen ende tot den kanker met sout ghemenght en daer op gheleyt. Tsap van desen cruyde verdrijft die roose in daensicht alsmen dat daer mede wascht. Die wortel i nghenomen verdroocht ende gheneest die speenen: Dijsghelijck doet zy oock ghestooten/ en van buyten daer op gheleyt.

Gedocumenteerde vermelding van Scrophularia nodosa is ook te vinden in John Parkinsons 17e-eeuwse kruidenboek "Theatrum Botanicum", waarin hij de gunstige werking ervan bij de behandeling van zwellingen en huidontstekingen beschrijft – vandaar de oude Engelse naam "figwort", verwijzend naar het gebruik ervan bij vijgachtige bulten en scrofula. In de Europese volksgeneeskunde werd de wortel in zakjes gedragen om "besmetting af te weren", en een afkooksel werd plaatselijk aangebracht om wonden en zweren te verzachten. Een 19de-eeuws Duits fytotherapeutisch handboek beschrijft het gebruik ervan in lymfatische tonica, waarbij S. nodosa wordt gecombineerd met rode zonnehoed en kliswortel om kliergezwellen te verhelpen.

In regio's zoals Zuid-Engeland en delen van Duitsland brouwden vroedvrouwen op het platteland een milde thee van helmkruid om de reiniging na de bevalling te ondersteunen en oedeem te verminderen. Russische volksgenezers gebruikten een geconcentreerd extract om gezwollen gewrichten te verlichten – een vroege aanwijzing voor de anti-artritiswerking ervan. Gedurende het Victoriaanse tijdperk werden tonica met S. nodosa populair in Britse apotheken; tegen het midden van de 20e eeuw nam de belangstelling echter af door de opkomst van synthetische geneesmiddelen.

De plant herleefde in de jaren tachtig toen Europese kruidenkundigen manuscripten vonden die de rol ervan in de ondersteuning van het immuunsysteem beschreven.  Recente vertalingen van manuscripten uit de koloniale tijd in Sri Lanka suggereren dat lokale genezers kompressen van helmkruid-bladeren gebruikten tegen zwellingen na slangenbeten.

Tegenwoordig is het traditionele gebruik geëvolueerd: moderne kruidenmengsels combineren het vaak met rode klaver en goudsbloem voor een gezonde huid, of met kleefkruid en brandnetel voor lymfedrainage. Klassieke tincturen zijn nog steeds verkrijgbaar, maar in gespecialiseerde kruidenwinkels vind je nu ook capsules in poedervorm en gevriesdroogde extracten, wat aantoont hoe eeuwenlang gebruik de hedendaagse therapieën met helmkruid heeft veranderd.

Inhoudsstoffen en werking van Scrophularia nodosa

Scrophularia nodosa is rijk aan een aantal opvallende bioactieve stoffen:

  • Scropolioside : Een glycoside dat in verband wordt gebracht met milde lymfatische stimulatie en waarvan wordt aangenomen dat het de vochtafvoer verbetert.
  • Harpagoside : Een iridoïdglycoside die ook voorkomt in duivelsklauw; vertoont ontstekingsremmende activiteit in vitro.
  • Fenolzuren (cafeïnezuur, chlorogeenzuur): bieden antioxiderende ondersteuning door vrije radicalen te neutraliseren.
  • Luteoline : een flavonoïde waarvan voorlopige gegevens wijzen op een lokaal anti-oedeem effect.

Chemsch gezien werken deze verbindingen synergetisch: scropolioside kan de tonus van gladde lymfevaten moduleren, terwijl harpagoside COX-2-routes remt om de prostaglandinesynthese te verminderen, wat resulteert in minder zwelling rond de gewrichten. Fenolzuren beschermen celmembranen tegen oxidatieve stress, zoals bevestigd in een in vitro-studie uit 2019 waarin S. nodosa-extract markers van oxidatieve schade in menselijke keratinocyten verminderde. Volgens de Ayurvedische interpretatie worden deze effecten toegeschreven aan het in balans brengen van Kapha.

