zaterdag, augustus 02, 2025
Mijn Vitex bloeit en dus..... wat oude geschiedenis van deze kuisheidsboom
donderdag, juli 31, 2025
Kattenstaart, oude glorie opnieuw ontdekken
Pas in 1995 verscheen er opnieuw een medicijn op basis van kattenstaart, Salicairine® genaamd, op de markt. Het werd gebruikt voor alle soorten diarree, zowel veroorzaakt door bacteriën als virussen, zoals meestal het geval is bij gastro-enteritis. De antiseptische en adstringerende, stoppende werking is snel en zonder noemenswaardige bijwerkingen. In juli 2015 meldden onderzoekers dat de voordelen ervan grotendeels worden onderschat. Hun onderzoek bevestigde dat het uitzonderlijk effectief is bij spijsverteringsstoornissen.
De grote kattenstaart is een waardevol en praktisch bruikbaar geneeskruid met een balans in werking tussen looistoffen met samentrekkende werking en slijmstoffen met verzachtende eigenschappen. Dit lijkt misschien vreemd als je denkt dat samentrekkende middelen uitdrogend werken en slijmstoffen bevochtigend, maar bedenk dat samentrekkende middelen weefsels niet uitdrogen, maar ze verstevigen en overmatige secretie verminderen. De kattenstaart herstelt dus de tonus (stevigheid) van weefsels en hult ze tegelijkertijd in een verzachtende slijmstof, die ontstekingen verlicht en voor smering zorgt. Ik vind dat het toevoegen van meer bladeren en stengels aan de preparaten een samentrekkender geneesmiddel oplevert, terwijl het verzamelen van vooral de bloeistengels de aanwezigheid van slijmstoffen in preparaten op waterbasis verhoogt.
Medicinaal gebruik
- Te gebruiken bij diarree en vele andere darmproblemen. Bloeitoppen met blad als tinctuur of als thee.
- Nog nader te onderzoeken. Mogelijkheden bij Polycysteus-ovarium-syndroom (PCOS) en Type 2 diabetes mellitus
Wetenschappelijk onderzoek
- Antioxidants (Basel). 2025 May 10;14(5):573.Therapeutic Potential of Lythrum salicaria L. Ethanol Extract in Experimental Rat Models of Streptozotocin-Induced Diabetes Mellitus and Letrozole-Induced Polycystic Ovary Syndrome. In vivo verlaagde het effectief de OS door de oxidatieniveaus te verlagen en de antioxidante afweer te versterken, ontstekingsmarkers en bloedglucosewaarden te verminderen en het lipidenprofiel te verbeteren, samen met de TyG-index en leverbeschadigingsmarkers bij diabetische ratten. Bij PCOS-ratten verlaagde Lythrumextract de totale oxidatieniveaus, verhoogde het de antioxidanten, verlaagde het de LH-, FSH-, testosteron- en insulinespiegels, en verhoogde het de oestrogeenspiegels.
- https://sites.google.com/site/kruidwis/kruiden-planten-van-a-tot-z/lythrum-salicaria-grote-kattestaart
dinsdag, juli 29, 2025
Heermoes bij blaasontsteking
Ook in de geneeskunde spelen paardenstaarten een rol, vooral de inheemse akker-paardenstaart of heermoes (Equisetum arvense) werd en wordt nog gebruikt in de volksgeneeskunde en in de moderne fytotherapie, vooral bij
- reumatische klachten,
- ontstekingsziekten van de urinewegen,
- urinesteen,
- longontsteking,
- ontsteking van het mondslijmvlies en
- voor slecht genezende wonden.
Het HMPC, Commissie E en ECSOP pleiten voor het gebruik van heermoes als spoelmiddel bij milde urinewegklachten, met name ontstekingen en niergruis. De ESCOP-monografie pleit ook expliciet voor aanvullend gebruik van paardenstaart bij bacteriële urineweginfecties.
Spoel- of drainagetherapie werkt als volgt: heermoes verhoogt de urineproductie, wat de afvoer van ziekteverwekkers uit de urinewegen bevordert. Heermoes heeft mogelijk ook een ander effect dat kan helpen bij bacteriële blaasontstekingen, zoals blijkt uit een onderzoek uit 2022.
Bacteriën misleiden met paardenstaart
Onze nieren produceren een eiwit genaamd uromoduline (syn.: Tamm-Horsfall-eiwit), dat via de urine wordt uitgescheiden. De rol ervan is nog niet volledig duidelijk. Het lijkt echter een beschermend effect te hebben op de nieren en de urinewegen. Het zou kunnen beschermen tegen nierstenen, de urineproductie ondersteunen en ook beschermen tegen bacteriële infecties.
De structuur van uromoduline lijkt op die van de slijmvliescellen van de urinewegen. Dit leidt tot verwarring met ziekteverwekkers zoals Escherichia coli of Klebsiella pneumoniae, die een rol spelen bij bacteriële blaasontsteking. Tijdens een infectie proberen deze bacteriën zich te hechten aan de slijmvliescellen. De uromoduline in de urine lijkt bedrieglijk veel op de slijmvliescellen van de bacteriën. Ze hechten zich aan uromoduline en worden samen met de bacterie uitgescheiden in de urine.
Recente bevindingen suggereren dat een sterke uromoduline-secretie behulpzaam kan zijn bij bacteriële urineweginfecties [ 2 ].
Uit een in 2022 gepubliceerd onderzoek van de Universiteit van Münster blijkt dat Equisetum de aanmaak van uromoduline in de nieren kan stimuleren. Dit resulteert in meer uromoduline in de urine van de blaas, waaraan bacteriën zich kunnen hechten. Het in het onderzoek gebruikte heermoesextract werd met water bereid; de werkzame stof die verantwoordelijk is voor de uromoduline-versterkende effecten moet daarom in water oplosbaar zijn en zou daarom ook aanwezig moeten zijn in theetherapie.
Recept bij blaasontsteking
Als je een blaasontsteking heeft, kun je heermoesthee gebruiken met het volgende recept. Bij acute klachten, 3 daags 1 eetlepel gedroogd heermoes (Equiseti herba) overgieten met ¼ liter kokend water, 15 minuten laten trekken, maximaal 4 weken lang gebruiken eventueel te combineren met echte guldenroede
- Tijdens de spoeltherapie moet u erop letten dat u voldoende vocht drinkt (minimaal 1,5 liter vocht per dag).
- Spoeltherapie met paardenstaart mag niet worden toegepast bij een verminderde hart- of nierfunctie.
- Er zijn momenteel geen studies uitgevoerd naar de veiligheid van het gebruik van paardenstaart tijdens de zwangerschap en borstvoeding.
- Zeer zelden treden maagklachten op na inname van paardenstaartthee. Er zijn tot op heden geen interacties met paardenstaartthee bekend.
- Heermoes vooral interessant bij regelmatig terugkerende blaasontsteking
- Uromoduline, ook bekend als het Tamm-Horsfall-eiwit, is het meest voorkomende eiwit in normale urine. Het wordt uitsluitend geproduceerd door de nieren, met name de epitheelcellen die het dikke opstijgende deel van de lis van Henle bekleden. Uromoduline speelt een rol in de gezondheid van de nieren en is betrokken bij verschillende fysiologische en pathologische processen.
- Phytomedicine. 2022 Sep:104:154302. Aqueous extract from Equisetum arvense stimulates the secretion of Tamm-Horsfall protein in human urine after oral intake.
