zaterdag, december 20, 2025

Maca, de Peruaanse ginseng

Het Zuid-Amerikaanse continent herbergt een vrijwel onuitputtelijk aantal waardevolle medicinale planten. De uiteenlopende klimaten en hoogtes dwingen de planten zich aan extreme omstandigheden aan te passen, wat resulteert in een grote diversiteit en een ongelooflijke rijkdom aan werkzame stoffen. 

Maca / Lepidium meyenii Walp. trotseert de barre klimatologische omstandigheden van het Andesgebergte en slaat zijn waardevolle reserves in sterk geconcentreerde vorm op in zijn knol. Net als veel Europese alpiene planten die gedijen onder vijandige omstandigheden (bijvoorbeeld Rozenwortel en Meesterwortel), dient maca als een tonicum voor de mens. Deze eigenschappen waren de Inca's al goed bekend. Zij gebruikten de knol niet alleen om de vruchtbaarheid te bevorderen, maar ook om de conditie van hun krijgers te versterken.

Maca heeft op verschillende niveaus een positief effect op het libido en de vruchtbaarheid. Ten eerste voorziet het het lichaam van gezonde koolhydraten, veel eiwitten en essentiële aminozuren. Ten tweede is het een bron van vele sporenelementen, die het uit de vulkanische grond haalt, organisch bindt en voor ons beschikbaar maakt. Bovendien bevat het verschillende stoffen die een balancerend effect hebben op de hormoonhuishouding van zowel mannen als vrouwen. Hoewel de precieze werkingsmechanismen nog maar gedeeltelijk bekend zijn, lijkt een belangrijk therapeutisch voordeel te zijn dat maca een indirecte, in plaats van een directe, invloed heeft op het hormoonstelsel. Hierdoor kan het de balans bevorderen bij een breed scala aan hormonale onevenwichtigheden.

Oorsprong en traditioneel gebruik

Maca /  Lepidium meyenii, eenjarige of tweejarige plant heeft een platte rozet van vlezige, onregelmatig geveerde bladeren. De onopvallende, pluimvormige bloeiwijze bestaat uit honderden kleine, witte bloemen.
Onder de grond bevindt zich een knolvormige wortel, die tot 15 cm lang kan worden en een diameter van 5 cm kan bereiken. De kleur van de knol kan variëren van witachtig tot geel, oranje, rood en zwart, met enigszins verschillende werkzame stoffen en toepassingen die aan de verschillende wortelkleuren worden toegeschreven. Gele, rode en zwarte maca zijn de meest geteelde en verhandelde varianten.

Maca is afkomstig uit de berggebieden van het Andesgebergte in Peru en Bolivia en is uitzonderlijk goed aangepast aan de barre omstandigheden van die regio. Op hoogtes tot wel 4400 meter verdraagt ​​de plant extreme temperatuurschommelingen gedurende de dag en het jaar, evenals sterke UV-straling en koude wind. Bewijs van maca-teelt dateert van ongeveer 2000 jaar geleden, voornamelijk bij de Chinchay-cultuur in de regio Junín. In de 15e eeuw verspreidde de kennis over maca-teelt en het gebruik ervan zich verder met de uitbreiding van het Inca-rijk. Tegenwoordig wordt Maca in veel regio's van de Peruaanse en Boliviaanse Andes verbouwd als voedselbron en exportproduct. In het oorspronkelijke gebied worden maca-knollen vaak gebakken gegeten. Een zoete pap (mazamorra), gemaakt van gedroogde Maca gekookt met melk, is ook populair. Maca-knollen worden ook verwerkt tot meel, dat gebruikt wordt om cakes of pannenkoeken te bakken. Daarnaast wordt er een biersoort (maca chicha) van de knol gemaakt met mogelijke afrodisiake eigenschappen.

Omdat de vraag naar maca in de jaren negentig van de vorige eeuw sterk toenam, begon China de knollen op grote schaal te verbouwen. In de praktijk geef ik echter de voorkeur aan maca uit Peru, omdat ik geloof dat de kwaliteit betrouwbaarder is en de micronutriëntenrijke vulkanische grond van de Andes de planten van de nodige sporenelementen voorziet. Dit maakt maca uit Peru bijzonder waardevol. Ook in Europa kan de Maca gemakkelijk gekweekt worden. Te vergelijken met het telen van rapen, rammenas en radijs. Ook interessant is de nauwe relatie tussen maca en tuinkers ( Lepidium sativum), waarvan de zaden in de Arabische wereld als afrodisiacum worden gebruikt [Rätsch, 2023].

Gebruikte delen en doseringsvorm

In de volksgeneeskunde worden alle delen van de plant gebruikt: de bladeren voor longaandoeningen [Rätsch, 2023] en de wortel als voedsel en vruchtbaarheidsbevorderend middel, en ook als afrodisiacum. De wortel wordt rauw gedroogd of eerst verhit en daarna gedroogd. Vanuit het perspectief van de volksgeneeskunde moet de wortel gekookt of gebakken worden voor consumptie om schadelijke effecten op het lichaam te voorkomen.

Praktische ervaring leert ook dat preparaten met gegelatineerde, d.w.z. fijn gemalen en verhitte, maca-wortel maagvriendelijker en effectiever zijn dan rauwe, gedroogde en gemalen wortel. Het kookproces kan de hoeveelheid actieve metabolieten verhogen [Gonzales, 2011] en de biologische beschikbaarheid verbeteren. Bovendien zet verhitting de macaenen om in de relevantere macamiden. Dosering van de gedroogde (gegelatiniseerde) wortel: ongeveer 10 g per dag

Voor merkbare effecten moet de macawortel minimaal 3-4 weken worden ingenomen. Over het algemeen kun je extractcapsules gebruiken voor de behandeling van de meeste aandoeningen, omdat deze gemakkelijker in te nemen zijn (betere therapietrouw) en vooral waardevol zijn vanwege de secundaire plantenstoffen.Wie echter geen problemen heeft met de smaak en de hoeveelheid van het wortelpoeder, kan profiteren van het volledige scala aan effecten, waaronder waardevolle eiwitten en vezels.

Actieve ingrediënten / Inhoudsstoffen vam Lepidium meyenii

Om Maca volledig te begrijpen, moet men de voedingswaarde en de secundaire plantenstoffen kennen. Ten eerste is de knol een bron van waardevolle voedingsstoffen: met een koolhydraatgehalte van ongeveer 60% levert hij het lichaam energie. Het hoge vezelgehalte van 8-9% helpt deze energie efficiënt en langzaam te verwerken. Bovendien bevat de knol ongeveer 10% eiwit, waaronder vrijwel alle essentiële aminozuren. Hij is ook rijk aan omega-3- en omega-6-vetzuren. Daarnaast is de knol rijk aan belangrijke sporenelementen zoals koper, zink, mangaan, ijzer, selenium en borium, evenals B-vitaminen. Overigens heeft maca uit Peru vaak een hoger zinkgehalte dan maca uit China.

Bovendien bevat maca veel werkzame secundaire plantenstoffen. Naast de glucosinolaten die bekend zijn van andere Brassicaceae en die maca zijn karakteristieke, licht scherpe smaak geven, bevat het verschillende sterolen die het hormoonstelsel kunnen beïnvloeden. Van bijzonder belang en een focus van onderzoek naar maca zijn de macamiden, speciale meervoudig onverzadigde vetzuren die cruciaal kunnen zijn voor veel van de effecten die met maca worden geassocieerd [Ulloa del Cario Norka, 2024]. Macamiden beïnvloeden ook het endocannabinoïdesysteem [Ulloa del Cario Norka, 2024], dat een belangrijke rol speelt bij de regulering van vele lichaamsfuncties.

Mogelijk medisch gebruik

Maca wordt zowel in de reguliere geneeskunde als in de volksgeneeskunde gebruikt voor de behandeling van diverse aandoeningen, met name voor de volgende toepassingen:

  • Verbetering en toename van het sperma
  • Verlichting van erectiestoornissen
  • Ondersteuning van de vrouwelijke cyclus en vruchtbaarheid
  • Adaptogeen en voedingsrijk tonicum
  • Vermindering van cortisol, HGH (menselijk groeihormoon) en ACTH (adrenocorticotroop hormoon) [Ulloa del Cario Norka, 2024]
  • Preventie en ondersteuning bij benigne prostaatvergroting
  • Verlichting van menopauzale symptomen
  • Bescherming van zenuwcellen

Voor mannelijke onvruchtbaarheid is Maca de eerste keuze in de fytotherapie. De positieve effecten ervan op de spermakwaliteit en de consistentie van het ejaculaat worden ondersteund door recent onderzoek [Lee, 2016]. In mijn praktijk gebruik ik zwarte maca voor mannen, omdat het spectrum aan effecten ervan het beste aansluit bij de mannelijke voortplantingsas, met name wanneer de onvruchtbaarheid te wijten is aan onvoldoende androgeenproductie door de geslachtsklieren [Shin, 2023]. Vooral in combinatie met zink, magnesium en selenium zijn veranderingen in de sperma-analyse meestal al na enkele weken waarneembaar 

Als de vruchtbaarheid is aangetast door benigne prostaatvergroting (BPH), wordt rode maca aanbevolen in plaats van zwarte maca [Gasco, 2007]. Om eventuele onderliggende prostatitis verder tegen te gaan, moet de behandeling worden aangevuld met een thee gemaakt van gelijke delen kruidenthee ( Geranium robertianum) en kleinbloemige wilgenroosje ( Epilobium parviflorum) . De therapie moet ten minste 2 tot 3 maanden worden voortgezet om de resultaten te kunnen beoordelen.

Bovendien is rode maca ook uitstekend geschikt voor de behandeling van diverse problemen die verband houden met de menstruatiecyclus, zoals een onregelmatige cycluslengte en vruchtbaarheidsstoornissen. Bij continu gebruik ervaren patiënten een vermindering van typische premenstruele symptomen en een verhoogd libido. Studies bij muizen tonen ook aan dat het voeren van maca leidt tot een groter aantal nakomelingen en een hoger baarmoedergewicht in vergelijking met de controlegroep [Ruiz-Luna, 2005], wat mogelijk te wijten is aan de toename van progesteronspiegels tijdens de inname van maca [Oshima, 2003]. Dit is uiteraard geen voldoende bewijs voor gebruik tijdens de zwangerschap, maar het wijst wel op de vruchtbaarheidsbevorderende eigenschappen.

Maca kan ook gunstig zijn tijdens de perimenopauze, omdat het de FSH- en estradiolspiegels beïnvloedt. Het kan de FSH-spiegel verlagen en de estradiolproductie stimuleren, wat leidt tot verlichting van de symptomen [Meissner, 2006]. Je kan dit effect versterken door maca te combineren met planten die fyto-oestrogenen bevatten zoals hop ( Humulus lupulus) .

Over het algemeen hebben alle maca-variëteiten adaptogene en versterkende eigenschappen en voorzien ze het lichaam van veel essentiële stoffen dankzij hun hoge (micro)nutriëntendichtheid. Het gebruik van maca kan daarom nuttig zijn tijdens stressvolle periodes in het leven, die gekenmerkt worden door een verhoogde behoefte aan voedingsstoffen en hormonale onevenwichtigheden. Als maca hiervoor gebruikt wordt, raad ik aan om een ​​gegelatineerd poeder te gebruiken in plaats van capsules, zodat je optimaal profiteert van het volledige spectrum aan waardevolle voedingsstoffen.