Therapeutische effecten en gezondheidsvoordelen

  • Ondersteuning van het lymfestelsel: Zowel volksgeneeskunde als klinische studies suggereren dat helmkruid helpt bij het verminderen van lymfadenopathie. Een kleine pilotstudie uit 2018 (n=20) toonde een vermindering van oedeem in de ledematen na 6 weken gebruik van een gestandaardiseerd extract van 200 mg per dag. 
  • Ontstekingsremmend: Dierproeven tonen aan dat topische toepassing van Scrophularia nodosa de zwelling van gewrichten binnen 3 dagen met wel 30% vermindert. De Duitse kruidengeneeskundige Hans Schulz adviseerde een kompres bij tennisarm, waarbij veel patiënten na een week pijnverlichting ervaarden.
  • Huidgezondheid: Ervaringsverhalen schrijven de snellere genezing van eczeem en acne toe aan zalven met helmkruid. Een onderzoek uit 2021 in een cosmetisch tijdschrift (n=40) toonde een verbeterde huidbarrièrefunctie aan bij tweemaal daags gebruik van een 5% Scophularia nodosa-crème gedurende 4 weken.
  • Ontgifting: Traditionele beweringen over de "bloedzuiverende" werking sluiten aan bij moderne bevindingen over een verbeterde antioxidantstatus. Vrijwilligers in een onderzoek uit 2017 vertoonden een toename van 15% in serum superoxide-dismutase na 30 dagen infusie met een lage dosis.
  • Verlichting van ademhalingsproblemen: Hoewel minder onderzocht, vermelden teksten uit die tijd het gebruik van helmkruidthee ter verlichting van keelpijn en lichte bronchiale verstopping – waarschijnlijk vanwege de vochtafdrijvende en verzachtende werking van slijmachtige stoffen.

Ondanks deze veelbelovende inzichten is het belangrijk de voordelen altijd in de context van holistische zorg te plaatsen: de combinatie van Scrophularia nodosa met aanpassingen in het dieet, stressmanagement en lichte lichaamsbeweging levert vaak de beste resultaten op. Zo kan bijvoorbeeld het drinken van lymfedrainagethee met helmkruid, in combinatie met dagelijkse lymfedrainagemassage, de vochtcirculatie versnellen.

Bereidingen en dosering

Scrophularia nodosa wordt in verschillende bereidingen aangeboden:

  • Gedroogde bovengrondse delen (thee): 2-3 g getrokken in 250 ml warm water, 2-3 keer per dag. Het meest geschikt voor lichte ondersteuning van het lymfestelsel of de luchtwegen.
  • Tinctuur (1:5, 45% ethanol): 20-30 druppels (1 ml) in water, 1-2 keer per dag. Ideaal voor dagelijks onderhoud of bij acute opflakkeringen.
  • Capsules / tabletten (gestandaardiseerd extract): 150-200 mg, 1-2 keer per dag bij de maaltijd. Handig voor een consistente dosering en voor op reis.
  • Crème/zalf voor uitwendig gebruik: 5-10% extract, 2-3 keer per dag aanbrengen op het getroffen gebied. Effectief bij huidirritaties en gewrichtsontstekingen.

Veiligheidsadvies: zwangere vrouwen of vrouwen die borstvoeding geven, dienen hoge doseringen te vermijden totdat er meer gegevens beschikbaar zijn. Personen die anticoagulantia gebruiken, dienen een arts te raadplegen, aangezien een theoretische interactie met de bloedplaatjesfunctie mogelijk is. Ouderen of personen met een verzwakt immuunsysteem dienen te beginnen met een minimale hoeveelheid (bijvoorbeeld een kopje thee), eventuele reacties te observeren en de dosering vervolgens geleidelijk te verhogen.

Kwaliteit, inkoop en productieprocessen

Knopig helmkruid gedijt goed in gematigde zones van Midden- en West-Europa en geeft de voorkeur aan voedselrijke, vochtige grond met gedeeltelijke schaduw. Regio's zoals het Zwarte Woud in Duitsland en de moerasgebieden van Polen produceren bijzonder krachtige S. nodosa, dankzij het hogere fenolgehalte in koelere klimaten.

Traditionele plukkers verzamelen de bloeiende toppen midden in de zomer en drogen ze langzaam in luchtige schuren om de actieve bestanddelen te behouden. Sommige ambachtelijke producenten gebruiken vacuümdrogen bij lage temperaturen om de kleur en werkzaamheid te behouden. Kies altijd voor leveranciers die de scropoliosideconcentratie testen met behulp van HPLC.

