woensdag, juli 17, 2024

Het drogen van kruiden

De meeste medicinale planten kunnen slechts op specifieke momenten van het jaar worden geoogst. Om ze bij de hand te hebben, drogen mensen ze al duizenden jaren. Tot op de dag van vandaag blijft drogen de beste methode om medicinale planten te conserveren. Door te drogen wordt het vochtgehalte in het plantmateriaal verlaagd, waardoor alle biologische processen, zoals de activiteit van plantenenzymen en de groei van schimmels of bacteriën, stoppen.

Het drogen van medicinale planten bespaart ook ruimte: gedroogde medicinale planten zijn aanzienlijk lichter en kleiner dan verse [1]. Ook kan er energie worden bespaard tijdens het drogen: apparaten zoals magnetrons, dehydrators of ovens kunnen nuttig zijn, maar zijn over het algemeen niet nodig. Door het drogen blijven de medicinale eigenschappen behouden.

In de loop van de evolutie hebben planten geleerd hun omgeving te beïnvloeden. Omdat ze zelf niet veel kunnen bewegen, manipuleren ze de wereld om hen heen: ze trekken dieren aan die nuttig voor hen zijn, zoals bestuivende insecten. Ze verjagen hongerige herbivoren die hen zouden kunnen schaden. Planten gebruiken chemische verbindingen, bekend als secundaire plantenmetabolieten, om deze roofdieren aan te trekken en af ​​te weren. Veel van deze stoffen worden door de plant opgeslagen en pas geactiveerd wanneer nodig. In geval van een verwonding – bijvoorbeeld door een dierenbeet – activeren enzymen talloze afweerstoffen. Deze kunnen niet alleen de eetlust van het dier onderdrukken, maar ook de wond beschermen tegen infectie door bacteriën, schimmels of virussen.

Het droogproces beschadigt ook het plantenweefsel. Het vochtverlies maakt plantencellen broos. Dit leidt tot de enzymatische activering van afweerstoffen, die vaak een korte levensduur hebben. Tijdens een lange droogperiode kunnen veel waardevolle voedingsstoffen verloren gaan. Daarom is snel drogen essentieel.

Het drogen kan echter ook het gehalte aan individuele actieve ingrediënten verhogen. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat het droogproces het gehalte aan antioxidanten kan verhogen [2].

Zorgvuldige voorbereiding

Voordat je begint met drogen, is sorteren essentieel: gooi alle verwelkte, beschadigde of zieke plantendelen weg, want die kunnen besmet zijn met bacteriën of schimmels. Geneeskrachtige planten met kleine blaadjes, zoals wilde tijm, bonenkruid of duizendblad, kunnen in kleine, luchtige bosjes worden gebonden. Scheid bij alle andere planten de bladeren van de stengel. Plantendelen die snel drogen, zoals bloemen en bladeren, hoeven niet te worden gehakt. Door ze te hakken verliezen ze namelijk vluchtige bestanddelen zoals essentiële oliën. Een uitzondering hierop vormen zeer grote of leerachtige bladeren, zoals die van klimop of hoefblad, die met een scherpe schaar in kleinere stukjes kunnen worden geknipt. Hoe minder de kruiden worden gehakt, hoe beter hun heilzame eigenschappen behouden blijven tijdens het drogen en bewaren.

Snijd de wortels in de lengte door en hak eventuele stukjes schors grof. Kleine bessen kunnen goed in hun geheel gedroogd worden, grotere bessen (zoals rozenbottels) kunnen gehalveerd worden.

Liefst niet wassen voor je droogt. Verwijder aarderesten van de wortels met een groenteborstel. Als ze erg vuil zijn, is het een goed idee om ze na het drogen nogmaals te borstelen. Ik was alleen wortels die veel aarde (kleigrond) bevatten voordat je ze laat drogen. Snel en kort spoelen.

Waar kun je medicinale planten het beste drogen?

De ruimte waarin je kruiden droogt, moet goed geventileerd, stofvrij en matig warm zijn. Het moet er ook droog zijn, want kruiden drogen slecht bij een hoge luchtvochtigheid. Slijmerige kruiden zoals heemstwortel of koningskaarsbloemen nemen zelfs vocht op in vochtige ruimtes!
De kruiden mogen niet aan direct zonlicht worden blootgesteld, omdat dit leidt tot verlies van actieve bestanddelen zoals essentiële oliën en kleurpigmenten [ 3 ]. Het drogen kan ook plaatsvinden in een donkere ruimte, bijvoorbeeld op zolder.
In de zomer kun je ook buiten drogen, maar alleen in de schaduw en natuurlijk niet bij regenachtig weer.
Voor wortels en schors is het het beste om een ​​bijzonder warme plek te kiezen, bijvoorbeeld in de buurt van de verwarming.