Vanwege de vele aanwijzingen voor een neuroprotectieve werking is maca zeker het proberen waard als ondersteunende behandeling bij neurodegeneratieve aandoeningen. Dit geldt met name omdat, naast de effecten van de secundaire plantenstoffen, de vele voedingsstoffen die het bevat, zoals aminozuren en essentiële vetzuren, een belangrijke rol spelen bij dit soort ziekten. Ook hier is het raadzaam om extracten te vermijden en in plaats daarvan te kiezen voor gemalen maca uit Peru of zelf maca telen in eigen tuin.

Bijwerkingen / interacties

Maca wordt over het algemeen als veilig beschouwd. Studies hebben aangetoond dat zelfs extreem hoge doses geen ernstige bijwerkingen veroorzaken. Vanwege een gebrek aan bewijs over de veiligheid tijdens zwangerschap en borstvoeding, dient het gebruik ervan echter te worden vermeden. Maca dient ook uit voorzorg te worden vermeden bij hormoongevoelige tumoren. Soms kan het gebruik van maca, vooral in hoge doses, de menstruatiecyclus aanvankelijk enigszins verstoren, maar dit normaliseert zich meestal weer in de volgende cyclus.

Literatuur

1 Shin D, Jeon SH, Piao J. et al. Efficacy and Safety of Maca (Lepidium meyenii) in Patients with Symptoms of Late-Onset Hypogonadism: A Randomized, Double-Blind, Placebo-Controlled Clinical Trial. World J Mens Health 2023; 41: 692-700
CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation

2 Rätsch C, Müller-Ebeling C. Lexikon der Liebesmittel. Pflanzliche, mineralische, tierische und synthetische Aphrodisiaka. Der naturheilkundliche Ratgeber zur Liebe. Alternativmedizinische Mittel für Erotik und Liebesleben. Aarau, Schweiz: AT-Verlag; 2023 Search in Google ScholarDownload RIS citation

3 Gonzales GF. Ethnobiology and Ethnopharmacology of Lepidium meyenii (Maca), a Plant from the Peruvian Highlands. Evid Based Complement Alternat Med 2012; 2012: 193496
CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation

4 Lee MS, Lee HW, You S. et al. The use of maca (Lepidium meyenii) to improve semen quality: A systematic review. Maturitas 2016; 92: 64-69 CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation

5 Gasco M, Villegas L, Yucra S. et al. Dose-response effect of Red Maca (Lepidium meyenii) on benign prostatic hyperplasia induced by testosterone enanthate. Phytomedicine 2007; 14: 460-464
CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation

6 Meissner HO, Mscisz A, Reich-Bilinska H. et al. Hormone-Balancing Effect of Pre-Gelatinized Organic Maca (Lepidium peruvianum Chacon): (II) Physiological and Symptomatic Responses of Early-Postmenopausal Women to Standardized doses of Maca in Double Blind, Randomized, Placebo-Controlled, Multi-Centre Clinical Study. Int J Biomed Sci 2006; 2: 360-374
CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation

7 Oshima M, Gu Y, Tsukada S. Effects of Lepidium meyenii Walp and Jatropha macrantha on blood levels of estradiol-17 beta, progesterone, testosterone and the rate of embryo implantation in mice. J Vet Med Sci 2003; 65: 1145-1146 CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation
8 Ruiz-Luna AC, Salazar S, Aspajo NJ. et al. Lepidium meyenii (Maca) increases litter size in normal adult female mice. Reprod Biol Endocrinol 2005; 3: 16 CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation

9 Ulloa Del Carpio N, Alvarado-Corella D, Quiñones-Laveriano DM. et al. Exploring the chemical and pharmacological variability of Lepidium meyenii: A comprehensive review of the effects of maca. Front Pharmacol 2024; 19: 1360422 CrossrefPubMedSearch in Google ScholarDownload RIS citation

10 Winston D. Adaptogens, Herbs for Strength, Stamina, and Stress Relief. Vermont: Healing Arts Press; 2007 Search in Google Scholar

vrijdag, december 19, 2025

Januari 2001. Brieven aan en van een herborist

Wilsele, 20-1-2001

Maurice,

Mag ik als trouwe Herba-lezer nu eens een nieuwsgierige vraag stellen? Hoe is het tijdschrift Herba (en de vereniging) aan zijn paardenbloem embleem gekomen? Wie en wanneer en hoe heeft men voor dat kruid gekozen? Ik ga alvast ook op speurtocht en vind dit:

In het compendium van rituele planten in Europa staat op blz. 23: Zijn oude symbolen, mythen en riten nog zinvol? Het woord "symbool" komt van het Griekse "sumbulon" dat oorspronkelijk sloeg op de twee helften van een wassen schrijftafeltje dat personen met elkaar deelden als uitdrukking van hun onderlinge band. Deze betekenis ging geleidelijk over naar een herkenningsteken, een contramerk of legitimatiebewijs, dat diende om bijvoorbeeld een vergadering in besloten kring bij te wonen. Later werd "symbool" gebruikt voor elk afgesproken teken, en werd dus een soort parool of wachtwoord, een teken in het algemeen. Ten slotte kreeg "symbool" de specifieke betekenis van zinnebeeld: een concreet teken dat naar andere vaak niet concrete werkelijkheid verwijst. Een bekend voorbeeld hiervan is de palmtak die de overwinning symboliseert. Heel wat politieke partijen, filosofische, beroeps-, of religieuze verenigingen en naties kennen de subtiele kracht die uitstraalt van een symbool en plaatsen dat ook graag op hun logo of embleem. Men hoopt dat het gekozen symbool zal aanslaan bij de leden en verder dan leidraad en stimulans zal zijn om een beweging gaande te houden, niettegenstaande de verscheidenheid binnen de groep.

Ja, als ik dit lees dan heb ik zoiets van: de paardenbloem is een goede keuze. Nu heb ik zelf een rare band met de paardebloem. Zij was namelijk het eerste kruid dat ik echt ontdekte. Ik bedoel je kent dat wel maar bekijkt het nooit echt, eens blijven bij stilstaan en bewonderen is er ook al niet bij en dan ineens doe je dat toch zomaar... Ik zag ineens overal paardebloem, dat blijft maar aan je tenen kriebelen. Maar paardebloem zet ik niet tussen de malse grassprietjes, ik heb een voorkeur voor die, welke tussen de straatstenen groeit. De dappere dus en dat is nu precies het woord dat ik bij dat (on)kruid zet ... .dapper. Nu, januari zijnde zit ik mij reeds te verkneukelen op haar komst. Het blijft niet bij kijken alleen, opeten is er ook bij, ik kan dat niet meer missen in de lente enfin misschien is dat maar een verslaving die tussen mijn oren zit.

Wanneer ik in een natuurwinkel ben, heb ik wel eens binnenpretjes... Nog nooit een etalage gezien vol vers paardenbloem groen...

Paardenbloem, de vriendin van de lever...

Mijn wens: dat paardebloem mag aanslaan, ook eens de mode van de dag mag worden. En dat de vereniging net zoveel gezonde beweging kent als dit dappere kruid. En ik voel mij een dapper meisje dat ik achter mijn wassen schrijftafeltje gekropen ben (van kleur klopt het in ieder geval) om mijn paardebloem grote goesting eens neer te knallen.

Een oud boek...

Wanneer kan je nu van een kruidenboek zeggen: dat is een oud boek. Leef-tijd, tijd van leven kan een kruidenboek levendig zijn of leeft het niet? Is het zo levendig als de mens die er in snuffelt en gaat gebruiken? Een oud boek is voor mij bv. een oude spelling tegen komen; ziektes met benamingen die niet meer actueel zijn en benodigdheden die tot de verbeelding spreken. Zo een boek is: `Troost der zieken' van broeder Aloysius, een receptenboek van geneeskruiden. Volgens mijn huisarts heeft 80 procent van de bevolking last van aambeien dus ga ik alvast eens kijken wat een oud boek daarover zegt.

Lijders aan aambeien moeten zich wachten voor alle hartstochten, vooral voor ontucht, gramschap en mismoedigheid. Zij moeten zich onthouden van alle prikkelende en scherpe spijzen. Zij moeten zachte bedden vermijden, niet te lang slapen, op harde stoelen zitten en een matige beweging nemen. Behandeling: Dagelijks een kop thee van duizendblad

  • Aambeienpoeder: meng 40 gram gezuiverde zwavelbloem met 40 gr wijnsteen en 40 gr suikerpoeder; neem hiervan 3 maal daags een suikerlepel in met wat water of melk. Dit is een beproefd middel. Dit is dan een snufje begin en einde van het aambeienverhaal. Wat mij opvalt nergens speenkruid
  • Voor bedorven adem een recept dat zeker de moeite waard is om bij stil te staan. Neem 4 maal daags een suikerlepel zwart beendermeel, gemengd met suiker of chocolade, in een weinig melk.
  • Astma: Is astma veroorzaakt door naar binnen geslagen huidziekten, dan tracht men den uitslag te doen uitkomen door hooihemden 2 of 3 maal in de week, warm aan te trekken, waar mede men ander half uur te bed blijft. Tevens neemt men `s avonds voor het slapen gaan een kopie vlierthee
  • Diarrhee door zwakheid der maag: Thee van Salie, Alsem en Eikeschors, van ieder 3 gram op halve liter kokend water: alle uren 1 eetlepel innemen. Kruisjes van okkernoten 10 gram op een flesch Bordeauxwijn getrokken; alle 2 uren 1 eetlepel innemen. `s Avonds oliban (wierook) ter dikte ener erwt inslikken.
  • Heupjicht: Wrijf de heup 2 maal daags met volgend mengsel in: 5gr Scheepsteer (Pix liquida) gemengd met 100gr Spiritus van 75 %.
  • Insectensteek -Voorbehoedmiddel: Meng 10 gram tinctuur van Pyrethrum roseum met 100 gram water; wrijf hiermede het gezicht in. Het poeder van Pyrethrum doodt vliegen, krekels, mieren en andere insecten.
  • Verstuiking: Neem het wit van een ei, klop het tot schuim, voeg er dan 5 eetlepels roet uit de schoorsteen bij; smeer dit mengsel op een doek, en bind dezen om het verstuikte ledemaat. Het zal spoedig genezen zijn. 

Kan alles dan zo veranderen? Groetjes van Irene. Brief van een herborist door Irene Verhoeven

Weelde, 25 januari 2001,

Beste Irene,

Waarom we ooit 11 jaar geleden de paardenbloem als symbool voor onze vereniging hebben gekozen? Ja! Ja! Ja! Misschien zoek je er een spirituele betekenis achter en misschien is die er ook. Maar toen was mijn voornaamste bedoeling, een mooie en grafisch sterke afbeelding te vinden van liefst een gewoon kruid. En daar beantwoorde deze paardenbloem uit de `Herbal' van Krutch helemaal aan. Het kiezen van een veel voorkomend onkruid had natuurlijk wél een betekenis. Kruiden waren en zijn nu eenmaal de eenvoudigste en goedkoopste medicijnen van en voor de mens. Daar spreekt ook mijn verwondering en bewondering uit, voor de dagdagelijkse dingen. Het, hoe is het mogelijk dat zoiets vanzelfsprekend als een paardenbloem zo bijzonder kan zijn? En bijzonder is deze Taraxacum officinale toch wel. Het bijzondere van het gewone, het vertrouwde, is dat niet genezend op zich? Ook de groeikracht en aanpassingsvermogen van onze pisbloem spreken tot de verbeelding, het zijn kwaliteiten die zeer nuttig kunnen zijn voor een mens en voor een vereniging. Dus toch veel redenen om voor de paardenbloem te kiezen. Het kiezen voor deze plant van bij ons krijgt ten andere steeds meer betekenis in deze tijd van het `steeds verder gaan zoeken'. Paardebloem is toch zeker zo veel waard als Cats Claw, Una de Gato, Morindia, Kawa-Kawa en andere tropische beroemdheden. Met alle respect voor deze eerbiedwaardige planten.