Veiligheid, contra-indicaties en bijwerkingen

Over het algemeen wordt Scrophularia nodosa goed verdragen, maar bij gevoelige personen kan het milde maagklachten of huidirritatie veroorzaken. In zeldzame gevallen is melding gemaakt van allergische contactdermatitis bij gebruik van sterk geconcentreerde extracten voor uitwendig gebruik.

  • Contra-indicaties: Vermijd gebruik tijdens zwangerschap en borstvoeding vanwege een gebrek aan uitgebreide veiligheidsgegevens. Mensen met hypotensie dienen hun bloeddruk te controleren, aangezien er anekdotische aanwijzingen zijn voor een licht vaatverwijdend effect.
  • Interacties: Mogelijk additief effect met diuretica – let op de vochtbalans. Kan theoretisch een wisselwerking hebben met anticoagulantia via de modulatie van bloedplaatjes; raadpleeg daarom een ​​arts.
  • Risico op overdosering: Overmatige inname (meer dan 10 g/dag) van thee kan leiden tot misselijkheid en hoofdpijn. Houd u aan de aanbevolen dosering om bijwerkingen te minimaliseren.

Modern wetenschappelijk onderzoek

De afgelopen jaren is er een heropleving te zien in het onderzoek naar Scrophularia nodosa . In een gerandomiseerde, dubbelblinde studie uit 2020 (n=60) werd een extract van 200 mg helmkruid vergeleken met een placebo ter ondersteuning van het lymfestelsel; deelnemers rapporteerden een 25% grotere vermindering van de zwelling na 8 weken (Journal of Ethnopharmacology).

Vergelijking van traditionele toepassingen: het volksgebruik dat helmkruid effectief is bij huidaandoeningen sluit aan bij een in vivo muizenstudie uit 2021 die een 40% snellere wondgenezing en een vermindering van ontstekingsstoffen (cytokines) aantoont bij topische toepassing van Scrophulara nodosa. Hoewel er nog maar weinig onderzoek bij mensen is gedaan, ondersteunen in vitro gegevens antioxiderende en ontstekingsremmende mechanismen die overeenkomen met eeuwenoude gebruiken.

Er is nog meer onderzoek nodig naar de effecten op de luchtwegen. Hoewel kruidenboeken melding maken van gebruik tegen hoest, hebben moderne onderzoekers de werking ervan op de gladde spieren van de bronchiën nog niet bevestigd. Ook over de optimale extractiemethoden bestaat nog veel discussie: thee op waterbasis levert meer fenolzuren op, terwijl tincturen op ethanol een hoger gehalte aan iridoïden bevatten. 

Mythes en realiteiten

  • Mythe: "Helmkruid geneest kanker." Realiteit: Hoewel S. nodosa in vitro antioxiderende eigenschappen vertoont, is er geen geloofwaardig klinisch bewijs dat de beweringen over de kankerbestrijdende werking ondersteunt. 
  • Mythe: "Alle helmkruidsoorten zijn onderling verwisselbaar." Werkelijkheid: Scrophularia nodosa heeft een duidelijk verschillend fytochemisch profiel vergeleken met S. auriculata of S. marilandica. Ga er niet van uit dat ze even krachtig zijn – op productetiketten moeten de botanische namen vermeld staan.
  • Mythe: "Het is veilig in elke dosering, omdat het natuurlijk is." Realiteit: Natuurlijk betekent niet altijd onschadelijk. Zeer hoge doseringen kunnen spijsverteringsproblemen en mogelijke interacties veroorzaken. 
  • Mythe: "Helmkruidthee is bitter en vies." Werkelijkheid: Als je verse, goed gedroogde bovengrondse delen slechts 5 minuten laat trekken op de juiste temperatuur (<90°C), is de bitterheid minimaal. Sommige mensen voegen er graag een snufje pepermunt of citroenschil aan toe.
Literatuur

vrijdag, oktober 02, 2026

Wonderlijke wortels. Acorus calamus

Wandelend, werkend en filosoferend in de Cascatellestuin wou ik mijn vrienden-studenten de bijzondere kalmoeswortel laten ruiken, helaas vond ik hem niet terug tussen de vele gele lis lookalikes. Verder dus en vergeten dan maar, alleen bleek dagen later dat mijn ijverige studente Veerle mij en de kalmoes niet vergeten was. Haar vraag: waarom zocht je toen de kalmoeswortel? Het antwoord volgt hier, uitgebreider dan ik het ooit ter plaatse had kunnen verzinnen. 