- https://sites.google.com/site/kruidwis/kruidenmonografie-a-z/equisetum-arvense-heermoes
maandag, juli 28, 2025
Oude glorie. Postelein.
Postelein is ook heel gemakkelijk zelf te kweken. Vanaf maart zaai je deze koudegevoelige plant in de volle grond. Postelein kiemt in het licht, dus zet de zaden in vochtige grond en druk ze goed aan. Bedek ze niet met aarde. Je kunt al na 4-6 weken oogsten!
Deze eenjarige pioniersplant heeft een rijk vertakte stengel die over de grond kruipt. De spatelvormige bladeren zijn opvallend dik en sappig. Zomerpostelein is echter niet verwant aan winterpostelein (Claytonia perfoliata), die gekweekt en als salade verkocht wordt.
De naam Portulaca komt waarschijnlijk van het latijnse portula, kleine deur, omdat de vrucht zich als een deurtje opent, om de zwarte, glimmende zaadjes hun verspreidend werk te laten doen. Of van porta, dragen en lac ‘melk’ melkdragend omwille van het witte melksap.
Heerlijk en gezond
Dit onkruid, dat veel voorkomt in warme landen, werd door de Romeinen in Centraal-Europa geïntroduceerd. In de Middeleeuwen was het zo populair als groente dat het zelfs in tuinen werd gekweekt. Helaas was het in de 19e eeuw grotendeels in de vergetelheid geraakt.
De bladeren en scheuten zijn smakelijk als salade en spinazie-achtige groente, maar ook in smoothies, kruidenkwark, eiergerechten en soepen. Postelein heeft een licht zoute en verfrissend zure smaak. Het is het lekkerst om het rauw te eten; je kunt er direct zo van knabbelen. De beste tijd om het te plukken en te oogsten is vóór de bloei, wanneer de bladeren stevig en sappig zijn. Daarna word het blad licht bitter. Deze wilde groente smaakt niet alleen heerlijk, maar brengt ook een gezonde dosis voedingsstoffen op je bord. Postelein bevat een uitzonderlijk hoge hoeveelheid kalium (585 mg/100 g), magnesium (245 mg/100 g) en ijzer (3,1 mg/100 g). Vergeleken met sla bevat het 22 keer zoveel magnesium! Dit knapperige wilde kruid bevat ook veel provitamine A en uitzonderlijk veel omega-3-vetzuren dan welke andere bladgroente dan ook.
Helaas veel oxaalzuur
Met al de vele heilzame ingrediënten in postelein is het ook het vermelden waard dat het oxaalzuur bevat, wat regelmatig gebruik enigszins kan beperken. Postelein is, net als spinazie, snijbiet, rabarber en veldzuring, een van de planten met een zeer hoog oxaalzuurgehalte. Oxaalzuur is echter alleen in grote hoeveelheden schadelijk voor het lichaam. Hoge doses kunnen de nieren belasten, dus mensen met een nieraandoening moeten het gebruik ervan vermijden. Oxaalzuur belemmert ook de beschikbaarheid van mineralen zoals calcium, magnesium en ijzer.
Voor gezonde mensen is er niets mis met het eten van groenten die oxaalzuur bevatten, maar dergelijke voedingsmiddelen moeten niet elke dag op het menu staan. Er is ook een trucje om het oxaalzuurgehalte in voedsel te verlagen: als je voedsel rijk is aan calcium, bindt het calcium zich aan het oxalaat in het spijsverteringskanaal, waardoor het zonder belasting voor het lichaam kan worden uitgescheiden. Daarom is het verstandig om postelein te consumeren met calciumrijke producten, zoals sojaproducten, harde kaas of zuivelproducten.
Voedsel als medicijn
Postelein is in ons land relatief onbekend als medicinale plant, maar in veel andere landen is het een bestanddeel van de volksgeneeskunde. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) noemt de plant daarom een "wereldwondermiddel". De talrijke indicaties waarvoor postelein al eeuwenlang wereldwijd wordt gebruikt, bevestigen deze beoordeling. In China wordt postelein beschreven als een "groente voor een lang leven" en het is al millennia lang een belangrijke medicinale plant in de traditionele Chinese geneeskunde.
De afgelopen 10 jaar zijn er talloze studies gepubliceerd over de farmacologische effecten van postelein. Deze tonen het uitzonderlijk brede werkingsspectrum aan. Zo is aangetoond dat het antidiabetische, anticarcinogene, antimicrobiële, ontstekingsremmende, leverbeschermende, neuroprotectieve, bloeddrukverlagende, cholesterolverlagende, wondhelende werkingen heeft.
De neuroprotectieve werking van de plant is bijzonder opmerkelijk, omdat het de werkingsduur van de belangrijke neurotransmitter acetylcholine verlengt. Ook is een antivirale werking aangetoond, met name tegen het herpes simplexvirus. De talrijke omega-3-vetzuren hebben een positief effect op het cardiovasculaire systeem en verlagen de bloedlipiden- en bloedsuikerspiegel. Dit helpt arteriosclerose en hypertensie te voorkomen.
Ter preventie van ziekten zou deze heerlijke wilde groente zeker op ons menu moeten staan. Trouw aan het oude gezegde: laat voeding ons medicijn zijn!
Recept: Posteleinsalade
- 150 g jonge posteleinscheuten
- 200 g tomaten
- ½ komkommer
- 3 eetlepels olijfolie
- 2 eetlepels balsamicoazijn
- 1 theelepel sojasaus
- 2 eetlepels crème fraîche
- peper en zout
- optioneel: 100 g schapenfeta
Snijd de postelein grof, snijd de tomaten en komkommer in plakjes. Meng alle overige ingrediënten tot een dressing en meng deze door de salade. Roer er eventueel blokjes feta door.
Medicinale dosering
Er zijn slechts beperkte klinische studies beschikbaar om richtlijnen voor de dosering te geven. De volgende doseringen zijn echter gebruikt: in één klinische studie werd 0,25 ml/kg lichaamsgewicht van een 5% waterig extract gebruikt voor een bronchusverwijdend effect ; bij diabetes type 2 werd gedurende 8 weken tweemaal daags 5 gram gemalen zaden ingenomen ; bij abnormale baarmoederbloedingen werden gemalen zaden ingenomen in een dosis van 5 gram om de 4 uur gedurende 3 dagen. En een oud recept van Dodoens 'Een zalfje gemaakt van honig en poeder van posteleinwortel gedroogd geneest de kloven van de lippen en handen’.
- Yan-Xi Zhou et al. Portulaca oleracea L.: Een overzicht van fytochemie en farmacologische effecten. BioMed Res Int 2015; DOI: 10.1155/2015/925631
- https://sites.google.com/site/kruidwis/kruiden-planten-van-a-tot-z/portulaca-oleracea-postelein
zondag, juli 27, 2025
Visgif en tabaksvervanger: de koningskaars was niet alleen een medicinale plant.
De bloemen van de koningskaars worden ook wel wollige bloemen genoemd, omdat ze – net als de hele plant – viltachtig aanvoelen. Ze bevatten een verscheidenheid aan actieve stoffen, waaronder slijmstoffen, saponinen, bittere iridoïden en flavonoïden [1]. Deze actieve stoffen maken diverse toepassingen mogelijk en waren zelfs nuttig bij de visserij, zoals de Griekse filosoof Aristoteles 2000 jaar gelden al schreef. De saponinen van de plant werken als visgif. Wanneer ze in voldoende concentratie aan een water worden toegevoegd, zorgen ze ervoor dat vissen sterven en naar de oppervlakte drijven, waar ze vervolgens door vissers worden verzameld.