Over oude kruidenboeken gesproken. Ik heb dezelfde verwondering als jij. Een gevoel van geloof en ongeloof. - Dat mengsel voor een `bedorven adem' zou ik zeker niet meer toepassen. Beendermeel zwart of niet zwart, staat nu, door je weet wel Creutzfeld-Jacob zeker op de zwarte lijst. Ik heb het, ten andere vroeger veel gebruikt, beendermeel voor mijn eigen beenderstelsel, een vorm van signatuurleer zeker. -Aambeien krijgen door hartstocht, dat spreekt me natuurlijk wel aan en ik zou zelfs meer zeggen, dat heb ik er zelfs voor over.

Over aambeimiddeltjes hebben mensen altijd wel gefantaseerd. Ook nu hebben we nog onze volkse gebruiken van speenkruidknolletjes of helmkruidbollen in melk te laten trekken met schijnbaar wonderlijke resultaten. Dat deze planten kunnen helpen betwijfel ik niet, maar dat na 24 uur de aambeien al verdwenen zouden zijn, is voor mij van het wonderbaarlijke te veel. In een ander oud kruidenboekske van Heer-Oom uit 1957 worden het Benediktenkruid (Gezegende distel), Braamblad (looistoffen), Brandnetel, Kelver (Kervel?), Lijnzaad (verzachtend en tegen verstopping) en Weegbree (thee van rijp zaad, slijmstoffen net zoals Vlozaad) inwendig tegen ons speen gebruikt. Voor een ouwe Heer geen slechte keuze, vind ik.

Irene, uit oude kruidenboeken citeren en becommentariëren, kunnen we nog jaren blijven doen en misschien moeten we dat ook doen, maar nu wil ik er toch mee stoppen. Tot de volgende Herba.

Ouderwetse groeten van Maurice.

donderdag, december 18, 2025

Wandelherinnering bij Dinant

Wandelen! Juist in herfst en winter heeft het wandelen een heel eigen charme. De natuur is ruwer en voelt echter aan. We stappen in de winter ook wat steviger door, om ons warm te houden zeker.

Het station van Dinant, net-niet-bevroren mensen met rugzakken ontmoeten mekaar, gewapend met stevig schoeisel, muts en sjaal. Onze groene, van salie en keelpijn voorziene gids is ondanks alles paraat. We komen natuurlijk voor de planten en voor de natuur, maar zeker ook voor mekaar. Spijtig dat een paar goede vrienden niet aanwezig konden zijn. Maar het staat nooit stil bij de herboristen, ook nu weer een nieuwe kennismaking. 

Maashellingen

En daar gaan we dan, de Belgen, volgens Julius Caesar, de dappersten onder alle Galliërs. Rare gedachtenkronkel van mij, zo vroeg op de ochtend. Maar naarmate de dag (en dus ook dit schrijven) zich steeds meer aan elkaar rijgt, begrijp ik het wel. Maashellingen veroveren!

Rustige start, nog in het open veld en toch is dit al anders dan thuis. De ijlere zuivere lucht. De kruiden komen ons zo tegemoet, sommige nog in late bloei, klaproos, driekleurig viooltje, enz. De hellingen worden steeds vloeiender, het groen dichter, de mensen knapper in praten en bewegen.

Dan het eerste dal van verpozen. De weg versperrende boom helemaal begroeid met klimop. Een puur natuur bloemstuk voor een feestelijke tafel, hier een uitnodiging om stil te staan, eens goed rond te kijken. Steeds opnieuw de moeite waard, een feestelijke wandeling. 

Dan de ruïnes, en met onze fantasie: een kapelgevel, een vergeetput, … In elk geval een plaats met een verleden, met bloemen en planten uit het rijk van armen, edelen en heelmeester en nu, wij, de bewoners van planeet Aarde, tussen varens en wilde marjolein, tripmadam, stinkend nieskruid, ons zelf aan 't helen. Bewust gekozen om hier te zijn, te voelen, te weten, te zien … We gaan door, zien de rand van de stad aan de oever van de Maas. De sleedoornbes, ons wild likeurtje, looistofaperitiefje. 

Eén met de natuur

Plotseling moeten we naar boven. Wandelen! Nu ja, wandelen, eerder kruipen.  Ik zie alleen maar rots, een 'recht-naar-omhoog', een stipje lucht… maar we gaan! Als wiegende korenaren, van links naar rechts, een slinger van aardige aardmensen. Een pracht van een duizendkleuren tapijt onder onze handen en voeten, de kuitspieren beginnen te schreeuwen. Het zweet breekt me uit, maar ik weet, er is altijd bij iedere strijd dat kleine wonder van steun, die handgreep om naar te rijken. Daar ga ik als een 'ballerina' van het ene boompje naar het andere, de stevige, stoere Buxus die mij steunt.

Ik geniet van de klim, de overwinning op eigen angsten. Nog steiler, nog gladder wordt het en dan ontdek ik de wortel, dat stuk bloot liggend reiken, als een ladder tegen de rots gelegd om mij naar boven te brengen. Iedere wortel een trede, ik moet maar volgen, meer is het niet.

En dan, de tevredenheid van boven te zijn. Point de vue, verbondenheid, vriendschap en rust. Meer moet het leven niet zijn.

Info Stinkend Nieskruid

Helleborus foetidus, een vaste plant die in de Ardeense hellingen volop groeit. De naam is juist gekozen, want de zaden verspreiden niet alleen een vreemde geur maar prikkelen ook de neusslijmvliezen, waardoor je moet niezen. Ze werden vroeger in niespoeder verwerkt. Toch wat mee oppassen, zeker voor kinderen, omdat ze ook licht giftig zijn bij inwendig gebruik.

Nota over dit artikel. 

Ooit lang geleden geschreven door een deelneemster aan deze wandeling. Nu zowat 40 jaar later woon ik in dezelfde streek. Geen bezoeker of toerist maar bewoner. Geen jonge veertiger meer maar een jeugdige tachtiger. Gelukkig nog steeds wandelaar en herborist. Gelukkig......


Over de aardappel dan maar.

Wat is er gewoner dan een aardappel? En toch was die knol ooit een vreemd tropisch gewas, dat met achterdocht bekeken werd, wel als curiositeit aanvaard werd, maar zeker niet gegeten werd. Een beetje geschiedenis van onze Solanum tuberosum.

Taratuffoli' of' tartoeffel' was de oorspronkelijke Italiaanse naam voor de aardappel (Solanum tuberosum). In de 17de eeuw kende men de aardappel vooral als een botanische curiositeit, die onder andere was beschreven door Clusius. Deze noemde de aardappelen: 'pappas Peruanorum', naar de naam die de Inca's uit Peru eraan gaven. In het Andesgebergte werd de aardappel waarschijnlijk al zo’n 7000 jaar geleden geteeld. De vroegste vondst van aardappelresten dateert van 4500 voor onze jaartelling.

Clusius over de aardappel

""De Spanjaarden brachten deze aardappelplant in de zestiende eeuw naar hun moederland. Clusius ontving in 1588 via Ita­lië twee aardappelknollen en enig zaad. Het was ook deze beroemde botanist die in 1601 de eerste wetenschappelijke beschrijving van de aardappel gaf in zijn boek Rariorum Plantarum Historia.  De Italiaanse naam 'taratuffoli" verbasterde later tot 'cartoufle' en daarna tot 'Kartoffel'. Via Frankrijk, Vlaande­ren, Ierland en Engeland belandde de aardappel in de Noordelijke Ne­derlanden. De aanvaarding door het volk van de aardappel als eetbaar product verliep echter traag. Evenals andere knollen en rapen stond de aardappel bekend om zijn winderige eigenschappen, maar ook om het stimuleren van de seksuele lust. Alhoewel dat geen reden voor afkeuring mag geweest zijn, zou ik denken.  

Munting over Pappas Peruanorum

De Groningse bo­tanicus Abraham Munting vermeldt in 1696: 'De ronde wortelen van het Solanum tuberosum esculentum of pappas Peruanorum, nagtschade met eetbare bolwortelen, ter spijze gebruykt met een goede saus, gelijk men over de articiokken doed, zijn zeer gezond voor elk, inzonderheid voor oude manspersonen, ze versterken de maag en 't geheele ligchaam, maken goed bloed, en verwekken lust tot 't echte werk'.

Dodoens over pappas

De bewerker van de 1644-editie van het Cruydt-Boeck van Dodoens schrijft dat de 'pappas' eerst worden gekookt, daarna afgegoten en nagestoofd in schapenbouillon of met boter. Dan zijn ze minstens zo smake­lijk als rapen.

Hoe vreemd aardappelen in die tijd waren, illustreert de verwarring die er soms ontstond met de echte truffels. In het Italiaans heetten truffels eveneens 'taratuffoli', net als aardappelen. Beide knollen groeien ook ondergronds  en de bereiding was ook hetzelfde. Daardoor trad in Nederlandstalige recepten uit de zeventiende eeuw wel eens verwarring op over het gebruik van de truffel of de aardappel. Zo vermeldt Magirus in zijn Koocboec oft famiheren keukenboec (Leu ven 1612) 'tartuffels' of 'tartoeffels' en bedoelt daarmee duidelijk echte truffels. Nu ja, extreme dure truffels zomaar klaar maken als een portie aardappelen….

Pas in de achttiende eeuw breidde de aardappelteelt zich verder uit over Ne­derland, onder meer als gevolg van de hoge graanprijzen door natuur­rampen. Van dan af is het hek van de dam en groeit de 'patat' uit tot volksvoedsel nummer één.

Geneeskrachtige planten voor rhizarthrose

In de fytotherapie is gebleken dat pijnstillende en ontstekingsremmende kruidenpreparaten effectief zijn bij chronische en pijnlijke degeneratieve gewrichtsaandoeningen, zoals artrose van de vingergewrichten / rizarthrose. Ze bieden een alternatief of aanvulling op NSAID's met weinig bijwerkingen en een goede verdraagbaarheid. De combinatie van inname van kruidenpreparaten en uitwendige toepassing van zalven, crèmes of gels wordt aanbevolen.

Voor inwendig gebruik kunnen medicinale planten zoals

  • Duivelsklauw (wortel),
  • Brandnetel (blad, kruid),
  • Populier (schors) en
  • Denk bijvoorbeeld aan wierook (harsextract).

Wanneer medicinale planten echter inwendig worden ingenomen, ontwikkelen ze hun volledige werking pas na ongeveer 3 weken.