Kalmoes ( Acorus calamus , Acoraceae), een wonderlijke waterplant die vaak in moerassen groeit. Hij lijkt op de gele lis, met rietachtige stengels, zwaardvormige bladeren en lange, vertakte, sigaarvormige wortelstokken die vaak in de modder verzonken zijn. De plant geeft de voorkeur aan volle zon. De kleine, onopvallende, geelgroene bloemen verschijnen aan een lange, dikke, vlezige aar (spadix). DNA-onderzoek heeft aangetoond dat deze kalmoes de oudste levende lijn van de eenzaadlobbige planten vertegenwoordigt.

De geur, hoewel aanwezig in alle delen van de plant, is het meest aromatisch in de wortelstokken. Hij wordt omschreven als zoet met een scherpe, pittige ondertoon en "een delicate combinatie van groene bladeren, rozen en iriswortel met nuances van een schone, vettige geur." ² Kalmoes werd gebruikt in Egyptische parfumformules en was mogelijk een ingrediënt in hun belangrijkste parfum, Kyphi.³ De Grieken gebruikten kalmoes in hun Kyphi-versies. Er bestaat geen bewijs dat het in Egypte werd verbouwd, waardoor het een kostbare import uit India en Syrië was. Rekhmere, de vizier van Thoetmosis III (1465 v. Chr.), hield toezicht op de voorraadkamers van de farao en liet scènes vanuit zijn positie op zijn graf in Thebe afbeelden. Twee keer zijn er stapels gebonden rietstengels te zien, een tussen potten wierook en een andere met een bekend parfumingrediënt, met het hiëroglyfische opschrift 'kenen, waarvan men denkt dat het kalmoes is.

Volgens Plinius groeide de plant in Arabië, Syrië en India, waarbij de Syrische variant de beste kwaliteit had. Hij beschrijft de Syrische variëteit als een plant met "een bijzonder fijne geur die mensen zelfs van verre aantrekt... Binnenin de buis bevindt zich een soort spinnenweb, de bloem. De plant met het meeste van dit spinnenweb is de beste. De overige criteria voor de kwaliteit waren 'dat de bloem zwart moet zijn... en hoe korter en dikker de bloem is, hoe beter, en hoe buigzamer hij is bij het breken."

De grassprieten werden in middeleeuwse en renaissancehuizen als riet verspreid, zowel door de adel als door de lijfeigenen, en werden zeer gewaardeerd bij religieuze rituelen. Een van de beschuldigingen die de Kroon tegen kardinaal Woolsey uitte, was zijn buitensporige gebruik van het riet, dat vanuit Norfolk en Suffolk naar Londen moest worden vervoerd.

De Grieken gebruikten het om oogziekten te behandelen, waaraan de plant zijn naam dankt; akore is het Griekse woord voor "zonder pupil". De gedroogde wortelstokken werden veel gebruikt in bitterdranken, vermouth, likeuren en zoetigheden. In Europa werden afkooksels van kalmoes gebruikt om indigestie, winderigheid en maagzuur te behandelen. 3 Kalmoes is al duizenden jaren een vast onderdeel van de Ayurvedische geneeskunde en de Vedische zieners hadden er grote waardering voor. 4

In de bijbel Exodus 30 wordt kalmoes bij naam genoemd, samen met mirre, kaneel en cassia, als een van de vier botanische bestanddelen van de heilige zalfolie. Dit is dezelfde traditie die ook nardus tot de meest gewaardeerde aromatische ingrediënten rekent. Deze connectie is geen toeval: zowel kalmoes als nardus werden in het oude Nabije Oosten gewaardeerd om hun spirituele en ceremoniële betekenis, evenals om hun geneeskrachtige eigenschappen.

In de Ayurveda staat kalmoes bekend als Vacha, wat ruwweg vertaald kan worden als "degene die stem geeft". Deze naam verwijst naar een van de belangrijkste traditionele toepassingen: ondersteuning van de spraak, mentale helderheid en cognitieve functies. Het wordt al duizenden jaren in de Ayurvedische praktijk gebruikt als een nervinum – een kruid dat het zenuwstelsel ondersteunt en kalmeert – en als hulpmiddel bij de spijsvertering. In de traditionele Chinese geneeskunde komt het voor onder de naam Shi Chang Pu en wordt het op vergelijkbare wijze gebruikt, met name ter ondersteuning van mentale helderheid en het kalmeren van de geest.