Voor ons zijn de saponinen onschadelijk en hebben ze zelfs therapeutische effecten o.a. slijmoplossend. Verschillende soorten koningskaars worden gebruikt bij de behandeling; van de inheemse soorten worden vooral de koningskaars (Verbascum thapsus) en stalkaars (Verbascum densiflorum) gebruikt.
In de Europese en Aziatische volksgeneeskunde worden voornamelijk de bloemen van de plant gebruikt (zelden de bladeren) voor de behandeling van virale luchtweginfecties, diarree, hoest, zenuwpijn zoals gordelroos of trigeminusneuralgie en buikpijn [2]. In India wordt de plant ook gebruikt als kalmerend middel; hiervoor worden de gedroogde bladeren gerookt. Er wordt ook beweerd dat astma en andere longziekten verbeteren door het roken van de bladeren. Ik raad dit gebruik echter af vanwege de potentieel schadelijke en irriterende effecten van de rook!
Koningskaarsbloemen hebben een bewezen werking in de volgende recepten: voor concentratieproblemen, heesheid, verkoudheid, zenuwpijn of pijn in de oren of maag.
Koude thee met koningskaars
Koningskaars heeft verschillende belangrijke eigenschappen bij de behandeling van verkoudheid: de slijmstoffen beschermen en hydrateren droge slijmvliezen, verzachten heesheid en hoest, en verdunnen dik slijm. De saponinen bevorderen de expectoratie en dragen bij aan de antivirale eigenschappen van koningskaars. Studies hebben dit effect aangetoond tegen onder andere influenza- en herpesvirussen. Het Comité voor Kruidengeneesmiddelen (HMPC) beveelt koningskaarsbloemen aan bij keelpijn als gevolg van een kriebelhoest of verkoudheid. Het volgende theerecept kan helpen bij een verkoudheid, loopneus, heesheid, kriebelhoest of hoest met slijm.
Koude thee voor de keel
- 20 g koningskaarsbloemen (Verbasci flores)
- 20 g lindebloesem (Tiliae flores)
- 20 g weegbreebladeren (Plantaginis lanceolatae folia)
- 20 g moerasspirea (Filipendulae herba)
- 20 g aartsengelwortel (Angelicae radix))
Giet gedurende drie weken tot drie keer per dag 1 afgestreken eetlepel van het mengsel in 250 ml kokend water en laat het, afgedekt, 20 minuten trekken. Zoet het met 1 theelepel honing (lindebloesemhoning is bijzonder geschikt) en drink het op. Er zijn geen bijwerkingen of interacties met de genoemde planten bekend. Vanwege moerasspirea mag u deze koude thee niet gebruiken als u overgevoelig bent voor salicylaten.
Koningskaars tegen zenuwpijn, buikpijn en oorpijn.
Verschillende actieve bestanddelen in koningskaars hebben pijnstillende eigenschappen, waaronder saponinen en flavonoïden [ 3 ]. Het wordt met name veel gebruikt bij neuralgie en oorpijn. Het volgende recept voor een olie-infusie kan u wellicht helpen:
Koningskaarsolie tegen oor- of zenuwpijn
- 15 g koningskaarsbloemen (Verbasci flores)
- 100 ml olijfolie
Plaats de bloesems in een doorzichtige glazen pot met een schroefdeksel en giet de olie eroverheen. Zet de pot op een lichte plek, maar niet in direct zonlicht. Zeef na drie weken de olie door een katoenen of linnen doek, giet deze in een fles en bewaar deze op een koele, donkere plaats. De olie is een jaar houdbaar.
- Bij oorpijn, 3 keer per dag 1 druppel in de gehoorgang druppelen. Niet gebruiken bij beschadigd trommelvlies.
- Bij zenuwpijn kunt u de olie tot 3 keer per dag gedurende 5 dagen in het getroffen gebied masseren.
Let op: Als de zenuwpijn aanhoudt of verergert, is medisch advies absoluut noodzakelijk. Als de oorpijn na 3 dagen niet is verbeterd of gepaard gaat met andere symptomen zoals duizeligheid, koorts of gehoorproblemen, dient u onmiddellijk een arts te raadplegen.
Koningskaars is ook een optie bij buikpijn.
In Pakistan is het een veel gebruikt middel tegen darmworminfecties. Recente studies tonen inderdaad aan dat de actieve bestanddelen ervan darmwormbesmettingen kunnen verminderen. Deze studies toonden ook het krampstillende effect van koningskaars aan – dit is waarschijnlijk te danken aan de flavonoïden en bittere iridoïden [3]. In mijn ervaring zijn koningskaarsbloemen, in combinatie met duizendblad en echte kamille, nuttig bij ongecompliceerde buikpijn, vooral wanneer het ongemak stressgerelateerd is.
Thee tegen maagpijn
- 10 g koningskaarsbloemen (Verbasci flores)
- 30 g duizendblad (Millefolii herba)
- Giet 2 tot 3 keer per dag 1 afgestreken eetlepel van het mengsel over 250 ml kokend water, dek af en laat 15 minuten trekken. Drink het ongezoet vóór de maaltijd.
Wakker en geconcentreerd met de koningskaars
De koningskaars staat trots en rechtop, waardoor we volgens de signatuurleer het effect ervan op onze hersenen kunnen begrijpen. Rechtop staan bevordert alertheid en concentratie. Langdurig zitten maakt je moe. Opstaan en je daarna uitrekken geeft je nieuwe energie. Op dezelfde manier kan koningskaars ons centrale zenuwstelsel stimuleren. De bittere iridoïden in koningskaars lijken de bloedtoevoer naar de hersenen te verbeteren en zo onze concentratie te verhogen. Volgens onderzoek kan de kleurstof verbascoside ook beschermen tegen de uitputtende en schadelijke effecten van stress. Verbascoside zou ook een cafeïne-achtig effect hebben op hersencellen, waardoor ze alert en klaar voor gebruik blijven [ 4 ].
Thee om de concentratie te verbeteren
- 20 g koningskaarsbloemen (Verbasci flores)
- 50 g ogentroostkruid (Euphrasiae herba)
- 50 g boekweitkruid (Fagopyri herba)
- 40 g rozemarijnblaadjes (Rosmarini folia)
- Giet 2 tot 3 keer per dag 1 afgestreken eetlepel van het mengsel over 250 ml kokend water, dek af en laat 20 minuten trekken. Drink ongezoet vóór de maaltijd.
Samengevat
De moderne kruidengeneeskunde erkent koningskaars voornamelijk als middel tegen hoest. De bloemen kunnen echter niet alleen het ophoesten van slijm bevorderen, maar hebben ook een verzachtende, antivirale en pijnstillende werking. Bovendien kunnen ze een positieve invloed hebben op onze mentale gezondheid.