Daarentegen treedt de werking van een topische toepassing aanzienlijk sneller in en bevordert dit de therapietrouw van de patiënt. De pijnstillende en ontstekingsremmende effecten van preparaten gemaakt van smeerwortel (wortel, kruid, blad) of arnica (bloemen) kunnen verder worden versterkt door de verwarmende, bloedsomloopbevorderende en daardoor stofwisselingsstimulerende eigenschappen van cayennepeper (vrucht).

  • Duivelsklauw (Harpagophyti radix)
  • Brandnetel (Urticae folium, herba) of Vers geperst brandnetelsap (Schoenenberger)
  • Populier (schors) samen met echte guldenroede en esblad
  • Wierookextract: Wierookcapsules van 300 mg
  • Smeerwortel (Symphyti radix / herba)
  • Arnica (Arnicae flos): Arnica-gelei of arnica-zalf 30%
  • Cayennepeper (Capsici fructus acer)

Conclusie

Voor rhizartrose in een vroeg stadium zijn geschikte kruidenpreparaten – zowel voor inwendig als uitwendig gebruik – geschikt voor de behandeling. In tegenstelling tot NSAID's worden deze aanzienlijk beter verdragen, hebben ze minder bijwerkingen en kunnen ze gedurende een langere periode worden gebruikt.

Bij volledig ontwikkelde rhizartrose is het gebruik van ontstekingsremmende pijnstillers meestal aangewezen. Zelfs dan kunnen kruidenpreparaten echter in combinatie met NSAID's worden gebruikt.

Referenties



woensdag, december 17, 2025

Astaxanthine

De rode carotenoïde astaxanthine werd bijna 90 jaar geleden voor het eerst geïsoleerd uit een kreeft. Het is mede verantwoordelijk voor de roodachtige kleur van veel zeedieren, zoals kreeften, maar ook zalm en sommige forel- en krabsoorten. Hoewel het in veel zeedieren voorkomt, wordt het voornamelijk geproduceerd door de microalg Haematococcus pluvialis. Deze microalg is vaak de bron van astaxanthine, dat verkrijgbaar is in tabletvorm en als ingrediënt in huidcrèmes.

Adonis amurensis
Astaxanthine hoopt zich ook op in menselijk huidweefsel. Bij de vaak kleine hoeveelheden die in voedingssupplementen voorkomen, is er echter geen risico op roodheid van de huid. Desondanks heeft het, zelfs in deze kleine hoeveelheden, een zeer positief effect op de huidgezondheid. Het heeft een anti-verouderingseffect, vooral wanneer de huid UV-schade heeft opgelopen of nog steeds oploopt. Dit komt doordat astaxanthine wordt beschouwd als een van de krachtigste bekende antioxidanten, duizend keer sterker dan vitamine C.

Uit onderzoek met doseringen tussen 2 en 12 mg per dag is gebleken dat astaxanthine UV-schade vermindert, het waterverlies via de huid gedeeltelijk halveert (wat resulteert in een vollere, gezondere huid met een hoog vochtgehalte, wat vooral belangrijk is voor de ouder wordende huid), en ook de huidstructuur en elasticiteit aanzienlijk verbetert. Het is effectief voor door de zon beschadigde huid en zou daarom speciale aandacht moeten krijgen van mensen met een lichte huid of mensen die in gebieden met hoge en intense zonnestraling wonen.

Aanbevolen dosering: 2-12 mg per dag bij een vetrijke maaltijd of als combinatieproduct met een olie.

Let op: Bij zeer hoge doseringen is een onschadelijke en licht roodachtige verkleuring van de handpalmen mogelijk, die meestal snel verdwijnt zodra de medicatie wordt gestaakt.

Zhou X, Cao Q, Orfila C et al. Systematische review en meta-analyse over de effecten van astaxanthine op huidveroudering bij de mens. Nutrients 2021; https://doi.org/10.3390/nu13092917

maandag, december 15, 2025

Nog eens een eenvoudige smeerwortelzalf

Bereiding van een smeerwortelzalf voor gewrichtsproblemen

  • 20 g verse smeerwortelwortels (of 10 g gedroogde smeerwortelwortels)
  • 200 ml olijfolie
  • 20 g bijenwas, bij voorkeur in de vorm van bijenwaspastilles
  • Snijplank en scherp mes
  • kookplaat
  • 2 kleine potjes
  • thermometer
  • kooklepel
  • Zeef en een gaasdoek
  • Zalfpotje voor 200 gram zalf
Snijd verse smeerwortelwortels in dunne plakjes en snij elk plakje vervolgens in kleinere stukjes. Als alternatief kunnen gedroogde en gehakte smeerwortelwortels worden gebruikt; gedroogde wortels bevatten zeer weinig water dus is de helft van de hoeveelheid voldoende. Giet olijfolie in de pan, voeg de smeerwortels toe en verwarm alles langzaam. De temperatuur moet rond de 70 °C liggen (controleer indien nodig met een thermometer). Als de olie te heet is, zullen de wortels verbranden en de werkzame stoffen verloren gaan.Roer de olie gedurende 30 minuten met een houten lepel op ongeveer 70 °C en zeef vervolgens de hete olie. Plaats hiervoor een dunne kaasdoek in een zeef en giet de olie erdoor in een tweede, schone pan. Knijp de wortelstukjes goed uit in de kaasdoek.

Voeg nu de bijenwas toe aan de smeerwortelolie en laat het geheel al roerend opnieuw smelten op het hete fornuis.

Haal de pan van het fornuis en roer tot het mengsel van smeerwortel, olijfolie en was halfvast en lauw is geworden. Giet de zalf vervolgens in een zalfpot en sluit deze goed af. Bewaard op een koele plaats is de zalf ongeveer een jaar houdbaar!

https://sites.google.com/site/kruidwis/kruiden-planten-van-a-tot-z/symphytum-smeerwortel

woensdag, december 10, 2025

Bitterplanten

Kruiden die traditioneel als 'bitters' worden gebruikt, reinigen en verjongen de lever en stimuleren de galstroom. Alle traditionele geneeswijzen, zoals die uit Europa, China en India, erkennen het belang van regelmatig gebruik van een bittertonicum. Wanneer 'bitters' in de mond worden geproefd, stimuleren ze het lichaam om speeksel af te scheiden en cholesterol om te zetten in gal. Studies bevestigen dat bitters de productie van maagsap en galzuur verhogen door de speekselproductie te verhogen door specifieke receptoren op het slijmvlies van de mond te stimuleren. Bitters verhogen ook de oplosbaarheid van gal, wat de spijsvertering enorm bevordert en de kans op galstenen vermindert. Omdat gal vetten afbreekt, geldt: hoe meer bitters er in de voeding zitten, hoe meer cholesterol er in gal wordt omgezet en hoe sneller de vetvertering verloopt, waardoor cholesterol op natuurlijke wijze wordt verlaagd.  Bittere kruiden stimuleren ook de eetlust en reinigen tegelijkertijd het lichaam van gifstoffen en toxines. Het verlicht een aandoening die bekend staat als leververvetting, die gepaard gaat met slecht zicht, hormonale onevenwichtigheden, huidproblemen en vele andere ziekten. 

Klinische studies met artisjokbladsap en -extract voor het verlagen van cholesterol hebben al binnen 6-12 weken goede resultaten laten zien. Verschillende conventionele cholesterolverlagende medicijnen zijn gebaseerd op de galzuurstofwisseling. Het ondersteunen van de lever met bittere kruiden wordt in de traditionele Chinese geneeskunde ook als essentieel beschouwd voor het normaliseren van de hormoonspiegels; de lever filtert overtollig oestrogeen uit het bloed, dus het is erg belangrijk dat de lever niet verstopt raakt met vetafzettingen en deze vitale functie aantast. Het meest onderzochte 'bitterkruid' voor de behandeling van ernstige leveraandoeningen is mariadistel, Silybum marianum. Veel Europeanen gebruiken nog steeds bitterkruiden voor of na het eten. Onze voorouders wisten heel goed hoe belangrijk het is om regelmatig 'bitterkruiden' te gebruiken om het lichaam te versterken en te verstevigen.

Bittere stoffen uit de plantenfamilie Asteraceae zijn vaak sesquiterpeenlactonen. Het belangrijkste actieve ingrediënt van bvb gezegende distel is een bitter smakende sesquiterpeenlacton genaamd cnicine. De bittere bestanddelen in artisjok, klis en mariadistel zijn flavonolignanen. Andere bittere stoffen zijn bitter smakende flavonoïdglycosiden, zoals die van bittere sinaasappelschillen, waaronder neohesperidine en naringine. 

Veel bittertonics bevatten kruiden met een laxerende werking en kunnen een mild laxerende werking hebben bij inname in de aanbevolen dosering. Afhankelijk van het gebruikte kruid en de ingenomen dosering kunnen bitterstoffen ook een sterk laxerende werking hebben bij overmatig gebruik. Er zijn geen bijwerkingen gemeld tijdens klinische onderzoeken met gestandaardiseerde mariadistelextracten. Mariadistelproducten kunnen bij sommige mensen een mild laxerend effect hebben vanwege de stimulerende effecten op de galafscheiding. Het gebruik van mariadistelextract kan ook de bloedglucosespiegel verlagen.

Enkele recepten voor de lever

  • Leverthee Artisjokbladeren 20 g Duizendblad 20 g Paardenbloemwortel 10 g Giet 1 eetlepel van het mengsel over 150 ml heet water, dek af, laat 10 minuten trekken en zeef. Drink 1 kopje 3 keer per dag. 
  • Leverkuur met tincturen van Mariadistelvrucht 10 g Ethanol 96% v/v 50 ml Doe de geplette of fijngemalen mariadistelvrucht in een extractievat / glazen flesje. Giet er 50 ml ethanol overheen en sluit af. Laat de tinctuur 3 weken op een warme plaats trekken, dagelijks roerend, zeef vervolgens en giet in een bruin druppelflesje. 
  • Artisjokbladeren 5 g Ethanol 30-40% v/v 50 ml Doe de geplette of fijngemalen artisjokbladeren in een extractievat.

Referenties: 

  • Ferenci P, Dragosics B, Dittrich H, Frank H, Benda L, Lochs H, Meryn S, Base W, Schneider B. 1989. Randomized controlled trial of silymarin treatment in patients with cirrhosis of the liver. J Hepatol. 1989 Jul; 9(1): 105-13.
  • Gebhardt R. 2001. Anticholestatic activity of flavonoids from artichoke (Cynara scolymus L.) and of their metabolites. Med Sci Monit 2001 May; 7 Suppl 1: 316-20.
  • Kondo Y, Takano F, Hojo H. 1994. Suppression of chemically and immunologically induced hepatic injuries by gentiopicroside in mice. Planta Med 1994 Oct; 60(5): 414-6.
  • Pittler MH, Thompson CO, Ernst E. 2002. Artichoke leaf extract for treating hypercholesterolaemia. Cochrane Database Syst Rev 2002; (3): CD003335.

dinsdag, december 02, 2025

Herderstasje, bloedstelpend en goed voor de baarmoeder

Een onooglijker plantje dan het Herderstasje kunnen we ons nauwelijks voorstellen. Een schraal vuilgroen onkruid met aangevreten blad en minimale vuilwitte bloemetjes, groeiend langs slordige wegranden en akkers. Veel werk maakt het niet van zijn uiterlijk, alles lijkt op overleven afgestemd en daar is het dan ook een meester in.Het groeit, bloeit en vermeerdert zich snel en doet dat ook het hele jaar door. Altijd vind je wel hartvormige zaadjes aan de plant, met wat fantasie het enige aantrekkelijke aan deze Capsella.

