Posts tonen met het label kruiskruid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kruiskruid. Alle posts tonen

zaterdag, januari 03, 2026

Kruiskruid, een gewone grijsaard

Nog even namijmerend in het nieuwe jaar over onze magische wandeldagen bij Weris. Na het beleven van de menhirs en de mythische maretakken vonden we aan de bosrand de resten van het boskruiskruid, en zoals het met Maurice gaat, sprongen we van het boskruiskruid over naar het klein kruiskruid. Dat onooglijk onkruid dat winter en zomer groeit en bloeit en zijn zaad onverbiddelijk verspreid. Een voorbeeld van wilskracht. Mijn bewondering gaat dan ook volledig uit naar deze onooglijke planten, deze invasieven zoals vele mensen ze noemen. Bij deze een ode aan het klein kruiskruid dus. 

Klein kruiskruid of Senecio vulgaris. vrij vertaald wil dat zeggen 'gewone grijsaard'. Gewoon om niet te zeggen vulgair is het plantje wel, groeiend tussen de straatstenen, langs vervallen huizen en braakliggende terreinen, wordt het door weinig mensen gewaardeerd. Mooi is het niet en op de koop toe bevat het ook nog giftige pyrrolizidine-alkaloïden.

Dat er giftige planten bestaan wisten we natuurlijk al veel langer en dat giftig ook niet altijd negatief hoeft te zijn lijkt mij ook vanzelfsprekend. Voor de planten zelf is het een manier om zich te verdedigen tegen hongerige insecten. Planten hebben nu eenmaal geen pootjes om op de vlucht te slaan.

Maar ik wou het over het onooglijk en bijna altijd bloeiend klein kruiskruid hebben. Dit tuinonkruidje met zijn gele buisbloempjes en zijn grijs pluisvormende zaadjes bevat pyrrolizidine-alkaloïden, stoffen die de levercellen van zoogdieren kunnen beschadigen. Niet dat het daarom direct dodelijk hoeft te zijn voor mens of dier. Een naïeve kennis van mij heeft het zelfs regelmatig als 'kamille'thee gedronken en voorlopig leeft hij nog.

Over de hele wereld bekeken gebeuren er wel regelmatig vergiftigingen met kruiskruiden vooral bij grote zoogdieren zoals paarden en runderen, vooral als het gedroogd in het hooi voorkomt kunnen de dieren te veel kruiskruid binnen krijgen. In de ernstigste gevallen sterven de dieren door levercirrose. Kleine zoogdieren zoals schapen, geiten en konijnen schijnen er beter tegen te kunnen, mogelijk kunnen zij de alkaloïden in hun pens beter afbreken.

Medicinaal gebruik van klein kruiskruid

Ondanks de 'gitigheid' is het klein kruiskruid ooit wel gebruikt geweest als medicijn. In het Cruydboeck van Dodoens van 1644 wordt het beschreven als 'een seer ghemeyn ende bijna veracht cruydt' toch schrijft hij ' het is vol van deugden ende krachten, in sonderheyt om kwetsuren en wonden te genezen. ....hedendaags bijster veel geprezen om de vuile, etterende zweren, lopende gaten en de verouderde wonden te genezen'. En zelfs als kompres adviseert hij 'de bladeren en de bloemen ' gelegd op de hete gezwellen van het fondament en de schamelijke leden'. Dus toch voornamelijk uitwendig in gebruik. Al schrijft hij ook dat 'het wel als salaet wordt gegeten'.

Culpeper over kruiskruid

'This herb is Venus's mistress piece and is as gallant and universal a medicine for all diseases coming of heat, in what part of the body so ever they be, as the sun shines upon: it is very safe and friendly to the body of man, yet causes vomiting if the stomach be afflicted, if not, purging. It doth it with more gentleness than can be expected: it is moist and something cold withal, thereby causing expulsion and repressing the heat caused by the motion of the internal parts in purges and vomits. The herb preserved in a syrup, in a distilled water, or in an ointment, is a remedy in all hot diseases, and will do it: first, safely; secondly, speedily.'