Referenties
- Török T, Varga E. A Verbascum sp. farmakognóziai vizsgálata [Farmacognosiestudie van Verbascum-soorten]. Acta Pharm Hung 2015; 85 (3): 89–95
- Turker AU, Gurel E. Toorts (Verbascum thapsus L.): recente ontwikkelingen in onderzoek. Phytother Onderzoek 2005 september; 19(9): 733–9
- Ali N, Ali Shah SW, Shah I et al. Anthelmintische en relaxerende activiteiten van Verbascum Thapsus Mullein. BMC Complement Altern Med 2012 30 maart; 12:29
- Zhu M, Zhu H, Tan N et al. Centrale anti-vermoeidheidsactiviteit van verbascoside. Neurosci Lett 2016 11 maart; 616: 75–9. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/26827721/
- https://sites.google.com/site/kruidwis/kruidenmonografie-a-z/verbascum-koningskaars
donderdag, juli 10, 2025
Lavandula species. Een monografie
Het geslacht Lavendel, onderdeel van de lipbloemenfamilie, omvat ongeveer drie dozijn soorten in verschillende ondergeslachten en secties, evenals een veelvoud aan (waaronder intersectionele) hybriden en een bijna onhandelbaar aantal variëteiten. De meest gebruikte soorten in de medicinale sector zijn echte lavendel (Lavandula angustifolia) en spijklavendel (L. latifolia), evenals lavandin (L. x intermedia) en Spaanse lavendel (L. stoechas) [8].
Bij oude auteurs zoals Dioscorides, Plinius en Galenus is alleen Spaanse lavendel betrouwbaar bekend. Echte lavendel en spijklavendel werden vanaf de 12e eeuw beschreven door Hendrik van Huntingdon en Hildegard van Bingen, maar de twee soorten werden pas rond 1500 duidelijk onderscheiden. Halverwege de 18e eeuw plaatste Carl Linnaeus alle drie de soorten onder het geslacht Lavendel. Het gebruik van lavendel bij luchtwegaandoeningen kan in het geval van Spaanse lavendel worden herleid tot de 1e eeuw; de kalmerende werking van echte lavendel werd voor het eerst vermeld aan het einde van de 15e eeuw en kreeg in de 19e eeuw meer bekendheid [7].
In de medische praktijk wordt voornamelijk de etherische olie van lavendelsoorten gebruikt, verkregen door stoomdestillatie. De soorten verschillen aanzienlijk in de samenstelling van hun etherische oliën, hun werking, bijwerkingen en contra-indicaties, en zijn daarom niet onderling verwisselbaar.
De kwaliteit van echte lavendelolie wordt bepaald door het estergehalte, dat kan oplopen tot 70%. De twee belangrijkste componenten die de werkzaamheid bepalen, zijn het monoterpenol linalool en de monoterpenoïde-ester linalylacetaat. Essentiële olie van spijklavendel heeft een lager estergehalte dan echte lavendel, maar aanzienlijk hogere concentraties.
De HMPC, ESCOP, WHO en Commissie E hebben dit ook bevestigd met positieve monografieën. De HMPC heeft lavendelbloemen en lavendelolie geclassificeerd als traditionele kruidengeneesmiddelen. Klinische studies hebben aangetoond dat lavendelolie kan worden gebruikt om rusteloosheid en angstige stemmingen te behandelen. Volgens ESCOP is lavendel geïndiceerd voor stemmingswisselingen zoals rusteloosheid, agitatie of slaapstoornissen, evenals voor functionele buikklachten. Lavendelbloemen en lavendelolie kunnen worden gebruikt om milde stress en uitputting te behandelen, en om de slaap te bevorderen. Ze kunnen ook uitwendig worden gebruikt als badadditief. Commissie E keurt lavendel goed voor inwendig gebruik bij rusteloosheid, moeite met inslapen en functionele buikklachten (prikkelbare maag, Roemheld-syndroom, winderigheid, nerveuze darmklachten). Het kan ook uitwendig worden gebruikt in baden voor circulatieklachten. De WHO- monografie komt overeen met de bovengenoemde monografieën.
- 100 g kokosolie (natuurlijk)
- 15 g verse of 7 g gedroogde lavendelbloemen (Lavandulae flos)
- 20 druppels etherische lavendelolie
- 12 druppels bloedsinaasappelolie (Citrus aurantium var. dulcis of Citrus sinensis var. dulcis)
- 3 druppels lavendelolie (Lavandula angustifolia)
- Geurloze alcohol (bijv. biologische wodka)
- een leeg flesje van 30 ml met sprayopzetstuk
[1] Dejaco D et al. Tavipec® in acute rhinosinusitis: A multi-centre, double-blind, randomized, placebo-controlled, clinical trial. Rhinology 2019; 57 (5): 367–374
[3] Kähler C et al. Spicae aetheroleum in uncomplicated acute bronchitis: A double-blind, randomised clinical trial. Wien Med Wochenschr 2019; 169: 137–148
[4] Kasper S et al. Silexan in anxiety disorders: Clinical data and pharmacological background. World J Biol Psychiatry 2017; 19 (6): 412–420
[5] Lesage-Meessen L et al. Essential oils and distilled straws of lavender and lavandin: A review of current use and potential application in white biotechnology. Appl Microbiol Biotechnol 2015; 99: 3375–3385
[6] Messaoud C et al. Chemical composition and antioxidant activities of essential oils and methanol extracts of three wild Lavandula L. species. Natural Product Research: Formerly Natural Product Letters 2012; 26 (21): 1976–1984
- Prusinowska R, Śmigielski K. Samenstelling, biologische eigenschappen en therapeutische effecten van lavendel (Lavandula angustifolia L). Een overzicht. Herba Polonica. 2014;60(2): 56-66. https://doi.org/10.2478/hepo-2014-0010
- Firoozeei TS, Feizi A, Rezaeizadeh H, Zargaran A, Roohafza HR, Karimi M. De antidepressieve effecten van lavendel (Lavandula angustifolia Mill.): Een systematische review en meta-analyse van gerandomiseerde gecontroleerde klinische studies. Complement Ther Med. 2021;;59:102679. doi: 10.1016/j.ctim.2021.102679. Epub 4 februari 2021. PMID: 33549687
- Donelli D, Antonelli M, Bellinazzi C, Gensini GF, Firenzuoli F. Effecten van lavendel op angst: een systematische review en meta-analyse. Phytomedicine. 2019; 65:153099. doi: 10.1016/j.phymed.2019.153099. Epub 26 sep. 2019. PMID: 31655395.
maandag, juni 23, 2025
Génepi, een mythische plant
Een merkwaardig plantje, dat ik een groot deel van mijn herboristenleven niet gekend heb, is de Génepi. Een plant en een drank die vooral bij de Alpenbewoners een grote reputatie had en nu nog steeds heeft.
Deze Artemisiasoort, verwant aan Alsem, Bijvoet en Dragon, groeit hoog in de bergen, meestal boven de 2000 m, dikwijls bij een andere mythische plant de Edelweiss. Ze groeien vooral op droge zonnige plekken, waarbij ze overdag zeer hoge en 's nachts zeer lage temperaturen moeten verdragen. Ze hebben zich dan ook helemaal aangepast aan de moeilijke omstandigheden door onder andere een sterke beharing op het blad te ontwikkelen. Om zich te beschermen tegen de wind blijven ze ook klein en zoeken beschutting achter keien en steengruis.Génepi en de koude
De Génepi, die zich zo goed tegen de kou kan beschermen heeft dan ook een grote reputatie tegen verkoudheid en zijn gevolgen. De ‘coup de froid’ noemden de bergbewoners deze aandoening. De betekenis en het gevaar van de 'coup de froid' is wel groter dan van een simpele verkoudheid zoals wij die in de lage landen kennen. Bij de extreme koude hoog in de bergen, de grote armoede en het geïsoleerd leven van vroeger was het levensgevaarlijk om verkouden te worden. Zoals door de montagnards werd gezegd: ‘ La chose dont on mourait le plus, c’est la poitrine, l’aggravation des coups de froid, ça donnait des pneumonies, des pleurésies, des choses très graves. En tegen de koude moest er warmte gebruikt worden. De weerstand moest verhoogd worden. We zouden dat nu kunnen vertalen, als het versterken van het immuunsysteem.