Aan de vorm van de zaadjes heeft het dan ook zijn Latijnse en zijn Nederlandse naam te danken. Deze zaadjes zouden op een beursje of tasje van een herder lijken. Dus bursa pastoris, een pastorale beurs, ook de Engelse benaming is Shephard’s purse. Het voordeel voor een herborist is, dat Herderstasje overal te vinden is en in alle seizoenen te plukken is. Het nadeel dat het steeds op vervuilde en stoffige plaatsen groeit en dus wel erg verontreinigd is.

Het heeft altijd een zeer grote reputatie gehad in de volksgeneeskunde, dit staat in schril contrast met de onderwaardering in het wetenschappelijk onderzoek. Toch zijn er in het verleden wel wat onderzoekjes verricht naar de samenstelling van Capsella. Zo heeft men polypeptiden in de plant gevonden, stoffen die vooral in dierlijke organismen voorkomen, en die, net zoals het hormoon oxytocine, een stimulerende werking uitoefenen op de baarmoeder van ratten.

Mogelijk werkzame stoffen

  • Aminen: acetylcholine, tyramine, choline 1 % die het parasympatisch zenuwstelsel activeren
  • Looistoffen, die bloedstelpend zijn
  • Flavonoïden: luteolin-7-rutinoside, quercitin-3-rutinoside, diosmine, die versterkend op veneuze vaatstelsel werken
  • mineralen, vooral veel kalium, wat diuretisch werkzaam is

Medisch gebruik samengevat

Baarmoeder / menstruatie

  • Metrorragie, baarmoederbloedingen, combineren met Vrouwenmantel en Duizendblad
  • Menstruatieklachten, vooral te sterke bloedingen

Cardiovasculair

  • Hoge en lage bloeddruk samen met bvb Meidoorn als thee

Uitwendig (bloedstelpend, looistofplant)

  • Neusbloedingen vers sap of hele plant in neus stoppen

Wat de bloedstelpende werking betreft, zijn er altijd sterke verhalen verteld over Capsella. Zo zou het volstaan de plant in de hand te houden of aan de voeten te leggen om bloedingen te stoppen. Ja, zelfs er alleen maar naar kijken zou al werkzaam zijn. Deze vermeldingen vinden we al terug in de Hortus sanitatus van 1485, of de verstandige mensen van toen dat ook echt geloofden weet ik niet, maar het zal wel geholpen hebben om de toepassingen van zo een plant beter te onthouden. Een geheugensteuntje dus.

Een probleem bij het Herderstasje zijn de nogal wisselende resultaten die je verkrijgt, de ene keer helpt het snel en de andere keer helemaal niet. Deze nogal wisselende ervaringen met Herderstasje hebben waarschijnlijk te maken met het kwaliteitsverschil tussen de verschillende planten in de natuur en is mogelijk afhankelijk van de oogsttijd, de grondsoort en de aanwezigheid van een soort schimmel op de plant. Het best is dan ook de oogsttijd zoveel mogelijk te spreiden en planten te plukken die er fris en nog bloeiend bij staan.

Wetenschappelijk onderzoek uit monografie 'Dodonaeus opleiding'

Voor verdere studie vermelden we hier wat oudere maar wel interessante wetenschappelijke onderzoeken die geraadpleegd kunnen worden op PubMed.

  • Cancer Res (1976 Jun) 36(6): 1900-3 Kuroda K Akao M Kanisawa M Miyaki K. Inhibitory effect of Capsella bursa-pastoris on hepatocarcino-genesis induced by 3-methyl-4-(dimethylamino) azobenzene in rats.
  • Farmatsiia (1976 Jul-Aug) 25 (4):66-7 Kuroda K Akao M. Effect of Capsella bursa-pastoris on liver catalase activity in rats fed3'-methyl-4-(dimethylamino) azobenzene.
  • Gann (1975 Aug) 66 (4):461-2 Kuroda K Akao M Kanisawa M Miyaki K. Inhibitory effect of Capsella bursa-pastoris extract on growth of Ehrlich solid tumor in mice.
  • Shephard's Purse Iurisson SM. Vitamin content in shepherd's purse (Capsella bursa pastoris (L.)Medic.)
  • Gann (1974 Aug) 65(4): 317-21 Kuroda K Kaku T. Pharmacological and chemical studies on the alcohol extract of Capsella bursa-pastoris.
  • Life Sci (1969 Feb 1) 8(3): 151-5 Kuroda K Takagi K. Physiologically active substance in Capsella bursa-pastoris.
  • Nature (1968 Nov 16) 220 (168): 707-8 Kuroda K Takagi K. Studies on capsella bursa pastoris. I. General pharmacology of ethanol extract of the herb.
  • Arch Int Pharmacodyn Ther (1969 Apr) 178 (2): 382-91 Kuroda K Takagi K. Studies on capsella bursa pastoris. II. Diuretic, anti-inflammatory &anti-ulcer action of the herb.

Over het muizenoortje oftewel Hieracium pilosella en nu Pilosella officinarum

Muizenoortje? Muizeoor? Geen muis noch een oor. Wel een klein kruipend plantje dat ook in de winter zich nog wollig wil laten zien. Weinig bekend als geneeskruid en toch......

Laat ik voor de verandering prof. Binet eens citeren: 'De tijd is voorbij dat er geloofd werd dat sperwers muizeoor vraten om hun blik te scherpen, maar een waterig extract is wel goed bij onregelmatige, hoge koorts bij mensen en bij het vee tegen miskramen ten gevolge van runderpest'

De antibiotische werking van deze plant is getest en bewezen aan de hand van diverse cultures van Brucella. Wat een merkwaardige ontdekking om juist langs de paden waar vee graast een plantje te zien groeien dat werkzaam blijkt te zijn bij de behandeling van infectieuze miskramen die zoveel voorkomen bij runderen en schapen.' Toevallig' zeggen de sceptici. Misschien, maar het is dan wel zeer toevallig dat zo'n toeval zoveel voorkomt!

Er wordt tegenwoordig algemeen aangenomen dat muizeoor een gunstig effect heeft bij atheroma, d.w.z. verharding van de vaatwanden. Muizenoor wordt voorgeschreven bij de volgende klachten: waterzucht, niergruis, oedeem, gepaard gaande met hartklachten, koorts, levercongesties, geelzucht, galstenen.

Dit plantje is zeker diuretisch, decongestionerend, koortswerend, samentrekkend en bloedstelpend. Er wordt een afkooksel van gemaakt: 40 à 50 gedroogde plant, bladeren en bloemen op 1 liter water; 5 minuten koken; even laten trekken, 3 à 4 kopjes per dag tussen de maaltijden. In 1922 schrijft Dr. Leclerc "nous avons vu le volume de l'urine doubler et même tripler"

Botanisch en ecologisch

Bij ons in Nederland en België komt het muizenoor algemeen voor op droge, open velden en zanderige gronden. De hele plant wordt geplukt van mei tot september en in de schaduw gedroogd. Beter is de verse plant direct in alcohol te laten trekken om zo een tinctuur te maken. Volgens de Franse artsen-fytotherapeuten is de verse plant veel sterker werkzaam dan de gedroogde plant. Muizenoor heeft ovale blaadjes, behaard, van boven met lange haren, van onderen met zachte, witte haren; ook langs de randen en nerven zitten lange haren. De bladeren staan in een rozet waaruit citroengele bloemen opkomen en bloeien

Dodoens over muizenoor

Vandaag is het muizenoortje als medicijn bijna vergeten toch vind je het o.a bij Dodoens terug. Dese cruyden met hueren bladeren en wortelen ghesoden ende ghedroncken heylen ende ghenesen alle inwendighe ende uytwendighe wonden ende die ghescuertheyt. Die bladeren van den selven cruyden ghedroocht ende ghepoedert ende in die wonden ghestroyet/ moghen die selve ghenesen.

Tsap van die groote Piloselle in die ooren ghedaen gheneest die pijne ende die smertinghe der ooren. Tmiddel Piloselle gheten oft met spyse inghenomen verclaert het ghesichte/ ende gheneest die roode loopende ooghen.

Dodoens gebruikte het dus meer als wondgenezend middel, en voor de oren en de ogen, zal ik dat maar noemen. In de moderne Franse fytotherapie is het een zeer gewaardeerd middel voor nieren en urinewegen, vooral dan als diureticum bij oedeem, niergruis, jicht en hoge bloeddruk. Dr. Cazin was mogelijk de eerste die de urine- en gruisdrijvende werking beschreef "assez énergique pour faire rendre des graviers". Ondertussen is ook bewezen dat de plant door zijn hoog gehalte aan flavanoïden niet alleen een diuretische maar ook een anti-oxidatieve werking heeft.

Namen / Etymologie

  • Hierácium pilosélla L. Pilosella officinarum
  • Duits: Langhaariges Habichtskraut, Kleines Habichtskraut, Dukatenröschen, Mausohr, Mausöhrlein.
  • Frans: Oreille de souris, Véluette, piloselle;
  • Engels: Mouse-ear-hawkweed, mouse-ear; Italiaans: Pelosella, pelosetta.

De naam 'muizenoor' verwijst natuurlijk naar de behaarde vorm en gelijkenis van de blaadjes met een oor van de muis. De Engelse benaming hawkweed, maar ook de wetenschappelijke naam hieracium van het Griekse hiërax, havik en de Nederlandse naam van het plantengeslacht havikskruid, doelt op de reputatie van deze plant om sperwers en andere roofvogels een scherp zicht te verschaffen of is dit een verwijzing naar de waarde van muizenoor voor de ogen.

Referenties

  • Antioxidant Activity and Total Phenolic and Flavonoid Contents of Hieracium pilosella L. Extracts
  • Fundstelle: "Hierácium pilosélla L.
  • Bishop, G. F.; A. J. Davy (March 1994). "Hieracium Pilosella L. (Pilosella Officinarum F. Schultz & Schultz-Bip.)". Journal of Ecology (British Ecological Society) 82 (1): 195–210.

maandag, december 01, 2025

Karwijkompres bij PDS

Het prikkelbare darmsyndroom (PDS) is een functionele darmaandoening. Kenmerkende symptomen zijn buikpijn en een veranderd ontlastingspatroon. De behandeling is symptomatisch, afhankelijk van de specifieke symptomen. Een kompres met karwijolie heeft zich bewezen als uitwendig middel. Het kompres is eenvoudig aan te brengen.

De werkzaamheid en veiligheid van het buikkompres werden ook wetenschappelijk onderzocht in een gerandomiseerde klinische studie. Achtenveertig patiënten namen deel aan de studie. Om de werkzaamheid te beoordelen, werd het kompres met karwijolie vergeleken met twee andere kompressen (een verwarmd kompres met olijfolie en een kompres op lichaamstemperatuur met olijfolie). De resultaten toonden aan dat het buikkompres met karwijolie duidelijk superieur was in het verminderen van symptomen. De auteurs concludeerden dat het buikkompres met karwijolie een effectieve behandelingsoptie is voor het prikkelbare darmsyndroom (PDS). 