Dioscorides over kruiskruid

Voor Dioscorides lijkt het wel een veelzijdig geneeskruid geweest te zijn. Zowel voor maag en lever en tegen epilepsie, nierstenen en koliek, zou het volgens hem goed zijn. 'The decoction of the herb, saith Dioscorides, made with wine and drunk helpeth the pains in the stomach proceeding from choler (bile). The juice thereof taken in drink, or the decoction of it in ale gently performeth the same. It is good against the jaundice and falling sickness (epilepsy), and taken in wine expelleth the gravel from the reins and kindeys. It also helpeth the sciatica, colic, and pains of the belly. The people in Lincolnshire use this externally against pains and swelling, and as they affirm with great success. The juice of the herb, or as Dioscorides saith, the leaves and flowers, with some Frankinsense in powder, used in wounds of the body, nerves or sinews, help to heal them. The distilled water of the herb performeth well all the aforesaid cures, but especially for inflammation or watering of the eye, by reason of rheum into them.'

En ook voor jicht werd het geadviseerd 'pound it with lard, lay it to the feet and it will alleviate the disorder.'

Senecio in de apothekersboeken

Zelfs tot in de 20ste eeuw werd het als 'Senecio herba' voor de bereiding van 'tinctura Senecionis' in sommige apotekersboeken vermeld tegen te sterke uterusbloedingen. Ook in de brochure van het herbetum, de medicinale plantentuin in Meise uit 1992, wordt het als baarmoederactiverend omschreven samen met de witte dovenetel. 'Deze verwekken een samentrekking van de uterus en vinden dus toepassing bij te hevige of te lange bloedingen' wordt daar vermeld. Recent is uit wetenschappelijk onderzoek gebleken dat kruiskruiden een anti-oxidante, anti-diabetische en cytotoxische werking hebben. Dus toch nog positief nieuws over deze grijsaards.

Besluit: Kruiskruid en zijn verwanten zoals jakobskruiskruid zou ik voorlopig zeker niet meer aan raden voor inwendig gebruik. Toch lijkt mij het uitwendig gebruik als ontstekingswerend middel wel interessant. Uitproberen? Proef 'konijnen' gezocht!

Nota. Een recent onderzoek over Senecio vulgaris.

Senecio vulgaris L., een lid van de Asteraceae-familie, wordt al eeuwenlang veelvuldig gebruikt in de traditionele Iraanse kruidengeneeskunde. Een onderzoek met tot doel de samenstelling van de etherische oliën en de antibacteriële eigenschappen van twee verschillende populaties van S. vulgaris te analyseren en te vergelijken. Essentiële oliën werden verkregen uit de bovengrondse delen van deze populaties door middel van hydrodestillatie, en hun chemische bestanddelen werden onderzocht met behulp van gaschromatografie-massaspectrometrie. De antibacteriële werking van de essentiële oliën tegen zowel grampositieve als gramnegatieve bacteriën werd geëvalueerd.

Monoterpeenkoolwaterstoffen bleken dominant te zijn in beide populaties, waarbij humuleenepoxide II het belangrijkste bestanddeel was, met een aandeel van 17,87% in de eerste populatie en 21,55% in de tweede. De agar-diffusiemethode toonde significante antibacteriële effecten van de essentiële oliën van S. vulgaris aan. De bevindingen gaven aan dat de essentiële olie een verhoogde activiteit vertoonde tegen Escherichia coli in beide populaties. Verder gaven de minimale remmende concentratie (MIC) en de minimale bactericide concentratie (MBC) aan dat Pseudomonas aeruginosa met concentraties van 400 μg/mL voor beide testen de meest gevoelige bacterie was, terwijl Streptococcus pyogenes met een MIC van 800 en een MBC van >800 μg/mL de meest resistente bacterie was in beide populaties van S. vulgaris. Dit onderzoek benadrukt het belang van S. vulgaris als een waardevolle bron van monoterpeenrijke olie met sterke antibacteriële eigenschappen, wat wijst op het potentiële gebruik ervan bij de ontwikkeling van nieuwe, natuurlijk verkregen geneesmiddelen tegen bacteriële ziekten. Iran J Microbiol.2025 feb;17(1):171-179.