De soorten Génepi
Merkwaardig is ook dat onder de naam Génepi in verschillende valleien andere planten gebruikt werden. Het zijn voornamelijk Artemisiasoorten maar ook Achilleasoorten die bekend zijn als Génepi. De Alpenmensen weten dikwijls ook dat het verschillende soorten zijn maar ze gebruiken de plant die in hun vallei het meeste voorkomt. Ze spreken dan ook over Génepi jaune, Génepi noire, génepi male en génepi femelle om de verschillen aan te geven. De naam Génepi verwijst dan ook meer naar hun gelijkaardige medische werking dan naar hun botanische overeenkomst.
- Artemisia mutellina of umbelliformis is meestal bekend als Genépi blanc of jaune, wordt nu ook het meest gekweekt
- Artemisia génepi is Génepi noir.
- Achillea nana werd ook wel Genepi blanc genoemd, is ook bekend als Genpi batard, dus de bastaardgenepi.
- Verder worden ook Artemisia glacialis, Artemis spicata, Achillea atrata en Achillea moschata als Genépi gebruikt
Veel laaglanders, zal ik ze maar noemen, kennen wel de naam Génepi maar dan wel van de likeur. Het plantje zelf, vind ik regelmatig in de Franse Alpen in de buurt van hogere cols of op de crêtes. Maar ik wordt er ook mee geconfronteerd in de berghutten, waar het mij regelmatig aangeboden wordt. Ik moet dan ook oppassen, om niet dronken de bergen in te wandelen.
Génepi, mythische plant
Er is geen andere plant die zo een grote volkse reputatie heeft en toch zo weinig officieel onderzocht en herkend werd. Zelfs in de oude kruidenboeken vind je niets terug van de génepi. Het is pas in 1734 dat Lémery het vermeld als ‘le spécifique des fausses pleurésies’ en Fournier in 1947 schrijft dat het lang gebruikt werd dor de bergbewoners ‘pour provoquer la sudation dans les maladies aiguës’.
Génepi is hét voorbeeld van een mythische plant, die thuis hoort bij de bergbewoners en door hen alleen gevonden en gebruikt werd. Een plant met een symbolische, bijna sacrale betekenis. Een plant met een geheim dat alleen ingewijden kennen. ‘Le génepi, c’est différent des autres plantes’. Vous savez le genépi, il faut le connaitre pour le trouver’. En inderdaad, voor de génepi moet je lichamelijk en geestelijk fit zijn om hem te vinden en te gebruiken. Génepi vraagt dat je een natuurlijk ritueel ondergaat.
Bronnen en referenties
- Rivière-Sestier. Remèdes populaires en Haut-Dauphiné. Delcour Denise. Plantes et gens des Hauts. Cahier de Salagon 9. Op zoek naar de génepi en andere rituele planten. Info: www.herboristen.be / maurice godefridi
- https://sites.google.com/site/kruidwis/kruiden-planten-van-a-tot-z/artemisia-species-g%C3%A9n%C3%A9pi
donderdag, juni 19, 2025
Monografie: Achillea millefolium
Duizendblad heeft een 2000 jaar oude traditie als medicinale plant en wordt op diverse manieren gebruikt vanwege zijn krampstillende, ontstekingsremmende en spijsverteringsbevorderende eigenschappen.
Botanie / Plantkunde
Duizendblad is een meerjarige plant uit de madeliefjesfamilie met een kruipende wortelstok en bereikt een hoogte van 20-80 cm. De twee- tot drievoudig geveerde, diep ingesneden bladeren geven de plant zijn botanische naam, millefolium. Talrijke kleine bloemhoofdjes vormen dichte, witte tot lichtroze schermbloemen. Het geslacht wordt als zeer divers beschouwd en omvat, afhankelijk van de taxonomische classificatie, ongeveer 85-140 soorten (waaronder A. ptarmica en A. nobilis). Als stikstofminnende plant die voorkomt in weilanden, op taluds en langs wegen, is het bijna overal te vinden, Kenmerkende eigenschappen om het te onderscheiden van gelijkende soorten zijn de typische geur die vrijkomt wanneer de fijn geveerde bladeren worden gekneusd.Geschiedenis en traditie
Al sinds de oudheid wordt duizendblad gewaardeerd als een kruid met wondhelende eigenschappen. Plinius de Oudere noemt millefolium / achilleos expliciet als een middel tegen wonden en verbindt de naam met de Trojaanse held Achilles. Plinius noemt ook blaasproblemen, astma en tandpijn als toepassingen. In laat-antieke compilaties zoals Plinius 'Medicina Plinii' en het kruidenboek van Pseudo-Apuliëus (rond 400 na Chr.) zijn aanbevelingen te vinden voor het kauwen van de bladeren tegen tandpijn, voor afkooksels tegen nierstenen en voor het aanbrengen van kompressen op verse wonden.
In de Lorsch-farmacopee (rond 800) komt de plant voor in recepten die variëren van eenvoudige middelen tegen neusbloedingen tot liturgisch geïnspireerde geneesmiddelen tegen epilepsie. In de 12e eeuw noemt Hildegard von Bingen, in haar Rijnlands-Frankische dialect, duizendblad "garwa", classificeert het als "warm en matig droog" en beveelt het aan bij buikpijn en "inwendige wonden, wat een aanzienlijke uitbreiding van het gebruik was, van een eenvoudig wondkruid naar inwendige toepassing.Aan het einde van de 15de eeuw wijdden alle drie de kruidenboeken van Mainz een hoofdstuk aan duizendblad (Herbarius, Gart der Gesundheit, Hortus sanitatis). In de 16de eeuw verscheen het in de werken van Leonhart Fuchs, Hieronymus Bock en Adam Lonitzer; in de praktische literatuur was het al lange tijd een vast onderdeel van de dagelijkse praktijk van chirurgen. De kruidenboeken uit de late Renaissance beschreven het gebruik ervan voor een breed scala aan aandoeningen, van bloedingen (waaronder aambeien) en maag- en gynaecologische klachten tot krampachtige pijn. Tabernaemontanus biedt waarschijnlijk het meest uitgebreide hoofdstuk, dat ongeveer acht gedrukte pagina's beslaat.
De 16e eeuwse plantenkundige en arts Rembert Dodoens, gaf in zijn beroemde ‘Cruydtboeck’ uit 1554 het belang van duizendblad goed weer: ‘Achillea ghestooten sonderlinge het opperste van de bladeren ende bloemen op de bloedighe wonden gheleyt stelpt het bloeyen ende bewaert, so oft beschermt se van alle verhittinghe, swillinghe oft sweeringhe ende heelt se seer haest. Sy doet den bloedtloop ophouden.’
Georg Ernst Stahl beschrijft de plant in zijn systematische farmacopee (Materia medica, 1731) als "bescheiden, maar uitstekend". In de 20e eeuw vatte Gerhard Madaus het medisch gebruik van duizendblad goed samen: werkzaam bij het stelpen van bloedingen, wondgenezing en de behandeling van maag-, urineweg- en gynaecologische aandoeningen.