Karwijoliekompres 

  • een warmtekussen (kruik, warmtekussen)
  • een theedoek
  • een grote badstof handdoek,
  • een mengsel van karwij- en olijfolie (2–10% karwijolie)
  • een lepel.

Week de theedoek in heet water en wring hem goed uit. Neem een ​​theelepel van het oliemengsel en wrijf het met de klok mee over de buik. Leg vervolgens de warme, vochtige theedoek erover en dek alles af met de grote handdoek. Leg ten slotte het warmtekussen erop. Ga vervolgens een half uur met het kussen op uw bed liggen.

Nota: Controleer altijd vooraf de temperatuur van het kompres. Wees extra voorzichtig bij kinderen of ouderen. Voor een gevoelige huid kunt u de hoeveelheid karwijzaadolie verminderen of vervangen door venkel of anijs.Mochten er tijdens het aanbrengen bijwerkingen optreden (jeuk, roodheid), verwijder dan het verband en reinig de huid grondig met warm water. 

Andere mogelijkheden voor inwendig gebruik

Mentha piperita, vooral e.o. in capsulevorm

  • + carminativa: Foeniculum, Anisum, Carum carvi, Matricaria
  • + leverplant, bitterstofplanten: Cynara scolymus, Taraxacum
  • + slijmstofplanten: vooral Linum (Lijnzaad)
  • + kruiden voor zenuwstelsel: Hypericum, Melissa en eventueel adaptogenen?
  • + FOS in voeding: aardperen, cichorei (darmflora verbeteren)
Literatuur

vrijdag, november 28, 2025

Over de officiele monografie Achillea millefolium

Een plant van wegen en wegbermen, zoals Duizendblad heeft de mens door de eeuwen altijd begeleid en is dus ook veel gebruikt geweest. Over zo'n manusje van alles is er dan ook in de loop der eeuwen veel geroddeld geweest, werden er straffe verhalen verteld en is de plant met vele namen begiftigd geweest.

De Latijnse geslachtsnaam Achillea komt waarschijnlijk van Achilles, de Trojaanse krijgsheld, die zijn eigen verwondingen (achillespees) en die van zijn soldaten genas met deze plant. De Latijnse soortnaam millefolium duidt op het fijn verdeelde blad, dat er uitziet als duizend blaadjes. Daar komt dan ook de Nederlandse naam Duizendblad vandaan. Vele oude namen verwijzen naar de bloedstelpende en wondgenezende werking van Duizendblad. Herba sanguinaria, dus bloedkruid of het Franse Herbe aux charpentiers, dus timmermanskruid, een naam die we ook nu nog in Vlaanderen gebruiken. 
Planten zoals duizendblad zijn ondertussen ook weer opnieuw erkend als medicijn en worden beschreven in officiële monografieën.

Over de monografie van Achillea millefolium  / Duizendblad

Duizendblad (Achillea spp., Asteraceae) is een complex plantengeslacht dat wijdverspreid is in Europa, Azië en Noord-Amerika. Het kan tot 80 cm hoog worden en groeit in diverse habitats, zoals weilanden, akkers, bermen, braakliggend terrein en puin. De karakteristieke kenmerken zijn de geveerde, gedeelde bladeren en de tuilvormige bloemhoofdjes, die talrijke buisvormige bloemetjes en meestal vijf witte tot roodwitte straalbloemen bevatten.

Het medicinaal gebruikte duizendblad (Millefolii herba) bestaat uit de hele of afgesneden, gedroogde, bloeitoppen van Achillea millefolium L. Het geneesmiddel dat voor farmaceutische doeleinden wordt gebruikt, is monografisch vastgelegd in de huidige 11e editie van de Europese Farmacopee (Ph. Eur.), wat betekent dat kwaliteitsnormen en analysemethoden gedetailleerd zijn vastgelegd op Europees niveau. De bijbehorende farmacopee-monografie behandelt het waarborgen van de identiteit van het geneesmiddelmateriaal (macroscopisch en microscopisch onderzoek, dunne laag chromatografie), zuiverheidstesten op vreemde bestanddelen (verlies bij droging, asgehalte, enz.) en de bepaling van het gehalte aan de belangrijkste etherische olie (minimaal 0,2%) en de proazuleen (minimaal 0,02% berekend als chamazuleen).

De soortnaam "Achillea millefolium L." verwijst enerzijds naar een zogenaamd "aggregaat" dat bestaat uit verschillende soorten ("microspecies") die moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn. Deze verschillen in morfologie, cytogenetica en chemie, en omvatten diverse taxa met verschillende chromosoomaantallen (diploïd, tetraploïd, hexaploïd en octaploïd). Anderzijds kan de naam "Achillea millefolium L." verwijzen naar een aparte hexaploïde soort die echter vrij is van proazuleen en daarom geen geneesmiddel oplevert dat voldoet aan de farmacopee-normen. Deze soort wordt terecht aangeduid met het achtervoegsel "sl" (sensu latoire – in de ruimere zin) en wordt, net als de bovengenoemde soort, gebruikt als geneesmiddel. Proazuleenbevattende soorten zijn onder andere Achillea asplenifolia, A. roseo-alba en A. collina.

Het geneesmiddel dat uit duizendblad wordt gewonnen, is voornamelijk afkomstig uit wilde collecties in Oost-Europese landen. Dit materiaal is dan ook behoorlijk heterogeen. Daarnaast worden er proazuleenrijke stammen zoals Baconia collina gekweekt. Groothandelaren kopen in bij diverse leveranciers en garanderen de kwaliteit die de Europese Farmacopee (Ph. Eur.) vereist door verschillende soorten te mengen. Het geneesmiddel dat op de markt verkrijgbaar is, bestaat daarom uit een mengsel van proazuleenbevattende en proazuleenvrije stammen, waardoor het bepalen van het proazuleengehalte van cruciaal belang is.

Inhoudsstoffen

Etherische olie (0,1–1,4%) die mono- (pineen, sabineen, 1,8-cineol, kamfer) en sesquiterpenen (β-caryofylleen, germacreen D) bevat, de exacte samenstelling van de etherische olie wordt sterk bepaald door het morfologische type. Deze grote variabiliteit in de samenstelling van de etherische olie heeft geleid tot de vorming van chemotypen. Specifieke vertegenwoordigers van sesquiterpeenlactonen zijn de proazuleen (guaianolidederivaten), waarbij achillicine als de sleutelverbinding wordt beschouwd. Het proazuleenmengsel is complex en bestaat, naast achillicine, uit vele andere, zeer vergelijkbaar gestructureerde, maar licht gemodificeerde guaianolidelactonen. Deze van nature kleurloze verbindingen vertonen een structurele gelijkenis met de proazuleen van kamille, ze zijn ongevoelig voor hitte, licht en zuur en worden gemakkelijk omgezet in het blauwgekleurde chamazuleen. Het is opmerkelijk dat de bittere smaak van duizendblad wordt bepaald door de sesquiterpenen of sesquiterpeenlactonen, terwijl de aromatische geur meer wordt gekenmerkt door de monoterpeenfractie.

Naast de etherische olie bevat duizendblad ook flavonoïden (0,3–1%), coumarines en fenolzuren (bijvoorbeeld verschillende caffeoylquinic zuren) en polyacetylenen (pontica epoxide, kamille-esters).

Toepassing / Werking

De klinische toepassingen van duizendblad worden samengevat in een monografie van het HMPC (Herbal Medicinal Product Committee) van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA). Hierin wordt een zogenaamd 'traditioneel gebruik' gecertificeerd, d.w.z. langdurig gedocumenteerd veilig gebruik in de volgende toepassingen. Inwendig kunnen preparaten van duizendblad worden gebruikt bij verlies van eetlust, voor de symptomatische behandeling van milde spasmodische maag-darmklachten en bij menstruatiekrampen. Uitwendig worden waterige of hydroalcoholische preparaten van het kruid gebruikt voor de behandeling van kleine oppervlakkige wondjes van de huid en slijmvliezen. De werking van duizendblad is zowel inwendig als uitwendig, enigszins vergelijkbaar met die van kamillebloemen.

De choleretische effecten worden waarschijnlijk veroorzaakt door de bittere stoffen (sesquiterpenen), terwijl de krampstillende effecten waarschijnlijker te wijten zijn aan de flavonoïdefractie. Flavonoïde-bevattende extracten van het geneesmiddel vertoonden spasmolytische effecten in geïsoleerde dunne darmen van konijnen, mogelijk vanwege de aanwezigheid van apigenine en luteoline-O-glycosiden. Bovendien zijn choleretische en antihepatotoxische eigenschappen van duizendblad aangetoond. Waterige extracten van het geneesmiddel vertoonden ook antibiotische activiteit tegen verschillende bacteriën. Studies hebben aangetoond dat de sesquiterpeenlactonen en proazuleen ontstekingsremmende en antibacteriële effecten hebben.

Duizendblad werkt dus op een pleiotrope manier in op verschillende plaatsen in het organisme. Dit is gebaseerd op een samenspel van verschillende bestanddelen die elkaar aanvullen (synergetisch effect) of versterken (additief effect).

Duizendblad wordt gebruikt voor diverse indicaties, waaronder milde spasmodische maag-darmklachten, ontstekingen, diarree en winderigheid. Het wordt ook gebruikt als galblaasmiddel en aromatische bitter om de eetlust te stimuleren. Uitwendig wordt het gebruikt bij ontstekingen van de huid en slijmvliezen vanwege zijn antibacteriële en adstringerende werking. Zitbaden kunnen worden gebruikt om vegetatieve spasmen in het vrouwelijk bekken te verlichten oa bij menstruatieklachten.

Let op: Indien u allergisch bent voor planten uit de composietenfamilie (Asteraceae), kunnen er bij uitwendig gebruik jeukende huidveranderingen met blaarvorming (duizendbladdermatitis) optreden.

Bereidingen en dosering

2-4 g drie tot vier keer per dag als thee-infusie; zitbaden: 100 g kruid per 20 liter water. Preparaten met vers plantensap, tincturen of orale toedieningsvormen met geconcentreerde droge extracten zijn ook commercieel verkrijgbaar. 

Verder onderzoek

https://sites.google.com/site/kruidwis/kruidenmonografie-a-z/achillea-millefolium

* betekenis pleiotroop, een stof, zoals een medicijn of een vitamine, kan via verschillende werkingsmechanismen een specifiek gezondheidseffect bereiken. Bijvoorbeeld, vitamine C heeft pleiotrope effecten zoals antioxidante, ontstekingsremmende en endotheelfunctie-stabiliserende eigenschappen. Veel adaptogenen hebben een pleiotrope werking



woensdag, november 26, 2025

Eucalyptus door de eeuwen heen

Eucalyptusbomen behoren tot de mirtefamilie (Myrtaceae), een familie van meer dan 600 soorten die oorspronkelijk uit Australië en Indonesië komen. Het zijn snelgroeiende bomen die een hoogte van bijna 100 meter en een stamomtrek tot wel 20 meter kunnen bereiken. De blauwe eucalyptus (Eucalyptus globulus Labill.) wordt voornamelijk medicinaal gebruikt; hij wordt doorgaans slechts 30-35 meter hoog, maar bereikt in de eerste 10 jaar een hoogte van bijna 25 meter. Het belangrijkste verspreidingsgebied is Zuidoost-Australië.