maandag, december 23, 2013

Kruiskruid in de winter


Bewondering heb ik wel voor al die onkruiden, die zich ondanks de bestrijding door de mens toch kunnen handhaven in de natuur. Klein kruiskruid is zo'n onooglijk plantje dat zelfs nu in december nog kan bloeien en zaad vormen. Vroeger werd de plant zelfs gewaardeerd als medicijn. Opeten zou ik het nu niet te veel meer doen, want niet echt smakelijk en daarenboven bevat het ook nog alcaloïden die de lever kunnen beschadigen.

De geslachtsnaam Senecio is afkomstig van het Latijnse senex: grijsaard! Wat verwijst naar het overdadig en grijs zaadpluis dat verschijnt direct na de magere bloei. Of zoals Fuchsius het in oud-Nederlands al zei: “een graw oft wit wolleken/ dat is ees oudts mans graw oft grijs hayr ghelijck”. 
De soortnaam - vulgaris - betekent “gewoon”. Het is een algemeen  voorkomend plantje, dat overal opkomt: op net omgewerkte akkers en  tuingronden, op composthopen en akkerland. Het is een lastige gast; elk jaar ontstaan er meerdere generaties, het blijft aan de gang en als je het weg wilt, blijf je zelf ook aan de gang…. En juist daarom heb ik een grote bewondering voor deze gewone grijsaard.

De Nederlandse naam kruiskruid zou te maken hebben met de  kruisgewijze bladstand. Maar deze mening vindt niet veel bijval. Eerder denkt men dat de naam ontstaan is uit een gehoorfout. Het Duitse Kreuzkraut  zou op dezelfde manier ontstaan zijn: uit Greiskraut. Bij Heukels werd ooit over grijskruid gesproken en dit is waarschijnlijk ook een vertaling uit het Duits. Deze verbastering moet uit de vroege middeleeuwen dateren, want al in de elfde eeuw kom je Kreuzkraut tegen in de Codex Bonnensis.
De naam kruiswortel, op vele plaatsen in ons land gebruikt, vinden we al  bij Dodonaeus: “Dit cruyt is hier te lande Grindtcruydt ende Cruyscruyt  ende van sommige oock Cruyswortel gheheeten: in Hooch Duytschlant reuzwurtz ende Grindtkraut”.

Ook de naam kanariekruid, komt naast vogeltjeskruid voor: groenvoer voor kooivogels dus. Ook in andere landen. is het een gewaardeerd vogelvoeder, hetgeen blijkt uit de volksnamen Vogelkraut (Duitsland), Canary seed en Chickenweed (Engeland) en Seneçon des oiseaux (Frankrijk). Dit  Seneçon houdt natuurlijk verband  met de Latijnse naam Senecio. In (Zeeuws-)Vlaanderen en de eilanden ontstonden legio verbasteringen: van sencioen, tot sentse of saense juin en sinksenkruid en zelfs eksuun en ekejuun (Schouwen). In Engeland komen Sencion en Sinsion voor.

Interessant is de volksnaam grindkruid (al bij Dodonaeus: Grindcruyt). Grind was schurft! Dat kon je er dus mee bestrijden. Maar  het gebruik van kruiskruid voor dit doel was hier te lande geheel onbekend! Trouwens, duivekervel, knautia en ridderzuring werden met dezelfde naam aangeduid!

