donderdag, februari 11, 1999

Speelse lessen en muntvriend

Een vreemde, boeiende winterse dag! Ik moet om 9.00 uur al in Roeselare zijn, om twaalfjarigen
wat te vertellen over kruiden. Een moeilijke opgave, zowel om er te geraken over besneeuwde wegen
als om zes maal driekwart uur hedendaagse computerjeugd bezig te houden met ouderwetse
kruidenverhalen. Toch leek het me goed gelukt, vooral door een direct beroep te doen op hun
zintuigen. Dat wil zeggen, hen laten proeven, ruiken en voelen. Het verse slijm uit de Aloë is altijd
goed voor vieze gezichten en snotterige verhalen. Of het proeven van anijs of venkelzaadjes vinden
ze verwonderlijk smakelijk of worden door anderen (jongens!) met afgrijzen uitgespuugd. Als we
dan ook nog de etherische olie uit deze kruiden doorgeven, is het hek helemaal van de dam.
Sommigen wreven, ondanks de waarschuwing, wat te veel op hun gezicht, met als gevolg
roodgloeiende wangen die ze moesten blussen onder de koude waterkraan. Vervelend vond ik het
zeker niet, integendeel, het was net genoeg actie om die driekwart uur spannend door te brengen.

Omdat ik dan toch in de buurt was, ben ik even op bezoek geweest bij een kruidenvriend en lid van
onze vereniging uit Izegem. Een man met een uitgebreide botanische kennis van klassieke kruiden
zoals munt, tijm en rozemarijn, maar ook een man die kan praten als een marktkramer, en dat is hij
dan ook in het echt. Hij bezit mogelijk de meest veelzijdige muntverzameling van heel Europa. In de
lijst, die ik van hem gekregen heb, tel ik 26 mentha piperita soorten, 8 suaveolens soorten, 19
spicata’s, 4 soorten akkermunt, maar ook vietnamese, corsicaanse, chinese en marokkaanse munt.
De verzameling is voor een gedeelte de erfenis van de franse muntkenner bij uitstek, Jean Lebeau,
maar er zijn ook planten bij afkomstig van het Conservatoire nationale des plantes medicinales uit
Milly-la-Foret, uit de Hortus Botanicus in het Nederlandse Leiden of van de Wisley universiteit in
Engeland. Verder is er zaad gebruikt van oa. Iden Croft Herbs Staplehurst en Richter Herb Plants.
Deze laatste kataloog RHP uit Canada is bij mij ook in te kijken, zij bieden niet alleen zaden maar
ook jonge plantjes aan van de onmogelijkste kruidensoorten. Ik noem maar wat: Aswagandha, de
indische ginseng, hij zou zelfs makkelijk te zaaien zijn, of varieteiten van Salie ‘Extracta’ met een
hoger gehalte aan etherische olie, verder een familielid van de KavaKava met de naam Macropiper
exelsum, die als kamerplant kan gebruikt worden; of Teatree zaden en plantjes, zelfs van
Sintjanskruid zijn er kweekvariëteiten beschikbaar zoals Anthos, Topas en Elixir. Weer genoeg
informatie om flink chaotisch te worden!
Toch nog even het adres van Richters, dat is in Canada, Ontario LOC 1AO, Goodwood en
electronisch kun je ze bereiken met ‘orderdesk@richters.com.

Commentaar: In het verleden hebben we met de vereniging nogal wat educatieve kruidenactiviteiten op scholen begeleid: voordrachten, aanleg van kruidentuintjes, cursussen.

21 februari 1999
De eerste wandeling van onze vereniging in 1999. De overdadige sneeuw van de voorbije weken
was net op tijd gesmolten om weer wat schuchter groen te kunnen bekijken.
Elk jaar weer dezelfde snelle groeiers, jonge brandnetelblaadjes, ronde look-zonder-lookjes, stevige
driekleurig viooltje met zelfs hier en daar al een gedurfd bloempje. Dertien mensenkinderen op een
doorweekte zondagvoormiddag bij een door planten herwonnen oude spoorweg, triest en tover
tegelijkertijd! Daar hoort een gedicht bij.

Er is iets in de dingen dat ontroert:
het is de schoonheid niet der bloemen,
noch het glanzen van een blad, noch het roepen
van de roerdomp in de nacht. Het is
daarin, maar ook daarachter en daarboven
en daaronder, dieper in de grond........
De tover tussen onder en boven, tussen binnen en buiten, tussen weten en vergeten.

Commentaar: plaats van handeling was Weelde Statie bij het oude spoorwegemplacement op de grens met Nederland. De locatie waar ook de herboristenvereniging ontstond en toen ook de kruidentuin van Maurice was gelegen. Ja 'was'. Nu, zijn er daar nog steeds resten te vinden van die verloren tuin.