Het droogproces

Het droogproces duurt tussen de 3 en 10 dagen, afhankelijk van het weer en het plantmateriaal. Je kunt kleine boeketten en wortels te drogen hangen, bijvoorbeeld aan een waslijn of droogrek. Leg alle andere plantendelen op een schone doek van natuurlijke vezels; ze mogen naast elkaar liggen, maar niet op elkaar. Als je veel droogt, is het de moeite waard om droogrekken te kopen of te maken. Om ze te maken, span je insectengaas of een stof van natuurlijke vezels over een houten frame. Het is raadzaam om het plantmateriaal tijdens het droogproces eenmaal per dag om te keren. Dit is vooral belangrijk voor bessen of slijmstofplanten zoals koningskaars, heemst of kaasjeskruid.

Overigens drogen slijmerige planten bijzonder langzaam en zijn daardoor gevoelig voor schimmelgroei. Bij een hoge luchtvochtigheid drogen ze nauwelijks, omdat ze water als een spons kunnen opnemen. Schimmel op kruiden is zelden zichtbaar, maar wel te herkennen aan de kenmerkende, wat muffe geur!

De planten zijn droog als de bladeren verkruimelen wanneer je erover wrijft en de stengels breken wanneer je ze buigt en niet meer gebogen kunnen worden. Planten die na 10 dagen nog niet droog zijn, moeten in de oven op 40 °C worden geplaatst. Meestal hebben ze dan nog maar een paar uur warmte nodig.

Gedroogde medicinale planten zijn niet volledig watervrij; gemiddeld bestaat tien procent van het gewicht van goed gedroogde plantendelen nog steeds uit water.

Bewaar gedroogde medicinale planten op een donkere, droge en koele plaats.

Bruine potten met schroefdeksel en een brede hals zijn bijzonder geschikt voor het bewaren van medicinale kruiden. Bruine potten beschermen de kruiden niet alleen tegen vocht, maar ook tegen UV-straling. Doorzichtige potten zijn ook geschikt, mits ze op een donkere en koele plaats worden bewaard.

Label de potten duidelijk met de naam van de betreffende medicinale plant en het oogstjaar. Zolang de planten geen muffe of onaangename geur ontwikkelen, kunt u ze tot wel vier jaar gebruiken.

En tot slot…

De meeste geneeskrachtige plantenstoffen zijn lang houdbaar. Ze behouden hun structuur – en daarmee hun geneeskrachtige eigenschappen – jarenlang als ze op de juiste manier worden bewaard. De beste en meest economische bewaarmethode is drogen. 

Literatuur
  1. Vergelijking van traditionele en nieuwe droogtechnieken en het effect daarvan op de kwaliteit van fruit, groenten en aromatische kruiden. Foods 2020 9 sep; 9(9): 1261
  2. Effect van de droogmethode op de antioxidantcapaciteit van zes kruiden uit de Larniaceae-familie. Food Chem 2010; 123:85–91
  3. Een overzicht van droogmethoden voor het verbeteren van de kwaliteit van gedroogde kruiden. Crit Rev Food Sci Nutr 2020 19 mei: 1–24

zondag, juli 14, 2024

Tuin vol gedichten en gedachten. Verloren maar ooit beleefd

Planten in mijn tuin zijn meer dan planten, ze vertegenwoordigen gedachten en gevoelens van de tuinmens, ze vertellen het verhaal van de vrouw of de man achter de planten. Gedichten, gedachten, geloof en gezondheid.

Glad gazon of wild grasland, reuzebereklauwen of beschaafde hostas, bescheiden vergeetmenietjes of overdonderende gladiolen...... ze spreken allemaal hun eigen taal maar ze spreken ook de taal van de tuinman. De tuin stelt bewust of onbewust de ziel van de tuineigenaar ten toon. De tuinman, een open tuinboek.

Verloren maar ooit beleefd
Een tuinmens die steeds maar verhuisd. Je moeizaam maar met plezier opgebouwde tuin verlaten en opnieuw beginnen. Een vreemde vorm van masochisme of toch zinvol? Het voordeel is dat ik veel later die verlaten tuinen nog eens kan bezoeken en bekijken wat er van geworden is. Verwoest of verkracht door de volgende eigenaar of verlaten en opnieuw ingenomen door de echte natuur.
Een herborist, tuinmens op den dool, die tussendoor toch nog eens zijn vroegere tuinen kan en wil bezoeken. Of tenminste wat daar nog van over is. Of toch beter maar leven van tuinherinneringen?