Geneeskruid? 
Men vertelde dat het sap goed was bij koorts, rillingen en woedeaanvallen  (gepaard gaande met een rood opgeblazen hoofd, wat men “dicken Kopf”  noemde) en in het algemeen ter afkoeling van gezwollen lichaamsdelen.  Het zou ook met het opgezwollen bloemhoofdje te maken kunnen hebben  en zo met de sympathie- of signatuurleer om het sap ter genezing van gezwollen ledematen of een gezwollen hoofd te gebruiken. In de oudheid was het echt een gewaardeerd geneeskruid, dat men bij  allerlei ziekten en kwalen aanwendde. Het sap en het blad werden als  verkoelend middel gebruikt bij ontstekingen en gezwellen. Plinius ziet  het haast als universeel middel!
In Waterland sprak men zelfs van heidens wonderkruid. Dit kan een  verbastering van wondkruid zijn, maar zou ook ontstaan kunnen zijn  omdat het in de oudheid immers als een universeel geneeskruid gold.  P. Nylandt schrijft: ‘Voor heete geswellen van het Fondament, ende  schamelijcke Leden om de Wonden te heelen, voor Graveel ende Steen.  Om de maendt-stonden te verwecken, ende voor Geel-sucht. Voor loopende Oogen. Voor pijn der Mage. Voor pijn in de Lenden en voor Podagra.‘
In Winschoten werd het plantje volgens Van Hall in de vorige eeuw nog  als huismiddeltje gebruikt bij stuipen. Het uitgeperste sap van de verse  plant werd dan op de polsen van het patiëntje gesmeerd. Ook werd het plantje vroeger wel in de wieg gelegd tegen beheksing van kleine kinderen.

Eetbaar?
Volgens Dodonaeus is de plant wel eetbaar! Hij schrijft:  ‘Cleyn Cruyscruyt wort hier in Nederlant met ander cruyden ghelijck  salaet met olie en Edick (azijn) in de wintersche maenden gegeten: ende  en is geen quade/ onliefflicke oft ongesonde spijse.’
Aan dit laatste twijfelt men nu echter sterk! Bij Gerhard Leibold lees je:  kruiskruid bevat stoffen, die bij hoge dosering giftig zijn voor de  lever... Volgens hem is de juiste dosis gezond voor de lever en helpt het  kruid ook bij menstruatieklachten...  Het plantje bevat inderdaad pyrrolizidine alcaloïden, die lang ingenomen levercellen kunnen beschadigen. Af en toe een beetje eten is niet gevaarlijk, maar smakelijk is het zeker niet.

zondag, maart 10, 2013

Senecio, ouderik!

Ik ben op weg naar de algemene ledenvergadering van de vereniging. Onderweg stop ik even om gezellig in mijn eentje, een koffie te drinken. Achter de grote dubbelglaswand van het café zit ik warm te wezen. Aan de andere kant, de gure buitenkant, een beetje beschut tegen de wand, groeien en bloeien zelfs nu al enkele kleine kruiskruiden. Bewondering voor deze onooglijke onkruiden overvalt me, des te meer als ik zie dat ze zelfs al zaad vormen. Overlevers zijn het tot en met, mooi zijn ze niet of mooi vinden we ze niet, maar wat wil je als je op elk moment van het jaar voor verse nakomelingen wil zorgen, dan heb je geen tijd om grote indrukwekkende bloemen te vormen om mensen te behagen.

Gewaardeerd wordt het kruiskruid op geen enkele manier. Lelijk zijn, overal maar groeien waar de mens wat wil doen, en dan nog gifstoffen bevatten die paarden kunnen doden en de lever van mensen kan beschadigen. Hoe durf je! Met wortel, beschimmelde blaadjes en onnozele bloempjes moet je uitgeroeid worden. Senecio, seniele ouderik, want dat is de naam die je van mensen ooit gekregen heb, grijsaard hoe moet dat verder gaan?

Senecio vulgaris, grijs kruid doe zo verder! Als herborist kan ik ook wat van je leren zonder je op te eten.

zondag, maart 13, 2011

Kruiskruid, een gewone grijsaard

Dat ook het onooglijk klein kruiskruid nu bloeit hoeft mij niet te verwonderen. Het bloeit zowat altijd ergens wel. Dus zeker geen lenteluider zoals maarts viooltje of speenkruid. De naam kruiskruid zou een verbastering kunnen zijn van ‘grijskruid’, omwille van het wit-grijsachtig uiterlijk van de pluizige bloemetjes.