Traditioneel gebruik in Australië

Verschillende eucalyptussoorten worden op verschillende manieren gebruikt door de inheemse bevolking van Australië; het medicinale gebruik van schors, hars en bladeren is gedocumenteerd voor meer dan een dozijn soorten.

De Yaegl-bevolking in het noorden van Nieuw-Zuid-Wales gebruikte de bladeren tegen bronchitis en hoest, en ook tegen verkoudheid in het algemeen, en de schors als een op tannine gebaseerd medicijn tegen maagzweren en schurft. In West-Australië werd de hars van verschillende soorten gebruikt tegen kiespijn, bronchitis en hartkwalen. Eucalyptus werd ook gebruikt tegen diarree. Een kompres van E. globulus-bladeren werd gebruikt tegen reumatische rugpijn. Voor een sterker effect werden de bladeren ook op hete kolen gelegd. Hoofdpijn werd behandeld met de stoom van de verhitte bladeren, en afkooksels werden gebruikt tegen verkoudheid. Een middel genaamd "mindi-warrum-bing" bevatte naast eucalyptusbladeren ook honing en werd gebruikt tegen verkoudheid en dysenterie.

Toepassing in Europa

De eerste Europeaan die Eucalyptus globulus ontdekte en beschreef, was de Franse bioloog Jacques Julien Houtou de Labillardière (1755-1834) in Tasmanië in 1792 [26][35]. Labillardières reisverslag werd gepubliceerd in het achtste jaar van de Republiek (1799/1800) en werd in 1802 ook in het Engels en Duits gepubliceerd. Hij koos de naam vanwege de gelijkenis van de zaaddozen met de bekleding van knoppen. De illustraties van de planten werden gemaakt door de Belgische schilder Pierre-Joseph Redouté, die nu vooral wereldberoemd is om zijn boeken over lelies en rozen. Labillardière was ook de eerste die etherische oliën analyseerde volgens moderne principes in 1818 en de samenstelling van terpentijnolie met bijna nauwkeurigheid bepaalde.

In het 19e-eeuwse Frankrijk (Grimbert) en Engeland werd ontdekt dat eucalyptus gebruikt kon worden om moerassige gebieden te ontwateren. Men geloofde ook dat de etherische oliën van de boom een ​​desinfecterende werking hadden op de "tropische koortslucht" (vgl. Madaus, p. 1304). De effectiviteit tegen malaria komt echter waarschijnlijk voort uit het feit dat eucalyptusbomen, door hun snelle groei, veel water verbruiken, waardoor het grondwaterpeil daalt en muggen geen broedplaatsen meer hebben. De eerste succesvolle ontwatering van moerasgebieden werd bereikt door de Engelsen in de Kaapkolonie (Zuid-Afrika). Niettemin werd eucalyptus aanvankelijk beschouwd als een middel tegen malaria.

In de 19e eeuw kreeg eucalyptusolie verdere aandacht als medicinaal product. Vanaf het midden van de 19e eeuw werd eucalyptusolie in Australië industrieel gedistilleerd. Bentley en Trimen noemen luchtwegaandoeningen zoals bronchitis, astma en kinkhoest als indicaties.

In zijn 'Textbook of Biological Remedies' uit 1938 schrijft Gerhard Madaus over de toenmalige stand van de wetenschap: 'Eucalyptus globulus is een van de beste middelen voor de behandeling van griep en andere luchtwegaandoeningen.' Wrijfmiddelen worden ook gebruikt bij reumatische aandoeningen, met name die welke het gevolg zijn van griep. Madaus noemt de werking ervan specifiek als een 'goed slijmoplossend middel' bij bronchitis, longontsteking, hoest, kinkhoest, laryngitis, rhinitis, frontale hoofdpijn en astma. Hij beschrijft ook ervaringen met nier- en blaasaandoeningen, diabetes mellitus, gastropathieën, lever- en galblaasproblemen, evenals zweren, bloedend tandvlees en tandvleespijn.

Daarentegen stelt de vierde editie van ‘Hager’s Handbook of Pharmaceutical Practice’ uit 1973 dat eucalyptusbladeren tegenwoordig nog maar zelden worden gebruikt voor bronchitis en astma, voor de productie van mondspoelingen en voor maag- en darmverkoudheid, evenals voor blaasaandoeningen. In de 5e editie worden de toepassingsgebieden van eucalyptusolie – conform de aanbeveling van Commissie E – opgesomd als inwendig en uitwendig gebruik bij infecties van de luchtwegen en uitwendig gebruik bij reumatische klachten.

HPMC-monografie

Het Comité voor Kruidengeneesmiddelen (HMPC) van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) publiceerde in 2013 een monografie over de bladeren van E. globulus, gevolgd in 2014 door een monografie over de etherische olie van E. globulus, E. polybractea en E. smithii. Het gebruik van zowel de bladeren als de olie wordt aanbevolen bij hoest in verband met verkoudheid, en de olie wordt ook aanbevolen voor uitwendig gebruik bij spierpijn.

Eucalyptusbladeren bevatten tannines, procyanidinen, triterpenoïden, flavonoïden, derivaten van floroglucinol zoals euglobals en macrocarpals, en tussen 1,5 en 3,5% etherische olie, waarvan 1,8-cineol het grootste deel vormt (minimaal 70% en maximaal 95%). Andere componenten van de olie zijn monoterpenen zoals α-pineen en p-cymeen. De olie heeft secretomotorische, expectorerende, licht spasmolytische en lokaal licht hyperemische effecten, en is experimenteel aangetoond dat het ontstekingsremmende en antibacteriële eigenschappen heeft.

In laboratoriumtests werden zowel gramnegatieve als grampositieve bacteriën geremd en gedood. De sterkste effecten werden waargenomen tegen Shigella flexneri, Klebsiella pneumoniae, Listeria monocytogenes, Staphylococcus epidermidis, S. saprophyticus en S. xylosus [13]. Daarnaast werd het antivirale effect ook experimenteel onderzocht, met name tegen herpes simplex (HSV-1) en influenza A H11N9. Het ontstekingsremmende effect van geïsoleerd 1,8-cineol is klinisch aangetoond bij patiënten met bronchiale astma. 1,8-cineol kan ook de transdermale absorptie van andere geneesmiddelen versterken.

De olie kan (via inhalatie en systemisch via de bloedbaan) doordringen tot in de kleinste vertakkingen van de sinussen en bronchiën, waar het zijn werking kan uitoefenen. Daarom wordt eucalyptusolie aanbevolen bij infecties van de luchtwegen. Het wordt zowel inwendig als uitwendig gebruikt in de vorm van zalven of inhalaties, maar mag niet worden ingenomen bij ontstekingsziekten van het maag-darmkanaal en de galwegen, of bij ernstige leveraandoeningen. Preparaten die eucalyptusolie bevatten, mogen niet worden aangebracht op het gezicht van zuigelingen en jonge kinderen.

Monografie van Commissie E

Er bestaat een monografie van Commissie E uit 1993 over de vaste combinatie van eucalyptusolie en dennennaaldolie. Inhalatie en topische toepassing worden aanbevolen bij luchtwegverkoudheid [32]. Topische (cutane) toepassing is een hybride vorm van inhalatie en systemische absorptie. Naast inhalatie worden sommige oliën ook via de huid opgenomen, waarbij de absorptiesnelheid en -snelheid sterk afhankelijk zijn van de specifieke olie.

Literatuur

  • Harkenthal M, Reichling J, Geiss HK, Saller R. Vergelijkende studie naar de in vitro antibacteriële activiteit van Australische tea tree olie, cajeputolie, niaouli-olie, manuka-olie, kanuka-olie en eucalyptusolie. Pharmacy 1999; 54: 460-463 Zoeken in Google ScholarDownload RIS-citatie
  • HMPC . Kruidenmonografie van de gemeenschap over Eucalyptus globulus Labill., folium. EMA/HMPC/892618/2011. Londen: Europees Geneesmiddelenbureau; april 2013
  • Zoeken in Google ScholarDownload RIS-citatie
  • HMPC . Kruidenmonografie van de gemeenschap over Eucalyptus globulus Labill., Eucalyptus polybractea RT Baker en/of Eucalyptus smithii RT Baker, aetheroleum. EMA/HMPC/307781/2012. Londen: Europees Geneesmiddelenbureau; maart 2014 Zoeken in Google ScholarDownload RIS-citatie
  • Horváth G, Ács K. Essentiële oliën bij de behandeling van luchtwegaandoeningen, met aandacht voor hun rol bij bacteriële infecties en hun ontstekingsremmende werking: een overzicht. Flavor Fragrance J 2015; 30:331-341 KruisrefPubMedZoeken in Google ScholarDownload RIS-citatie
  • Juergens UR, Dethlefsen U, Steinkamp G. et al. Ontstekingsremmende werking van 1,8-cineol (eucalyptol) bij bronchiale astma: een dubbelblinde, placebogecontroleerde studie. Respir Med 2003; 97: 250-256

zondag, november 23, 2025

Vuurcider

Fire Cider, vuurcider is in feite een oxymel. Het is een traditioneel, zelf te maken middel op basis van appelciderazijn, verrijkt met scherpe, aromatische en helende ingrediënten uit de keuken. Het resultaat is een krachtige, pittige immuunbooster die zowel preventief als acuut kan worden gebruikt – vooral tijdens het verkoudheids- en griepseizoen.

Mensen maken al heel lang azijninfusies. Het was voornamelijk een methode om voedsel te conserveren of te desinfecteren. De term "Fire Cider" werd bedacht door de Amerikaanse herboriste Rosemary Gladstar toen ze in de jaren 70 begon met het onderwijzen van de principes van azijninfusies. Het idee was om een ​​huismiddeltje te creëren dat iedereen in zijn eigen keuken kon maken. Het wordt "Fire Cider" genoemd omdat het voornamelijk gemaakt is van zeer aromatische en kruidige ingrediënten. Dit maakt het huismiddeltje kiemdodend, ontstekingsremmend, slijmoplossend en verwarmend. Perfect voor de winter en het koude seizoen.

Het recept kan elke keer gemakkelijk worden aangepast, afhankelijk van de ingrediënten die je in huis hebt. En dat is precies wat ik zo aantrekkelijk vind: er is geen vaste formule. Iedereen kan zijn eigen mix maken. Soms pittiger, soms milder, soms met citroen, extra knoflook of chili. Het is geen vast recept, maar eerder een idee dat je intuïtief kunt toepassen.

Vuurcider tegen verkoudheid en griep

Een recept kan er als volgt uitzien. Het is een goed voorbeeld dat je kunt aanpassen aan je eigen voorkeuren en wat je in huis hebt. Ik gebruik een weckpot van 750 ml om het mengsel te maken. Dat is een goede hoeveelheid om een ​​hele tijd dagelijks van de Fire Cider te genieten. De basis is ongefilterde biologische appelazijn en alle andere ingrediënten zouden ook biologisch moeten zijn.