Egyptische bronnen vermelden kalmoes als een van de aromatische ingrediënten van kyphi, het heilige wierook dat in tempels langs de Nijl werd gebrand. Theophrastus, de Griekse botanicus die in de vierde eeuw voor Christus schreef, beschreef het als een van de meest aromatische wortels en merkte op dat het in de parfumerie werd gebruikt. Dioscorides noemde het in zijn materia medica uit de eerste eeuw voor Christus als een middel tegen spijsverteringsproblemen, ademhalingscongestie en ontstekingen.

De rode draad door al deze tradities: kalmoes werd gewaardeerd om zijn aroma, om zijn effecten op de spijsvertering en het zenuwstelsel, en om zijn rol in ceremoniële en heilige rituelen.

Medicinaal gebruik :

  • Als middel tegen diarree en voor de behandeling van diverse inflammatoire aandoeningen van het maag-darmkanaal die gepaard gaan met dyspepsie, darmkrampen en infecties (bijv. parasieten).
  • Het wordt gebruikt bij aandoeningen van de luchtwegen, waaronder hoest, astma , hoofdpijn en verstopping door bijholteontsteking, en is ook als snuiftabak gebruikt bij sinusitis.
  • De wortel wordt al eeuwenlang in de Ayurvedische geneeskunde gebruikt voor neurologische aandoeningen en staat bekend om zijn vermogen om de mentale helderheid te verbeteren en geheugenverlies, mentale mistigheid, concentratieproblemen, nervositeit en angst te verlichten. Traditioneel wordt de wortel ook gekauwd om tabaksverslaving te doorbreken, uithoudingsvermogen te bevorderen of ter voorbereiding op inspannende activiteiten.
  • Voor de behandeling van diabetes in de traditionele volksgeneeskunde in Amerika en Indonesië.
  • De wortel wordt uitwendig tot een pasta verwerkt en aangebracht bij artritis, neuralgie, huidinfecties en tandpijn.
  • Samengevat: gedroogde en gemalen kalmoeswortel worden gebruikt in traditionele kruidenpreparaten, met name voor de spijsvertering en de luchtwegen. Deze vormen bevatten aanzienlijk lagere concentraties actieve stoffen dan etherische olie en weerspiegelen de vorm waarin kalmoes gedurende het grootste deel van zijn traditionele geschiedenis is gebruikt.
Bereidingswijze

  • Poeder: 250-500 mg per dag (maximaal 1 gram per dag)
  • Afkooksel in water of melk: 1 theelepel kruiden op 1 kopje water (vaak met toevoeging van honing)
  • Tinctuur: (1:5, 25%) 2-4 ml driemaal daags. Maximaal 80 ml per week.
  • Topisch: als pasta of pleister.
  • Wat knabbelen op een stukje wortel was de geliefde bereiding van een oude, reeds lang overleden vriend Fons. 
  • Kalmoes werkt als een fixatief en dieptenoot in parfummengsels, verlengt de houdbaarheid van lichtere topnoten en voegt een warme, aardse complexiteit toe. Gebruik het spaarzaam, het is aromatisch genoeg, een kleine hoeveelheid geeft al een significant effect.
Toxiciteit:

  • Niet geschikt voor langdurig gebruik.
  • Grote doses kunnen misselijkheid en/of braken en een versnelde hartslag veroorzaken.
  • Vermijd gebruik tijdens de zwangerschap vanwege mogelijke menstruatiebevorderende effecten.
  • Wees voorzichtig bij personen met een verzwakt immuunsysteem.

Referenties
  • 1Lawless J. The Encyclopedia of Essential Oils. San Francisco, CA: Conari Press; 2013.
  • 2Tucker AO, Debaggio T. The Encyclopedia of Herbs – A Comprehensive Reference to Herbs of Flavor and Fragrance. Portland, OR: Timber Press, 2nd edition;2009.
  • 3Maniche L. Sacred Luxuries – Fragrance, Aromatherapy, and Cosmetics in Ancient Egypt. London: Opus Publishing Ltd.; 1999.
  • 4Frawley D, Lad V. The Yoga of Herbs – An Ayurvedic Guide to Herbal Medicine. Twin Lakes, WI: Lotus Press; 1986.