Inhoudsstoffen en farmacologie
De officiele aanduiding 'Millefolii herba' verwijst naar de gedroogde bloeitoppen. Het kenmerkende ervan is de etherische olie (ongeveer 0,1–1,4%) die mono- en sesquiterpenen bevat (bijv. α/β-pineen, sabineen, 1,8-cineol, kamfer, β-caryofylleen, germacreen D). Proazulenen veranderen tijdens stoomdestillatie tot chamazuleen, wat de soms diepblauwe kleur van deze oliën verklaart.
Het wetenschappelijk onderzoek heeft de werking van de azulenen opgehelderd (Ruzicka e.a.), proazulenen in duizendblad gedetecteerd (Egon Stahl) en azuleenvormende verbindingen systematisch geïdentificeerd (Thieme). Verder werd de bittere fractie gekarakteriseerd en de chemotypische variabiliteit ervan gedocumenteerd. Achilline werd geïdentificeerd als een relevante guaianolide bittere verbinding.
Daarnaast bevat Achillea millefolium sesquiterpeenlactonen (bittere stoffen), flavonoïden (apigeninederivaten, rutine...) en tannines (looistoffen). Vooral belangrijk voor polaire preparaten zijn dicaffeoylquininezuurderivaten (3,4-/3,5-/4,5-DCCA) en luteoline-O-β-D-glucuronide, dat choleretische effecten vertoont in levertesten. Farmacologisch gezien ondersteunen de spasmolytische effecten op gladde spieren en de ontstekingsmodulerende eigenschappen de traditionele indicaties.Huidige officiele status
De HMPC van het EMA vermeldt duizendblad als een traditioneel kruidengeneesmiddel voor de volgende gebieden:
- Verlichting van milde, krampachtige maag-darmklachten (waaronder een opgeblazen gevoel).
- Verlies van eetlust
- Verlichting van lichte menstruatiekrampen (dysmenorroe)
- Uitwendig gebruik op kleine, oppervlakkige wonden.
Praktische toepassing
- Inwendig gebruik (thee / infusie): De dosering is afhankelijk van de indicatie.
- Bij gebrek aan eetlust en bij maagklachten: 1,5–4 g fijngesneden kruid per 150–250 ml kokend water, 3–4 keer per dag tussen de maaltijden.
- Bij menstruatiekrampen: 1-2 g per 250 ml, 2-3 keer per dag. Laat het altijd 10-15 minuten afgedekt trekken om te voorkomen dat de etherische oliën verdampen.
- Inwendig gebruik (tinctuur / extract): Als bitter of "vrouwelijk" bestanddeel; voor afgewerkte geneesmiddelen is de dosering volgens de bijsluiter bepalend. De huidige HMPC-monografie uit 2020 omvat ook droge waterige extracten.
- Uitwendig gebruik: 3-4 g van het kruid in 250 ml als infusie voor kompressen, spoelingen of zitbaden bij kleine, oppervlakkige wonden of (traditioneel) aambeien, 2-3 keer per dag.
De smaak is uitgesproken bitter en aromatisch. Het wordt beter verdragen in theemengsels met echte kamille, citroenmelisse of venkel. Bij een opgeblazen gevoel zijn combinaties met anijs, karwij en venkel effectief; bij menstruatiekrampen zijn mengsels van duizendblad, vrouwenmantel en zilverschoon nuttig.
Kruidenmengsels
- Spijsvertering / bittertonicum: met absint, gele gentiaan, duizendguldenkruid en duizendblad.
- Bij gal-gerelateerde dyspepsie traditioneel gemengd met paardenbloem of artisjok.
- Krampstillend als “vrouwenmiddel”: met vrouwenmantel, zilverschoon en echte kamille
- Wonden / Uitwendig, topische toepassing (traditioneel): met goudsbloem, smalle weegbree en andere.
Kwaliteit en voorbereiding
Een verhouding van 10-25% is effectief gebleken in theerecepten. Voor tincturen zijn extracten met een verhouding van 1:5 en 45-55% ethanol gangbaar geworden, omdat deze zowel lipofiele (oliecomponenten) als hydrofiele bestanddelen (flavonoïden, fenolzuren) bevatten.
Veiligheidsvoorschriften
- Allergieën: Zoals gebruikelijk bij Asteraceae, zijn contact- of kruisallergieën mogelijk (overgevoeligheid voor sesquiterpeenlactonen).
- Contra-indicaties: Galwegstimulerende middelen mogen niet worden gebruikt bij actieve galwegobstructie. Wees voorzichtig bij gebruik in geval van maagzweren. Al kunnen kleine hoeveelheden kruidenthee juist genezend werken bij maagzweren.
- Zwangerschap / Borstvoeding: Vanwege de traditionele menstruatiebevorderende werking wordt inwendig gebruik tijdens de zwangerschap afgeraden.
- Interacties: Theoretisch gezien zouden interacties met andere medicijnen mogelijk zijn via de invloed van oliecomponenten op het cytochroom P450-systeem maar klinisch gezien zijn deze nauwelijks relevant.
Conclusie
Duizendblad combineert een rijke traditie met een inmiddels goed begrepen therapeutisch profiel. Als een robuust kruid met meerdere bestanddelen in de Europese geneeskunde, blijkt het, vaak onopvallend langs de weg groeiend, uitstekend effectief te zijn in de fytotherapeutische praktijk, vooral dan in goed samengestelde kruidenmengsels.
Literatuur
donderdag, juni 12, 2025
Over Sint-Janskruid en het maken van sintjansolie
Sint-Janskruid (Hypericum perforatum) staat vooral bekend om zijn antidepressieve, stemmingsverbeterende en angstverminderende werking. Nadat deze effecten zo'n 30 jaar geleden wetenschappelijk bewezen waren, werd het kruid een bestseller. Preparaten van sint-janskruid behoren nu tot de bestverkochte kruidengeneesmiddelen. Volgens recente studies zijn extracten van sint-janskruid in hoge doseringen even effectief als synthetische antidepressiva bij de behandeling van milde depressie – maar in tegenstelling tot deze middelen worden ze over het algemeen veel beter verdragen.
De hoge dosering die nodig is voor de behandeling van depressie kan niet worden bereikt met zelfgemaakte sint-janskruidthee of door sint-janskruidolie aan te brengen. Hiervoor zijn geconcentreerde, commercieel verkrijgbare medicijnen nodig. Bovendien dient de behandeling van depressieve stoornissen altijd onder toezicht van een specialist plaats te vinden. Preparaten van sint-janskruid mogen daarom alleen worden gebruikt zoals voorgeschreven door een arts. Bij hogere concentraties sint-janskruid kunnen ook bijwerkingen en interacties met andere medicijnen optreden.
… maar ook zeer geschikt voor wondgenezing
Maar sint-janskruid werd niet alleen in de middeleeuwen gebruikt; zelfs in de oudheid werd het beschouwd als een belangrijke plant voor wondverzorging. Het bloedrode sap dat vrijkomt wanneer de gele bloemen worden geplet, werd volgens de signaturenleer geassocieerd met bloed. De beroemde arts Paracelsus (1493-1541) prees ook de wondhelende eigenschappen van sint-janskruid. Sint-janskruidolie, ook wel rode olie genoemd vanwege de kleur, werd toen al gebruikt.