Verleden tuin Schriek.
Begeesterend, spannend en emotioneel vind ik het rondsnuffelen tussen de resten van planten die ik daar ooit gezaaid en geplant heb. Zien hoe ze hun eigen gang gaan, zich flink uitbreiden of overwoekerd worden door de echte natuur. Zuiderse Monnikenpepers, waarvan de bloeitakken zich kronkelend door de open serredeur naar buiten wringen; Marokkaanse munt, onvervalst geurend en woekerend tegen huizenhoge bamboes op, stevige Griekse alant, aardperen en gele agrimonies die zich zonder problemen handhaven. Natuurlijk zijn er vele tere, ooit vertroetelde plantjes verdwenen, niet alles kan zich in dit geweld van groei staande houden. Gelukkig denk ik minder aan de planten die er niet meer zijn, dan aan de nog aanwezige kruiden. Uit het oog is in dit geval, gelukkig wel een beetje uit het hart.

Herinnering van lang geleden. Donderdag, Ik kom hier vandaag nog wat planten oogsten voor de herboristenopleiding van vanavond in Haasrode en voor de cursus van de volgende dagen helemaal in Natoye. Vooral het plukken van de Vitextakken vol zoet geurende zaden dompelt mij onder in een Oosterse sfeer van duizend en één nachten, niet verwonderlijk voor een zaadje dat hormonaal werkzaam is. Gelukkig brengt het ploeterend oogsten van ondergrondse aardpeerknollen en alantwortels mij terug naar de aardse werkelijkheid. En een half uur later rij ik weg met een auto vol van aardse en hemelse geuren, op weg naar de mensen.

donderdag, juli 04, 2024

Maquis en garrigue, mythische biotopen

Droog en warm, zinderende hitte wordt zichtbaar boven de lage, leerachtige begroeiing, harsige geuren camoufleren de geur van menselijk zweet. We wandelen tussen de grillige, bijna kale rozemarijnstruiken, over het grondbedekkend bonenkruid en tussen de zoete lavendel, korte broekbenen worden gekrast door de scherpe bladeren van de aarbeiboom of door de kruipende en klimmende sarsaparilla- en meekrapsoorten. Mooi maar meedogenloos.

Het mythische maquis

Romantisch ruig. Maquis! Een dicht begroeide plantenbiotoop van groenbljvende, kleine bomen en struiken, die 1-3 m hoog worden. Maquis is te vinden in gebieden waar het oerbos is vernietigd, of is ontstaan uit bossen waar de grote bomen zijn verwijderd. Dichte maquis vinden we veel in de westelijke helft van het Middellandse Zeegebied. Het bevindt zich meestal tussen zeeniveau en ongeveer 600 m, maar in bepaalde streken (zoals Kreta) kan het voorkomen op een hoogte van 1000 meter of zelfs hoger. Maquis kan zich herstellen van afbranden, als het tenminste niet wordt ontruimd of daarna zwaar begraasd. Typische maquis-planten, zoals Arbutus unedo en Erica arborea hebben opmerkelijke mogelijkheden om zich te verjongen: als de toppen door vuur zijn verwoest, groeien er nieuwe scheuten aan de basis van de plant.

Op de hoger gelegen hellingen kunnen blad verliezende struiken gaan domineren in wat wel pseudomaquis genoemd wordt. Hier kunnen bladverliezende eiken de groenblijvende soorten gaan overheersen. Als bossen met groenblijvende soorten zoals Hulsteik en Buxus worden gekapt, blijven er meestal lage vegetaties over die worden gedomi­neerd door bladverliezende struiken.

Voor een herborist zijn hier ook veel merkwaardige gebruiksplanten te vinden. In de hoge maquis komen steeneik en kermeseik voor. Verder soorten zoals mastiek- en terpentijnboom (Pistachia), judasboom (Cercis), steenlinde en boomheide. Veel voorkomende soorten in de lage maquis zijn: erica, cistus, brem en brandkruid (Phlomis).

Garrigue

Is een minder dichtgroeiende plantengemeenschap van groenblijvende dwergstruiken, die zelden hoger worden dan 0,5 m. Garrigue is wijdverspreid in het Middellandse-Zeegebied, we vinden er vooral aromatische kleine struiken met kleurige bloemen. Garrigue is opener dan maquis, waardoor er een grotere variatie aan kleinere kruiden tussen de struiken kunnen groeien. Deze gemeenschap is dan ook rijk aan eenjarigen, orchideeën en bolgewassen. En is voor een herborist en kruidenliefhebber nog interessanter omdat we hier wilde tijm, lavendel, bonekruid en rozemarijn kunnen vinden.

In het hele gebied zijn droogteresistentie en vraatresistentie typische aanpassingen aan de extreme omstandigheden. Euphorbia-, Affodil- en Cistus-soorten zijn doorgaans onsmakelijk voor vee door de chemische afweerstoffen die deze planten hebben ontwikkeld. Eeuwenlange begrazing door vee, het Middellandse-Zeegebied wordt al ten minste 8000 jaar bewoond, heeft de ontwikkeling van stekelige planten bevorderd. Meestal tonen ze daarbij ook aanpassingen aan droogte door hun dichte, gedrongen vorm en kleine, leerachtige bladeren.