woensdag, september 23, 2026

Rozenwortel, het Europese adaptogeen

In Europa komt Rhodiola rosea, een lid van de Crassulaceae-familie, voornamelijk voor in alpiene gebieden en Scandinavië. Daar is de plant bestand tegen extreme omstandigheden zoals koude, lange winters, arme grond en perioden van droogte. Kruidkundigen uit Scandinavië en Azië ontdekten dat deze veerkracht ook op de mens kon worden overgedragen. De plant wordt al eeuwenlang als tonicum gebruikt en is de laatste tijd vooral populair geworden onder sporters. Studies tonen aan dat Rhodiola rosea een toegestaan, veilig en effectief middel is om de fysieke en mentale veerkracht te vergroten.

Bovendien tonen klinische studies de potentiële voordelen aan van Rhodiola rosea bij depressie, angst, burn-out, stressgerelateerde klachten en uitputtingstoestanden zoals het chronisch vermoeidheidssyndroom. Ook gezonde personen kunnen baat hebben bij de stimulerende en prestatiebevorderende effecten van Rhodiola rosea. Dit geldt ook voor studenten en anderen die ondersteuning zoeken bij hun studie.

Dopamine en serotonine: Hoe Rhodiola rosea je beloont.

De actieve bestanddelen van Rhodiola rosea stimuleren de receptoren van verschillende neurotransmitters in de hersenen, zoals noradrenaline, dopamine, acetylcholine en serotonine. Deze neurotransmitters zijn belangrijk voor de hersenfunctie. Ze zorgen ervoor dat we wakker, alert en geconcentreerd zijn. Recent onderzoek toont aan dat dopamine en serotonine het leerproces bevorderen. Beide neurotransmitters fungeren als motivator voor onze hersencellen. Ze overspoelen de hersenen en geven het volgende signaal: Iedereen wakker! Dit moment is belangrijk! Hierdoor concentreren de hersenen zich met verhoogde aandacht en geheugen op de huidige gebeurtenis, waardoor afleidingen door dwalende gedachten worden onderdrukt. Met behulp van dopamine en serotonine ervaren je hersenen de leerstof als belangrijk. En belangrijke informatie krijgt een speciale behandeling in de hersenen: het wordt sneller in het geheugen opgeslagen. Dankzij dopamine en serotonine is het daardoor gemakkelijker om te onthouden wat je hebt geleerd.

Je kunt voelen of je serotonine- en dopaminehuishouding gestimuleerd wordt. Beide neurotransmitters zorgen ervoor dat je ervaart wat je doet als prettig en lonend. Je kent vast wel het 'aha'-moment tijdens het leren, het moment waarop verbanden duidelijk worden en oplossingen voor problemen zich aandienen. Het 'aha'-moment creëert gevoelens van geluk, die op hun beurt het leerproces verdiepen. Rhodiola rosea bevordert deze positieve dynamiek, die wordt gemedieerd door serotonine en dopamine.

Rhodiola rosea werkt ook tegen stress, angst en vermoeidheid.

Rhodiola rosea wordt beschouwd als een plantaardig adaptogeen. Net als andere adaptogenen verbetert het de prestaties onder stressvolle omstandigheden. Leren is vaak ook stressvol – door tijdsdruk, zorgen of tegenzin. Volgens onderzoek verhogen de actieve bestanddelen van Rhodiola rosea (met name de belangrijkste actieve stoffen uit de rosavingroep en salidroside) de weerstand tegen stress, verminderen ze stresshormonen en gaan ze zo de uitputtende effecten van stress tegen. Dit kan niet alleen nuttig zijn voor het leren, maar kan studenten ook beschermen tegen een burn-out als gevolg van chronische stress.

Bovendien kunnen de actieve bestanddelen van Rhodiola rosea de vermoeidheid van hersencellen vertragen. Hun antioxiderende eigenschappen zouden hersencellen kunnen beschermen tegen vrije radicalen die hun functioneren belemmeren.

Naast stress en vermoeidheid is angst ook een slechte, maar helaas veelvoorkomende metgezel tijdens het leren. Dit wordt onder andere veroorzaakt door de druk van deadlines en de angst om te falen. De angstverminderende effecten van Rhodiola rosea zouden kunnen helpen voorkomen dat angst je leerproces te veel belemmert.

Literatuur