Wie in de middeleeuwen sint-janskruidolie wilde produceren, deed dat met een methode die nauwelijks verschilt van de huidige olieproductie, zoals te lezen is in de instructies van de arts Pietro Andrea Matthioli (1500-1577) in zijn beroemde Nieuwe Kreüterbuch: "Bloemen hebben een uitstekende helende werking op wonden; maak er als volgt olie van: Doe verse bloemen in een glazen pot, giet er olijfolie overheen, sluit de pot af en zet hem in de zon. Laat het een paar dagen staan. Zeef vervolgens de olie, knijp de bloemen goed uit en voeg meer bloemen toe. Zet de pot opnieuw in de zon, knijp ze weer uit en voeg meer bloemen toe. Herhaal dit een aantal keer achter elkaar. Vermaal tot slot de peulen met de zaden en doe die ook in de olie. De olie krijgt dan een prachtige bloedrode kleur." (Pietro Andrea Matthioli (1500 – 1577), Nieuw Kreüterbuch)
Onze voorouders hadden werkelijk een wonderbaarlijk geneesmiddel ontwikkeld, want sint-janskruidolie bevordert wondgenezing, vermindert ontstekingen, is antibacterieel, antiviraal en pijnstillend. Het is bijvoorbeeld nuttig als wrijfmiddel bij gewrichts- en spierpijn, maar ook bij kneuzingen, contusies, verstuikingen, luxaties en hematomen. Het wordt ook gebruikt bij zonnebrand, zenuwpijn, lumbago, doorligwonden, littekens en eczeem.
Wetenschappelijke commissies bevestigen ook het uitwendige gebruik ervan voor de behandeling van lichte huidontstekingen zoals zonnebrand en kleine wondjes (HMPC, ESCOP, WHO), evenals scherpe en stompe verwondingen, spierpijn en eerstegraads brandwonden (Commissie E). Het hoort daarom thuis in elke huisapotheek!
Het zelf maken van sint-janskruidolie is niet moeilijk. Om er echter voor te zorgen dat de olie zijn geneeskrachtige eigenschappen volledig kan ontwikkelen, moet u wel op de volgende punten letten.
Sint-janskruidolie maken: Toch niet te lang in de volle zon!
Recente studies hebben aangetoond dat er enkele fouten worden gemaakt bij de traditionele productie van sint-janskruidolie, die negatieve gevolgen kan hebben. Zo werd de olie met sint-janskruid vroeger vier weken lang in de volle zon bewaard. Tegenwoordig is bekend dat het belangrijke actieve bestanddeel hyperforine afbreekt in zonlicht. Hyperforine is een van de belangrijkste bestanddelen van sint-janskruid en is grotendeels verantwoordelijk voor de antibacteriële, ontstekingsremmende en wondhelende werking van de olie. Hypericine of zijn positieve afbraakproducten blijft mogelijk wel intact.
Maar ook de basisolie zelf, waarin het sint-janskruid wordt getrokken, lijdt onder zonlicht. Direct zonlicht, in combinatie met contact met zuurstof, leidt tot versnelde afbraakprocessen in de olie. Daardoor wordt de olie instabiel en neemt de houdbaarheid af. Tests hebben aangetoond dat stabiele olijfolie, die zonder toegevoegde kruiden in de zon wordt bewaard, al na 2-3 dagen ranzig wordt.
Overigens is het het sint-janskruid zelf dat voorkomt dat de gearomatiseerde olie voortijdig ranzig wordt: de actieve bestanddelen van het sint-janskruid trekken in de olie en beschermen deze tegen oxidatie. Dit is de reden waarom olijfolie zonder kruiden zo snel ranzig wordt bij blootstelling aan zonlicht en zuurstof, terwijl olie met kruiden dat niet doet. Hoe langer de olie met kruiden echter aan zonlicht wordt blootgesteld, hoe meer de actieve en beschermende stoffen afbreken.
Als je sint-janskruidolie wilt maken, let dan op: als het olie-infuus 4-6 weken in de zon staat, zal het gehalte aan actieve bestanddelen in de sint-janskruidolie laag zijn en de houdbaarheid relatief kort! Laat het olie-infuus daarom nooit langer dan 3-6 dagen in direct zonlicht staan!Om blootstelling aan zonlicht te minimaliseren, kunt u de olie-infusie het beste bereiden in bruin of blauw glas in plaats van helder glas. Als u geen andere optie heeft dan een heldere glazen container te gebruiken, dek deze dan af met een katoenen doek of plaats hem op een warme, schaduwrijke plek in plaats van in direct zonlicht. Interessant genoeg deden onze voorouders in de Middeleeuwen het wél goed: ze plaatsten hun sint-janskruidolie in de volle zon, maar wel in ondoorzichtige aardewerken potten.
Gebruik verse sint-janskruid, want het belangrijke actieve bestanddeel hyperforine gaat verloren tijdens het drogen. Bovendien bevindt het grootste deel van de hyperforine zich niet in de bloemen, maar in de groene zaaddozen. Zorg ervoor dat zoveel mogelijk verschillende delen van de plant in de olie terechtkomen, aangezien elk plantendeel specifieke actieve bestanddelen bevat: de bladeren leveren etherische olie, de bloemen en vooral knoppen bevatten het rode pigment hypericine en flavonoïden, terwijl de groene zaaddozen het ontstekingsremmende hyperforine leveren. Het is daarom het beste om de gehele bovenste 20 cm van de plant te gebruiken, zodat bloemen, knoppen, bladeren en groene zaadkapsels daadwerkelijk in de olie terechtkomen.
Sint-Janskruidolie maken
- 500 ml olijfolie
- 100 g verse sint-janskruid (Hyperici herba)
- 5-10 druppels etherische lavendelolie
Doe de fijngehakte kruiden in de olijfolie en laat het trekken in een warme, donkere kom. Een temperatuur tussen 30 en 40 °C is ideaal. Roer de olie tijdens het trekken een aantal keer per dag om ervoor te zorgen dat de actieve ingrediënten goed worden opgenomen. Zeef de olie na 3-6 dagen en voeg de etherische lavendelolie toe. Bewaar in donkere flessen (bruin of blauw glas).
Bewaartijd
Sint-janskruidolie heeft een houdbaarheid van ongeveer 9 maanden, waarna vooral de hyperforine snel afbreekt.
Lichtgevoeligheid
In tegenstelling tot inwendig gebruik van sint-janskruidextracten (inname), zal over het algemeen uitwendig gebruik van sint-janskruidolie op de huid de lichtgevoeligheid (fotosensibilisatie) niet verhogen. Fotosensibilisatie is echter theoretisch mogelijk bij mensen met een zeer lichte huid en/of huidaandoeningen. Vermijd daarom direct zonlicht op het behandelde gebied na het aanbrengen!
Wees voorzichtig bij het filteren.
Verse sint-janskruid heeft een hoog watergehalte, wat bij onjuiste behandeling de houdbaarheid van de olie kan verkorten of zelfs tot schimmelvorming kan leiden. Om de infusiecontainer te beschermen tegen vreemde stoffen, dient deze daarom alleen afgedekt te worden met een ademend materiaal, zoals een vliegengaas of een wattenschijfje. Hierdoor kan overtollig water uit de olie verdampen. In hermetisch afgesloten containers vormt zich condens dat terugvloeit in de olie.
Bij het filteren van de gearomatiseerde olie dus liefst de plantenresten niet uitpersen, zodat het watergehalte in de olie niet te hoog wordt. Giet in plaats van uit te persen de gearomatiseerde olie, samen met het kruid, in een grote, fijne zeef zodat de olie er gedurende enkele uren doorheen kan druppelen. Knijp vervolgens het sint-janskruid boven een andere bak uit. Gebruik deze geperste olie van mindere kwaliteit zo snel mogelijk, omdat de houdbaarheid ervan snel afneemt.