Een ander opvallende aanpassing vinden we terug in de grote variëteit aan bol- en knolgewassen, zoals Crocus, cyclaam, kievitsbloem, tulp en wilde orchideeën. De bolgewassen bloeien ofwel aan het eind van de winter en in de lente, ofwel in de herfst; in deze perioden is het koeler en is er voldoende vocht om de groei te bevorderen. In de hete zomermaanden zijn deze planten afgestorven, en brengen ze de tijd veilig ondergronds door als een gezwollen, vlezige wortel, bol of wortelstok

Gedurende de ijstijden, toen de flora van Noord- en Midden-Europa grotendeels was verdwenen onder ijskappen en gletsjers, ontsnapte het Middellandse-Zeegebied aan de verwoestende werking van het ijs en fungeerde als een toevluchtsoord voor het plantenleven. Veel typisch mediterrane planten, zoals de johannesbroodboom, de olijf en de judasboom, zijn relicten van voor de laatste ijstijden. De snelle evolutie die in het Middellandse-Zeegebied heeft plaatsgevonden, en nog steeds plaatsvindt, wordt weerspiegeld door het grote aantal uiterst variabele soorten. Het Middellandse-Zeegebied is ook bijzonder rijk aan zogenaamde endemen, soorten die van nature slechts in een bepaald beperkt gebied of op een bepaald eiland voorkomen. Endemen komen vooral voor op de Egeïsche eilanden, Kreta en Cyprus.

Maar voor mij zijn maquis en garrigue toch vooral ook bijzonder door de magische sfeer, de geur en het mystiek gevoel dat het landschap uitstraalt. Alsof goden en geesten elk moment kunnen verschijnen. Een etherisch landschap als het ware.

Enkele kruidige soorten op een rij

Myrtus communis – Myrte

Een kleine struik met een grote reputatie. Vooral de etherische olie heeft een slijmoplossende en ontsmettende werking op de luchtwegen: te gebruiken bij neusverkoudheid, bronchitis en Cara. Maar als herborist wil ik toch wel zeggen dat zowel van de bessen als van het blad thee kan gezet worden bij diarree en andere maag-darmproblemen.

Rosmarinus officinalis – Rozemarijn

Rubia tinctorum, Rubia peregrinum – Meekrap, Krap

Vooral de kruipende Krap met zijn scherpe stervormige blaadjes is een echte plant van de streek. Onder de grond verbergt zich het geheim van de plant, in de vorm van een rode wortelstok, waar vroeger een industrieel belangrijke kleurstof uit werd gewonnen. In de kruidengeneeskunde is het de belangrijkste plant bij niergruis. Combineren met bijvoorbeeld Kattedoorn en Guldenroede.

Satureja montana – Bergbonekruid

Net zoals Rozemarijn meer zuidelijk groeiend. Bijvoorbeeld bij de Mont Ventoux samen met tijm. Een mooie kombinatie deze 3 stimulerende lipbloemigen. De naam Satureja komt van de sater, een mythische liederlijke figuur berucht om zijn seksuele uitspattingen. Bonekruid zou dan ook de seksuele en andere appetijt stimuleren. Misschien eten daarom de ezels zo graag dit kruid.Verder werden en worden er kazen, worsten en boongerechten mee gekruid. ‘Pour parfumer les tommes’ zegt men hier.

Smilax aspera – Sarsaparilla

Een kruipende klimplant met ruwe ranken, kleine witte bloemen en rode bessen. Als onderbegroeiing in het maquis, droge stenige bosjes. Oude glorie, vooral bekend om zijn diuretische en depuratieve werking en dus gebruikt bij huidaandoeningen, zelfs bij psoriasis.

Thymus serpyllum – Wilde tijm – Serpolet

De kruipende tijm heeft dezelfde werking als de Echte tijm. Te gebruiken voor de luchtwegen en de spijsvertering. Gilbert Jean zegt ‘ C’est pour faire digérer’. In het Middellandse Zeegebied werd hij ook gebruikt tegen ‘rougéole’ (roodvonk). Volgens Lieutaghi zou dit een vorm van signatuurleer zijn. Het roodverkleurend blad voor een rode ziekte.


Thymus vulgaris – Echte tijm – La Farigola

Een veel gebruikte plant met veelzijdige werking maar ook met grote variatie in de samenstelling. Van vallei tot vallei kan de etherische olie verschillen (hoofdbestanddeel: thymol, carvacrol, geraniol, linalol of thuyanol). Natuurlijk vooral bekend om zijn antibacteriële en hoestwerende werking, maar in de streek ook gebruikt voor de spijsvertering. Chauvin zegt ‘Quand tu avais fait un gros repas, tu prenais une bonne tasse de thym, ça faisait du bien’. Vooral goed voor kou op de darmen en tegen diarree.