  •  Biologische appelazijn
  • 1 el zwarte peperkorrels (Piper nigrum)
  • 3 eetlepels mosterdzaad (Sinapis alba)
  • 1 tl kruidnagel ((Syzygium aromaticum)
  • 2 eetlepels mierikswortelpoeder - of een stukje verse mierikswortel (Armoracia rusticana)
  • 6 teentjes knoflook (Allium sativum)
  • 1 groot stuk gember (Zingiber officinale)
  • 1 ui (Allium cepa)
  • 1 eetlepel kurkumapoeder - of een stukje verse kurkuma (Curcuma longa)
  • 4 eetlepels gedroogde rozemarijn - of een paar takjes verse rozemarijn (Salvia rosmarinus)
  • 1 el honing (om de smaak af te ronden)

Deze mix creëert een verwarmende, bacteriedodende, stimulerende en immuunversterkende vuurcider. Zo werken de afzonderlijke ingrediënten:

Appelazijn

Appelazijn vormt de basis van het geheel: het heeft een kiemdodende en ontstekingsremmende werking, versterkt de afweer, bevordert de spijsvertering en helpt de actieve ingrediënten los te maken van de andere ingrediënten. Het zorgt er ook voor dat de Fire Cider lang houdbaar is – volledig zonder conserveermiddelen.

Knoflook of daslook

Knoflook is een echte klassieker onder de natuurlijke remedies. Allicine, dat het bevat, wordt beschouwd als het belangrijkste actieve ingrediënt. Knoflook heeft antibacteriële, antivirale en schimmelwerende eigenschappen. Het werkt ontstekingsremmend en kan het immuunsysteem versterken. Bij regelmatige consumptie verlaagt knoflook ook de bloeddruk en het cholesterol. 

Ui, ajuin / Allium cepa

Uien zijn ook een traditioneel huismiddeltje. De fructanen (in water oplosbare oligo- en polysachariden) die ze bevatten, zijn bewezen effectief tegen influenza A-virussen. De zwavelverbindingen in uien hebben een antiseptische werking. Hun slijmoplossende eigenschappen zijn een waardevol hulpmiddel bij hoest of een verstopte neus.

Mierikswortel

Mierikswortel, met zijn scherpe mosterdolie, verwarmt het lichaam. Het heeft ook een sterke werking op de luchtwegen, helpt de sinussen te openen en bezit antibacteriële eigenschappen. Mierikswortel , ook wel bekend als Beierse citroen, is rijk aan vitamine C. Commissie E bevestigt het interne gebruik ervan bij luchtwegverkoudheid. 

Mosterdzaad

De olie van mosterdzaad stimuleert de bloedsomloop en bevordert het losmaken van slijm. Mosterd wordt beschouwd als een klassiek huismiddeltje tegen verkoudheid, met name bij vastzittende hoest.

Peperkorrels

Zwarte peperzaadjes geven het mengsel niet alleen een pittige smaak, maar verbeteren ook de opname van andere actieve ingrediënten, zoals curcumine uit kurkuma. De piperine die ze bevatten, heeft een sterke antimicrobiële werking. Bovendien stimuleert peper de spijsvertering en de bloedsomloop.

Rozemarijn

Rozemarijn is een verwarmend keukenkruid dat vaak wordt gebruikt om het lichaam te versterken, spierpijn te verzachten of vermoeidheid te verlichten. De etherische olie, bittere bestanddelen, tannines en flavonoïde glycosiden zorgen voor een stimulerend, zenuwversterkend, ontstekingsremmend en bloedsomloopbevorderend effect.

Kruidnagel

Voor mij zijn kruidnagels een echte winterkruiden. Door hun hoge gehalte aan eugenol, fenolen en flavonoïden hebben ze een sterke antimicrobiële werking en kunnen ze virussen en bacteriën remmen. Ze geven het mengsel ook een lichtzoete en pittige smaak.

Kurkuma

Kurkuma staat vooral bekend om de ontstekingsremmende en antioxiderende eigenschappen van de scherpe stof curcumine en wordt gebruikt ter ondersteuning van de behandeling van een breed scala aan aandoeningen. Het is geen traditioneel verkoudheidsmiddel in de traditionele zin van het woord; het versterkt juist de afweer van het lichaam en heeft een preventieve werking.

Gember

Ik hou ook van gember in de winter. Het is verkwikkend, verwarmt je van binnenuit en werkt ontstekingsremmend. Dankzij de scherpe bestanddelen en etherische olie is het erg nuttig als je snel verkouden bent, een schorre keel hebt of hoest. 

Honing

Hoewel honing ook kiemdodende en immuunversterkende eigenschappen heeft, wordt het voornamelijk gebruikt in mengsels om de smaak af te ronden. De hoeveelheid honing is te klein om echt van de medicinale eigenschappen te profiteren. 

Hoe je immuunversterkende vuurcider maakt

Voordat je alles in de pot doe, maal je de specerijen zoals peper, mosterdzaad en kruidnagel lichtjes in een vijzel, zodat de actieve ingrediënten de azijn nog beter kunnen laten intrekken. De overige ingrediënten hak ik grof in blokjes of plakjes – dat is ruim voldoende. Vervolgens doe je alles in de schone weckpot van 750 ml en giet er zoveel ongefilterde appelazijn bij tot de pot bijna vol is. Doe het deksel erop en laat het 2 tot 3 weken trekken op een koele plaats, uit de buurt van direct zonlicht. Roer eventueel af en toe door.Na 3 weken filter je de Fire Cider door een zeef of een schone doek, giet het in schone glazen flessen en label ze met de datum en inhoud.

Hoe je Fire Cider gebruikt

Tijdens het verkoudheids- en griepseizoen drink ik elke ochtend en avond 1-2 eetlepels vuurcider verdund in een glas water. Je moet het azijnextract niet onverdund drinken, omdat dit de slijmvliezen van mond, keel en maag, en ook het tandglazuur, kan beschadigen. Als je een gevoelige maag hebt, raad ik aan om het 's ochtends niet op een lege maag te drinken, maar van tevoren iets te eten. 

Als je een verkoudheid voel opkomen, verhoog je de hoeveelheid een paar dagen en drink de Fire Cider meerdere keren per dag, altijd verdund met water.

Een ander voordeel is dat vuurcider ook uitstekend geschikt is om mee te koken. Ik gebruik het bijvoorbeeld in:

  • in saladedressings, samen met olie, mosterd en een beetje honing,
  • als smaakmaker in soepen of stoofschotels,
  • of in warme dranken, bijvoorbeeld met heet water, citroen en honing >> dat warmt je op en voelt heel lekker.
  • Het is ook heerlijk in marinades voor geroosterde groenten. Het voegt een aangename pittigheid en frisheid toe.

Voor wie is deze vuurcidermix niet geschikt?

Hoewel deze vuurcider veel positieve eigenschappen heeft, is hij niet voor iedereen geschikt. Mensen die allergisch of intolerant zijn voor een van de ingrediënten, dienen deze mix uiteraard te vermijden of aan te passen. Dagelijkse consumptie wordt afgeraden voor mensen met een hoge bloeddruk, galstenen die een operatie nodig hebben of een overmatige maagzuurproductie. Fire Cider is ook niet geschikt voor kinderen of zwangere vrouwen, omdat sommige ingrediënten te sterk voor hen zijn.

Houdbaarheid en opslag

Nadat ik mijn vuurcider heb gezeefd, bewaar ik hem in schone, omgespoelde glazen flessen. Ik gebruik meestal lege azijnflessen omdat die een dop hebben die niet met de azijn reageert. Dit is belangrijk, omdat gewone doppen na verloop van tijd door de azijn corroderen. Als je de azijn in een glazen pot wilt bewaren, gebruik dan glazen deksels, geen gewone confituurdeksels. 

Bewaar het in een donkere, koele hoek van de keuken, uit de buurt van direct zonlicht. Het hoeft niet in de koelkast. Omdat de basis appelazijn is, is vuurcider van nature erg lang houdbaar – minstens zo lang als de appelazijn zelf. Er kan zich na verloop van tijd een gelatinelaag op het oppervlak van je cider vormen. Dit is een nieuwe azijnmoeder en volkomen normaal. Ik verwijder deze meestal, omdat deze groeit en de cider na verloop van tijd opeet.

En voilà, zoals je ziet: vuurcider is snel gemaakt, je hebt geen specifiek recept nodig en het is gewoon goed voor je – vooral tijdens het verkoudheids- en griepseizoen. 

donderdag, november 20, 2025

Fenegriek geschiedenis en een onderzoek

Trigonella foenum-graecum wordt al sinds ongeveer 4000 jaar voor onze tijdrekening in Centraal-Azië gebruikt als medicinale plant. De voordelen en medicinale doeleinden zijn beschreven in een van de oudste medicinale documenten, de Ebers-papyrus. Traditioneel heeft T. foenum-graecum L. een lange geschiedenis van medisch gebruik in de Ayurvedische en Chinese geneeskunde als verzachtend, lactatiestimulerend middel en laxeermiddel. In het oude Rome werd fenegriek gebruikt om de bevalling en menstruatiekrampen te bevorderen en als tonicum voor de stofwisseling. Ook in het oude Egypte werd fenegriek gebruikt om de melkproductie bij zogende moeders te stimuleren, en moderne Egyptische vrouwen gebruiken deze zaden nog steeds om menstruatiekrampen te verlichten. Het is ook bekend als volksgeneesmiddel om cellulitis, steenpuisten en tuberculose te behandelen. In de 19e eeuw was fenegriek het hoofdingrediënt in patentmedicijnen voor dysmenorroe en postmenopauzale symptomen. Daarnaast vermeldden Yadav en Kaushik dat de slijmstoffen van fenegriekzaden een plaatselijke werking kan hebben bij het verzachten van irritatie veroorzaakt door eczeem. De traditionele Chinese geneeskunde gebruikt fenegriekzaden ook bij nierproblemen en nierstenen, omdat fenegriek de hoeveelheid calciumoxalaat vermindert, het kristal dat bijdraagt ​​aan de vorming van nierstenen. Fenegriek staat er ook om bekend dat het helpt bij het oplossen van verstoppingen (slijmstoffen zijn laxerend) en het wordt gebruikt als een ontgiftingsmiddel bij het verwijderen van giftige afvalstoffen, dode cellen en vastzittende eiwitten via het lymfestelsel.

Een recent onderzoek bij ouderdomsdiabetes

Supplementen met fenegriek-extract, maar ook gedroogde fenegriek, verbetert de manier waarop het lichaam omgaat met glucose. Dat effect is zo sterk, dat diabeten gezonder worden door suppletie met fenegriek. Ook als ze al medicijnen gebruiken. Zuid-Koreaanse wetenschappers, verbonden aan Woosuk University, traceerden in de wetenschappelijke literatuur 10 trials waarin onderzoekers diabeten of prediabeten hadden behandeld met fenegriek. De trials duurden 8-16 weken. Soms kregen de proefpersonen supplementen met extracten, soms poeder van gedroogde fenegriekzaden. In dat laatste geval varieerden de doses van 2-30 gram per dag. Kregen ze extracten, dan varieerde de doses van 2-6 capsules per dag. In een aantal trials bestudeerden de onderzoekers het effect van fenegriek alleen, in andere de toegevoegde waarde van fenegriek in combinatie met andere interventies, zoals medicatie of beweging.

Suppletie met fenegriek verlaagde de concentratie glucose 's ochtends vroeg in het bloed, nog voordat de proefpersonen hadden ontbeten. Fenegriek had dit effect op zichzelf, maar versterkte ook het glucoseverlagende effect van medicatie en beweging. Extracten waren effectief, gedroogde zaden ook.

Bronnen