Literatuur
- https://sites.google.com/site/kruidwis/kruidenmonografie-a-z/hypericum-perforatum-l
- Fytochemische karakterisering van olie-extracten – efficiëntie en kwaliteit van de extractie. 2007; Fytochemische karakterisering van olie-extracten – efficiëntie en kwaliteit van de extractie | ediss.sub.hamburg (uni-hamburg.de)
- Wölfle U, Seelinger G, Schempp CM. Topische toepassing van sint-janskruid (Hypericum perforatum). Planta Med 2014; 80: 109-120.
- M Heldmaier 1, J Beyer-Koschitzke, E Stahl-Biskup, Olie-extracten van kruidengeneesmiddelen – optimalisatie van de extractieparameters. Pharmazie 2009; 64:403-6. PMID: 196186709
zondag, juni 01, 2025
Maagdenpalm
't Is of bij deze plant de teere fijne bloemkroon, zachtblauw van kleur, en bij de minste aanraking afvallend, ja ook zonder stootje van buiten al gauw loslatend van haar vijfslippig kelkje, niet recht past bij de stevige, soliede, altijd groene bladeren, die aan buxus doen denken en in hun gladde lederachtigheid een beeld zijn van duurzaamheid en krachtig weerstandsvermogen. Dit citaat uit het werk van het in vrije liefde levende paar Frederica van Uildriks en Vitus Bruinsma uit 1898 doet wel wat. Het is een sensuele beschrijving van een vrij gewoon plantje, de maagdenpalm of Vinca minor.
In de tuin woekert de kleine maagdenpalm volop en zonder ingrepen zou ze de omliggende tuinen ook annexeren. Dus ja, ondanks de onschuldig klinkende Nederlandse naam is de maagdenpalm een wel-lustig groeiende plant.
De Nederlandse naam verwijst naar oude gebruiken. Takjes maagdenpalm werden vroeger gevlochten tot een krans voor op het hoofd van jonge meisjes, onder andere bij huwelijken. Ook jonggestorven kinderen en overleden maagden kregen een dergelijke krans op het hoofd om hen te beschermen tegen de duivel en andere boze geesten. De term palm verwijst naar het altijdgroene blad van de plant, die in het Duits daarom ook toepasselijk Immergrün heet. En daarmee staat de maagdenpalm symbool voor het eeuwige leven.
In de Flora Batava wordt de kleine maagdenpalm als in het wild voorkomend beschreven, vooral in bossen bij buitenplaatsen. De soort is al ver voor 1500 vanuit het Middellandse Zeegebied in Nederland en België ingevoerd, en geldt daarmee als ingeburgerd. Ze is een stinzenplant, een op cultuurhistorische plekken verwilderde. vroegbloeiende plant. Oudere botanische literatuur, zoals het kruidenboek van Dodoens uit 1544, beschrijft vooral een medicinaal gebruik bij bloedingen en overmatige menstruatie.
Vinca minor lijkt in zijn eigenschappen veel op die van Ginkgo biloba en wordt vaak samen met deze plant gecombineerd. Hij verhoogt mogelijk de hersendoorbloeding en stimuleert de stofwisseling van zenuwcellen, waarbij de werking van de neurotransmitters wordt verbeterd. Dit alles leidt tot een verbetering van de hersenfuncties.
Vinca minor bevat indolalkaloïden, waaronder vincamine, vinpocetine, apovincamine, vintoperol, vincarubine en anderen. Vinca minor kn mogeljk de bloedcirculatie in de hersenen verbeteren en aldus goed werken bij onder andere alzheimer, dementie, concentratieproblemen, , beroerte, tinnitus (oorsuizen) en duizeligheid. Van Vinca minor bevattende preparaten wordt verder geclaimd dat deze werken bij menorragie (overmatige menstruele bloeding), wondheling van verbrande ogen, ter voorkoming van glaucoom en ter vermindering van atherosclerotische plaque.
In de middeleeuwen schijnt Vinca minor gebruikt te zijn tegen hoofdpijn, duizeligheid en geheugenstoornissen. Als bijwerkingen zijn maagdarmklachten en rood aanlopen beschreven. Sommige handboeken vermelden dat overdosering een ernstige bloeddrukdaling tot gevolg zal hebben. Er zijn echter geen gevallen van overdosering beschreven. In een aantal handboeken wordt Vinca minor als giftig geclassificeerd. Van de actieve stoffen staat in de geraadpleegde bronnen het meest vermeld over vincamine en vinpocetine. Over vincamine staat vermeld dat het vasodilaterend werkt, en dat inmiddels diverse producten zijn geregistreerd die vincamine bevatten, met als belangrijkste toepassing stimulatie van de bloedsomloop in de hersenen. Van vincamine wordt ook geclaimd dat het een ondersteunende werking op het metabolisme in de hersenen heeft, door bevordering van de bloedtoevoer naar de hersenen en het bevorderen van zuurstof en glucosegebruik. Daarnaast zou vincamine cognitieve functies ondersteunen en het geheugen en de concentratie verhogen.
Er zijn niet veel gegevens over de toxiciteit van vincamine. Acuut is het weinig toxisch (orale LD50 in de muis is 1000 mg/kg lg). Gegevens over de chronische toxiciteit ontbreken. Volgens informatie op de internetsite van de FDA betroffen de ingediende toxiciteitstudies in de toelatingsprocedure van vincamine hoofdzakelijk intraveneuze toediening, die maar beperkt bruikbaar zijn voor het vaststellen van de veiligheid na orale opname via voedingsmiddelen. Naast dierstudies waren ook gegevens beschikbaar na intraveneuze toediening van vincamine aan gezonde vrijwilligers. De gerapporteerde bijwerkingen in deze studies waren onder andere fibrillatie, braken, bradycardie, flauwte, trombose in een ader in de arm en tinnitus.
Enigszins in tegenspraak met enkele van de claims, wordt er op etiketten van vincamineproducten vaak gewaarschuwd het niet te gebruiken bij hersenaandoeningen, bij een geschiedenis van hartaanvallen, aritmieën, beroertes of verstoring van de elektrolytenbalans. Bovendien wordt aangeraden het in geval van lage of hoge bloeddruk alleen te gebruiken op advies van een arts, de inname te verminderen of te stoppen bij het optreden van misselijkheid, het niet te gebruiken tijdens zwangerschap, borstvoeding of onder de leeftijd van achttien jaar.
zaterdag, mei 24, 2025
Mucuna tegen Alzheimer
- Reddy VB, Iuga AO, Shimada SG et al. Door Mucuna veroorzaakte jeuk wordt veroorzaakt door een nieuw cysteïneprotease: een ligand van protease-geactiveerde receptoren. J Neurosci 2008; 28(17): 4331-4335
- Lampariello LR, Cortelazzo A, Guerranti R, et al. De magische fluweelboon van Mucuna pruriens. J Traditioneel Aanvulling Med 2012; 2(4): 331-339
- Latte KP. Mucuna pruriens. Portret van een medicinale plant. Tijdschrift voor Fytotherapie 2008; 29(4): 199-206
- Chopra AS De behandeling van de ziekte van Parkinson vanuit het perspectief van de Ayurvedische geneeskunde. Empirische geneeskunde 2021; 70(06): 322-327













